Mahangu Plane deine nächste Reise gemeinsam mit Freunden und verwalte Reisedokumente. Erstelle kostenlosen Reiseblog und lade Fotos und Videos hoch. Fasse die Höhepunkte deiner Reise in einem Film zusammen. Einfachheit die besticht, absolute Privatsphäre und keine Limiten für Fotos oder Videos.

Trip North America North America 13.06.2017 - 10.09.2017   Alaska - Canada - Montana - Idaho - Wyoming - Utah - Arizona - Nevada - California. Pieter Vancaillie (BE) Judith Mahieu (BE)
Kanada USA

North America

Folgen

Alaska - Canada - Montana - Idaho - Wyoming - Utah - Arizona - Nevada - California.

Means of Transport
Auto Zu Fuss Flugzeug
  • 13Jun 2017

    1 Anchorage 13.06.2017 USA —

    Anchorage, USA

    Beschreibung

    Een reisdagboek van 3 maanden in Noord-Amerika. We legden 8500 miles, zo'n 14 000 km af met een GMC SUV.
    We doorkruisten 28 parken waarvan 16 in de Verenigde Staten en 12 in Canada.
    We bewandelden 44 paden waarvan 8 meerdaagse.



    13/06: Ik ben wakker om 6:30 uur. Broer komt een knuffel geven. Ik vraag om af en toe een mail te sturen. Ik ben zenuwachtig en vergeet de broodjes die ik al gemaakt had voor onderweg. We halen zus op onderweg. Judith, haar ouders en Esther staan te wachten aan de Kiss & Ride. Iedereen komt mee naar het perron. We geven iedereen een knuffel. Ik laat een traantje bij mama. We versteken kleren in elkaars rugzakken in de trein moest er één niet mee zijn met de vluchten. We gaan vlot door alles in Zaventem. We nemen een mini vliegtuigje van Lufthansa naar Frankfurt. 2x2 rijen. Het is maar een uur vliegen, korter dan dat we op de trein gezeten hebben. Er is veel turbulentie bij het landen. Ik roep “hou hem recht he”. In Frankfurt snel naar B1, dat is de algemene wachtzaal van de B vleugel. We moeten terug en door de paspoortcontrole om aan de juiste gate te geraken. We checken in. Ze vragen of we een vlucht uit de U.S.A. hebben, gelukkig hebben we dat al geboekt, anders konden we niet vertrekken. De Boeing 767 is te laat geland en defect. 2 uur vertraging. Het is een breder vliegtuig van Condor. 2x3x2 stoelen. We zitten naast elkaar in de middengang. We krijgen gratis films ter compensatie. We kijken naar Manchester By The Sea en Batman vs Superman met ondertitels. Weinig beenruimte. Ik verleg me eens naar een vrije plaats naast een raam en slaap twee uur. Ze brengen twee keer eten, een beetje van alles. We vliegen over Denemarken, Noorwegen, Groenland en noordelijke zee. De top van Mount Denali gezien een uur voor het landen. Wow! Gigantisch. De paspoortcontrole duurt een tijdje. Er worden een paar vragen gesteld. We moeten vingerafdrukken en een foto laten nemen. Er staat een opgezette ijsbeer in de inkom hall. We wandelen een stukje tot de bushalte. Op een bankje zegt Judith “Ik ben beu gereisd” haha. We stappen af op het kruispunt van Spenard en 36 Avenue. We wandelen tot Eureka Street, dan linksaf en rechtsaf. Daar ligt het hostel. Schoenen uit. Zwarte mens aan de receptie is praatgraag. Werkte vroeger op schepen van het leger. Begon al meteen over politiek. Walmart dichtbij. Te moe. We zullen morgen gaan. Als een blok in slaap na 24 uur wakker te zijn.

    14/06: Mevrouw in de kamer naast ons hoest luid. Niet kunnen doorslapen. Douche en naar Walmart om ontbijt. Geen SIMkaart. Is te duur. Om 10u komt ene Darin waarmee we gemaild hebben via Craigslist. Andere persoon, die 2 auto's heeft op de website heb ik nog proberen te bellen maar hij neemt niet op. Darin daagt gelukkig wel op. Het ziet er een sjieke, kleine SUV uit. Ik pas perfect in de koffer als de achterbank plat ligt. Hij begint alles uit te leggen. Ik let op het dashboard, geen rode lichtjes: goed! Krijg wat uitleg. Er is veel anders. Pook om in R(everse), D(rive), P(ark) te gaan rechts onder stuur, ander handremsysteem, automatic dus geen ontkoppeling, moet rem en gas bedienen met enkel rechtervoet. Linkervoet mag rusten. Laat hem eerst een stukje rijden en rij dan zelf tot de Walmart. We leggen hem en z'n vriend uit dat we 4 bankkaarten hebben om geld af te halen. De ATM geeft enkel 20 dollar briefjes. We hebben er meer dan 80 afgehaald dan zijn de kaarten op. We proberen om via de kassa aan meer geld te geraken maar dat lukt niet. We gaan dan naar de balie van Wells Fargo bank. Het lukt om de laatste 300$ te krijgen. We tellen alles na in de auto: 2500 dollar. Check! Fieuw nog nooit zoveel geld op zak gehad. We rijden naar de DMV. Darin is er nog nooit geweest. Hij en z’n vriend zijn van Juneau. Daar is alles veel kleiner. Hij moet het onderste van de titel aan de receptie geven. Ik moet een extra formulier invullen. De vriend van Darin moet werken om 13 uur in de Walmart dus voert Darin hem eerst. Judith gaat mee. Het duurt een tijdje vooraleer ze terug zijn. Ik moet 15 dollar betalen om een nieuwe titel te laten maken. Judith heeft het geld bij. Ik moet dus wachten en een nieuw nummer trekken. Fuck het duurt lang voor ze terug zijn… Mijn nieuw nummer komt ook aan de beurt. Ik leg de situatie uit en Judith en Darin zijn daar plots. Oef! De DMV doet moeilijk over het adres: dat moet in Alaska zijn. Ik geef het adres van het hostel en ze doen er niet moeilijk over. Darin toont erna op de parking de motor onder de kap. Waar de olie en sproeivloeistof bijgevuld moeten worden en waar de batterij zit… Hij rijdt naar waar hij moet zijn en we nemen afscheid. We gaan naar Justin Goodman van State Farm, een verzekeringsmaatschappij. Bryan helpt ons in zijn kantoortje aan een autoverzekering. Hij werkt er nog maar 2 weken. Het is niet zo duur. Yes, alles is geregeld. Judith rijdt ook nog eens met de auto aan het hostel. We eten eitjes met toast en bacon. Alles loopt gesmeerd!! Slaapwel!

    15/06: Gebeld met mama en wakker gelegen. Lukt niet om te slapen. Jetlag of niet donker genoeg? We nemen een douche en gaan ontbijten. Alles uit de frigo moet op! De honingboter steekt tegen. Een oudere Duitse meneer vraagt in de keuken of we een universele adapter hebben. Ik ga om de adapter die Judith van haar baas gekregen had. Hij vertelt dat het z’n 13e keer is in Alaska. Hij houdt van flyfishing, Angelen auf Deutsch. Z’n familie komt volgende week en hij knapt z’n RV op voor ze komen. Hij moet vandaag ook naar de DMV en State Farm. Wat een toeval. Zijn RV staat ook op het adres van het hostel haha! Het is leuk om Duits te spreken. Hij zegt dat ik geen accent heb. Hij zal wel gewoon vriendelijk willen zijn. We leggen onze spullen achteraan in de auto en we vertrekken. We rijden richting het zuiden. We komen op de Highway. Plots steekt er een moose de straat over!! Whoa wat een beest. Gigantisch! Op z’n dode gemak stapt hij over de vangrail. De bordjes liegen hier niet. We rijden langs de zee-inham Knikarm Inlet. Fantastisch zicht. We stoppen aan Beluga Point. Geen walvissen te zien. We rijden verder tot de Bird Ridge Trailhead. We moeten 5 dollar betalen om er te parkeren. Het is een systeem met een enveloppe die in een bus moet en een afgescheurd stuk dat op ons dashboard komt. We vertrekken met redelijk veel water en we roepen om elke hoek “Hey bear, ho bear”. We gaan door het bos. Zijn beetje bang. Conditie is niet zo goed. Het stijgen gaat moeilijk. Na 2 uur worden we beloond met een prachtig zicht op het schiereiland Kenai Peninsula. We gaan nog even verder tot we ook de achterliggende bergen van Chuchag State Forest zien. We komen plaatselijke lopers. Zijn vriendelijk. We dalen terug. We zien een Ptarmigan vogeltje, heel schuw. Eens terug op de parking beslissen we om terug te vertrekken richting noorden. De Duitser van het hostel had nog verteld over een rivier die uitkwam naast het dorp Cooper Landing. Er zou zalm tegen stroming zwemmen om terug te keren naar hun paringsgebied. Dit is nog twee uur rijden en we moeten dan nog terug. We gaan dus terug van waar we kwamen. We rijden voor een laatste keer door Anchorage richting Eagle river. Ik vul tank bij na binnen te vragen hoe de pomp precies werkt. In de Walmart in Eagle River halen we een licht matrasje voor in de auto, eigenlijk een topper om op een matras te leggen en twee kussentjes. We rijden door en slaan af richting Eklutna Lake. Opnieuw een traag baantje. Op de parking moeten we betalen. Zelfde systeem als bij Bird Ridge Trail. We hebben niet genoeg cash. We wandelen naar het meer en nemen een foto. Geen Twin Peaks Trail. We rijden terug. Ik ben enorm moe. We stoppen op een stuk weg nadat we een moose dichtbij links gezien hebben. Hij liep helling naast de weg af door lang gras. Ik verfris me in een riviertje en slaap een uurtje. Judith zou graag nog doorgaan. We vertrekken weer. In Wasillla halen we wat te eten in de Fred Meyer. Lijkt een beetje op de Walmart maar ze hebben nog meer. De yoghurt smaakt. Judith rijdt ook een stuk. De banen zijn hier echt breed en mensen houden afstand.

    Kommentare

  • 17Jun 2017

    2 Denali National Park 17.06.2017

    Willow

    Beschreibung

    We stoppen aan een verwaarloosde stop. De WC’s zijn vuil! Het uitkijkpunt van de Chulitna River is overgroeit met struiken. Ik vind er wel een oude BBQ. Ik verzamel droog gras en probeer de magnesiumstick. Het lukt om vuur te maken met behulp van deodorant. We warmen water en maken noodles. De sausjes zijn pikant! We eten er mais bij die in een soort pap zit. Wennen, is nog lekker. Trek foto van plakkaat, hier start een trail, de East-West Express Trail. Daarna trekken we ons terug in de auto. We zijn alleen op de stop. Judith mept nog 5 muggen, ik 3. Topper ligt niet zo goed. Hard.

    16/06: Slaap een beetje. Judith bijna niet. Rijden verder richting noorden. Stoppen aan Denali Viewpoint South. De grootste berg van Noord Amerika zit in de mist. Wel mooi zicht van de lange keten. Passeren Byers Lake. Doet belletje rinkelen. Maakt deel uit van Kesugi Ridge Trail. We stoppen aan Ermine Hill Trailhead. Vertrekken met het idee om enkel Ermine Hill te beklimmen maar wil eigenlijk kamperen en groter stuk van de trail doen. Judith zit ermee in omdat we geen slaapzakken hebben. Na discussie keren we terug. Nemen dikste pulls, extra sokken, muts, sjaal en een stuk van de matrastopper mee. Gaan voor 2e keer door bos langs meertje. Stijgen. Fluit af en toe op fluitje dat ook kompas is om te laten weten aan beren dat we hier zijn! Komen boven boomgrens en stijgen langs meertje. Zijn aan Ermine Hill. Het stelt niet veel voor. Laten zakken achter en klimmen naar boven tot we meer zicht hebben. Zien de bergketen en het achterlandschap vol bomen. Eens terug aan zakken is het nog 21km tot Little Coal Creek Trailhead. Ons eindpunt. Stond op paal gekrast. Passeren groep van 5 uit Colorado. Ze nemen foto van ons met het Denali Massief. Komen aan stuk waar we er volledig zicht op hebben. Het is hier zo uitgestrekt! Wandelen nog eventjes verder tot we stroompje tegen komen. Zetten ons. Er zitten nog 2 hikers aan overkant van stroompje te genieten van het uitzicht. Gebruiken Judith haar T-Shirt om ons beetje te verfrissen, doet deugd. Trek hemd aan. Leggen stenen tegen grote steen. Probeer vuur te maken. Het lukt niet goed. Krijg het uiteindelijk aan door zakmes op hoek van 90° te plaatsen met magnesium stick en hard te duwen op mes en tegelijk stick achteruit te bewegen. Paar keer herhalen en voenk met deo. Fles rivierwater staat klaar om te doven. Maak rijstzakje klaar met rode bonen. Smaakt enorm! Veel rook. Beetje bang dat we iets aan het doen zijn dat niet mag. Doven vuur meteen als eten klaar is. Kuis daarna alles af in rivier. Geen geur van eten! Zetten tent op redelijk vlak stuk met gras naast rivier. Piketten glijden in losse grond. Geniet van het uitzicht uit de tent. Het regent in de verte en wind komt van daar.

    17/06: Redelijk wat wakker gekomen door de wind, regen en koude. Onze voeten liggen in de rugzakken. Gebruiken alles om warm te blijven. Staan op om 5:30 uur. Bergen tent op en vertrekken. Ow Judith haar T-Shirt vergeten die in de gietende regen lag te drogen vannacht. Ligt er nog dankzij grote steen. Passeerden 3x mama Ptarmigan vogeltje met 2 kuikentjes. Is niet schuw. Het begint te miezeren. Hebben jassen aan en zeil over rugzakken. Gaan door stukken modder, over bergkammen met steenmannetjes, langs meren waar tenten naast staan. Die zijn nog niet wakker. Het regent door. Stappen goed door. Passeren 2 man, nog 2-3 uur naar het eindpunt. Ok, moeten er zijn tegen de middag normaal. Moeten veld over met grote rotsblokken. Glibberen. Moeilijk. Niets gebroken. Gaan langs een heuvel en moeten over zeer snel stromend riviertje. Zoeken plaats waar afstand klein is en we erover kunnen springen. Dalen en zien dat pad in struiken en bomen gaat. Zijn er bijna waarschijnlijk. Passeren paar mensen in bos en gaan over boomstronk over snelstromende riviertje. Spannend. Evenwicht houden! Fluiten redelijk wat tegen beren maar geen gezien. Komen op parking. Gaan naar redelijk nette wc’s. Tijd om te liften. Zo goed als iedereen passeert. Moeten langs brug. Kruipen af en toe over reling als er verkeer van beide kanten komt. Na de brug stop er auto. Het is een mevrouw die speciaal terug gereden is voor ons. Oef! Ze legt uit dat er hier geen liftcultuur is. Mensen zijn te bang, denken dat ze zullen beroofd worden. Ze toont een foto op haar gsm van een grizzly die karkas van kariboe eet en geeft plannetje van Denali Park. Ze heeft het bezocht met familie. Probeer zo weinig mogelijk vuil te maken. Niet makkelijk want bottinen en onderkant van broek hangen vol modder. Ze zet ons af. We bedanken haar enorm. Wisselen van kleren en rijden verder. Jimmy doet z’n werk. Komen aan in Denali Park. Gaan naar Visitor Center. Is ingericht als een museum. Aan balie halen we ‘America The Beautiful Pass’. Eentje is genoeg per gezin/auto. Rijden het park in. Spannend. Kruisen groene en beige bussen. Stop aan rivierbedding. Er zit kariboe. Rijden verder. Mag maar 35mph. Stoppen aan Mountain View. Strekken benen kort. Rijden tot aan Savage River. Verder mogen we niet met eigen wagen. Mensen klimmen er heuveltje op. Kan ook loop doen langs rivier. Draaien aan brug. Prachtig zicht. Als we Visitor Center gepasseerd zijn staat er moose met 2 kalfjes aan spoorweg. Ze zijn gras aan het knabbelen. Judith parkeert auto. Staan er even naar te kijken. Op weg naar Fairbanks stoppen we nog aan Stampede Road in Healy. Hier is Chris McKandles van Into The Wild de wildernis ingestapt. Het is een prachtige route naar Fairbanks. Ben blij dat Judith rijdt. Kan genieten van het uitzicht. Zie plots in verte witte berg. Denali is volledig wolkenvrij! Overal bomen. Uiteindelijk een stop waar we uitkijk hebben. Ook het zicht op andere kant van de weg is prachtig. Wat een uitgestrekt landschap. Kruisen zeer ouderwetse truck met verroeste trailer. Ze mogen hier met alles rijden. De tuinen van de mensen zijn versierd met wrakken, zoveel als dat er bij ons soms kabouters staan.

    Kommentare

  • 18Jun 2017

    3 Fairbanks 18.06.2017

    Fairbanks

    Beschreibung

    We rijden Fairbanks binnen. Gaan biowinkel in en vragen als we ergens slaapzakken kunnen halen. Of er een Sportman’s Warehouse is, een tip van mevrouw die ons lift gaf. Krijgen kaartje met uitleg. Vriendelijk. Enorm moe. Gaan weg zonder iets te kopen. Komen in winkelcentrum. Yes. Halen uitgeput eerst kip, puree en salade in de Walmart. Is meer dan nodig! Doet zo’n deugd! Vinden uiteindelijk de Sportman's Warehouse. Gigantische winkel vol materiaal om te kamperen, jagen en vissen. Kopen 2 slaapzakken en een gasbrandertje. Gaan dan over en weer tussen Walmart en Fred Meyer om matrassen te vergelijken. Halen één, een Twin, in de Fred Meyer. Mesten de auto uit, matras past perfect en parkeren ons op de parking van de Walmart naast RV’s en trailers. Het is hier de gewoonte om te slapen in je voertuig. Slaapwel!

    18/06: Heerlijk geslapen voor de eerste keer! 7 uur aan een stuk. Alaska record. De zon gaat pas onder om 12 uur en komt op om 6 uur maar het blijft eigenlijk heel de nacht schemeren. Worden wakker naast andere mensen die uit hun voertuig kruipen. De Walmart geeft ons een wc, een stevig ontbijt en wifi. Judith belt eens met haar mama en ik met Steef. Kopen nog wat eten dat niet slecht kan worden. Dag Walmart! Rijden Fairbanks buiten. Is eigenlijk een vuile stad met veel ruimte. Tank nog eens. Meneer aan de kassa zegt dat er douches en een laundromat zijn in Tok (spreek je uit als Took), een laundromat in Fairbanks en campgrounds tussenin. Passeren North Pole, niks te zien.

    Kommentare

  • 18Jun 2017

    4 Alcan Highway 18.06.2017

    Tok

    Beschreibung

    Het is zondag vandaag. Rustdag. Rustig aan. Stoppen veel om uitgestrekte landschappen te bewonderen. Zo ook aan meertje. Birch Lake. Leggen er natte tent en kledij te drogen en ga zwemmen. Is niet te koud. Er zijn wel wat planten. Er passeert speedboot. Was haar met shampoo. Gaan langs Eielson Air Base. Er staan redelijk wat F35’s in rijtje. Stop en trek foto. Er stopt truck. Er roept iemand “They’re gonna get ya!”. Zeg “I’m just a tourist”. Krijg “Don't matter” terug. Haha trek nog foto en vertrekken. Een paar meter verder staan er bordjes “No photography allowed” hahah. Zet die vliegtuigen dan niet langs de snelweg. Een bordje plaatsen is toch geen oplossing? Rijden verder. 55mph i.p.v. 65 en komen op plaatsje Dot Lake. 4 brievenbussen, een kapel, een airstream caravan en een schooltje klein. Allemaal naast een dot van een lake! Dit gebied is zo verlaten. Rijden uren. Komen pas om het kwartier iemand tegen. Kom tot het besef dat het leven hier waarschijnlijk veel eenvoudiger is. Minder regels. Minder gejaagd. Maar zeker ook harder in de winter. Rijden nog stuk door over heuvels langs eindeloze bossen voor we in Tok aankomen. Gaan naar Visitor Center. Het is een propaganda ruimte van Alaska. Ieder te bezoeken gebied heeft z’n stand. Er komt een mevrouwtje op ons af. “How can I help you?” Vraag of we ergens douche kunnen nemen en kledij kunnen wassen. Foldertje van motel gekregen. 7 dollar voor douche en 4 dollar om kledij te wassen. Zot! Vraag of er veel tankstations zijn op de Alcan Highway. Zeker één in Beaver Creek en Haines Junction. We zouden er niet mee moeten inzitten. Voelen aan opgezette huiden van wolf, lynx en vos. Lynx is zachtste. Bedanken en gaan weg. Wil misschien een stukje naar het zuiden rijden om een glimp op te vangen van Wrangel & Saint Elias National Park. Rijden al tijd en komen nog maar aan Tok River. Judith had niet gezwommen in het meertje. Vraag of ze niet wil douchen met rest water. Kunnen proberen. Rijden voor brug over Tok River op pad rechts naar beneden. Er staan machines. Ze zijn bomen aan het uitdoen maar vandaag niet. Zondag. Giet water uit groot vat en jaag muggen weg. Judith wast haar haar achter de auto. Geen voorbijgangers. Rijden terug naar Tok. Gaan tanken. Kredietkaart wordt niet geaccepteerd. Gaan naar ander tankstation waar er nog een kassa is. Judith betaalt binnen. Rijden terug naar parkje naast Visitor Center. Het dondert en bliksemt en begint te regenen. Maak spaghetti klaar onder afdak. Er ligt per toeval een aansteker. Chance. Plots stopt een gele auto. Er stapt kwaad iemand op me af. Merk het niet. Zit gebukt. Bezig met het eten. Het is een native. Hij heeft zich vergist. Hij dacht dat ik de persoon was die z’n vriend in mekaar geslagen had. Hij vroeg sigaretten en zat duidelijk aan de drank. Nooit echt schrik gehad. Judith wel. Eten spaghetti. Babbel wat. Hij spreekt zeer onduidelijk. Z’n nonkel komt aangewandeld en zet zich erbij. Bedanken voor de kennismaking en vertrekken. Het stortregent. Zie plots een moose uit de boomlijn rechts lopen. Een tegenligger had hem bijna te laat gezien. Het beest passeert vlak voor z’n truck. Het komt er met de schrik vanaf. Hebben nu op het eerste en laatste stuk highway van Alaska een moose zien oversteken. Er moeten er hier toch wel veel zitten. Maar wat een domme beesten zeg. Geen inschattingsvermogen. Ze zijn zo groot. Ze denken waarschijnlijk dat hen niets kan overkomen. We passeren Tok River State Recreational Park. Al paar zo’n zones gepasseerd. Zijn basis campings met enkel wc’s van de staat. Als je er overnacht moet je fee betalen. Judith gaat naar toilet. Zie eindje verder parking links van brug. Ziet er goed plekje uit om laatste nacht in Alaska door te brengen. Plakkaat voor de brug zegt “Tanana River”.

    19/06: Word wakker met een zeer pijnlijke linkerheup. Schreeuw het uit van de pijn. Kan niks bewegen. Judith vraagt of ik Dafalgan moet hebben. Moet dringend naar wc. Forceer me. Het gaat beter na wat beweging. Er zal een zenuw gekneld geweest zijn van verkeerd te liggen. Eten paar boterhammen met choco. Smijten rugzakken achteraan en rijden over Tanana River. Nanana van Rihanna zit in m’n kop. Stoppen aan campground. Wandelen tot aan meer. Yarger Lake. Vraag aan 2 Duitse mevrouwen om foto te nemen van ons samen. Beginnen te babbelen. Ze vertellen uitgebreid over Denali. Ze hebben tot diep in het park gereden voor 3 dagen. Ook denken ze hetzelfde over de vele bomen. Ze staan in de weg. Ze belemmeren het uitzicht op de prachtige vergezichten. Ze zullen lower 48 ook nog doen. Zion is volgens hen mooier dan Canyonlands. Is genoteerd. Gaan door. Zien Mercedes Sprinter busje staan met Duitse nummerplaat “Don't worry” haha. Is waarschijnlijk van hen. Passeren dubieuze tankstations. Zijn slecht onderhouden. Verroeste tanken. Is waarschijnlijk nafte van niet te vertrouwen kwaliteit. Komen stuk verder aan Tetlin Wildlife Refuge. Een broedplaats voor vogels. Het Zwin is er niets bij. Passeren USA Customs en komen aan de grens. Judith was er bijna voorbij gereden! Alle bomen op de grens zijn weg. Sjiek zicht. Bye bye Last Frontier, hello Larger Than Life! Pas na 20 minuten rijden komen we aan Canada Customs. Schuiven aan. Wachten tot officier, een gezette mevrouw, teken doet. Ze vraagt paspoorten. Ze wandelt even naar andere wagen en komt terug. Ze zegt “Zo België, spreek maar Nederlands, dat kan ik goed.” We zijn verbaasd en onder de indruk. Judith zit aan het stuur en beantwoordt enkele vragen. Of we geen wapens en meer dan 10.000 Canadese dollar bij hebben. Of we van plan zijn auto te verkopen in Canada en hoeveel hij gekost heeft. Ze vond het een goede deal. Mogen door. Passeren campground Snag Junction. Is beetje zelfde systeem als staatscampings in Alaska maar oogt properder. De eekhoorns springen in het rond. Eerste dorpje Beaver Creek is twee keer niks. De landschappen daarentegen zijn overweldigend! Komen ogen te kort. Na iedere bocht en bij het bovenkomen op hellend stuk valt onze mond open. Steken White River over en komen aan Dunjek River. Rij eerst over brug er voorbij maar zien rechts in de verte prachtige bergen. Er staat een RV beneden aan rivier. We vinden ook een plaatsje voor Jimmy. Magnifiek. Maak noodles klaar. Judith rust een beetje. Redelijk wat wind. Trek me na de noodles ook terug. We slapen een uurtje. Het is opgeklaard als we wakker worden. Wat een zicht! Saint Elias Range. De hoogste bergen van Canada. Zouden we Mount Logan zien liggen in de verte? Maken nog chili en groentjes klaar. Het smaakt. Stel voor dat we doorgaan nadat er 2 cowboys op paarden gepasseerd zijn. De ene had een kettingzaag vast. Ze steken de gigantische rivierbedding over. Een paard strompelde door het diepe slib. Als we ze niet meer zien en het vuur is gedoofd rijden we verder. Passeren Kluane River. Stop en lees enkele plakkaten. Vooral die over de zalm is interessant. Gaan door. Zien tegenligger aan overkant stilstaan. Er zit iets aan de graskant. Een beer!!! Vertraag en rij er langzaam voorbij. Draai terug. Nemen veel foto’s en maken filmpjes. Hij lijkt ons niet te boeien. Graast op z’n gemak de bloemetjes van de kant. Het is een jonge beer. Duidelijk een grizzly aan bult op z’n rug te zien. Zet motor af en blijven kijken. Hij (of haar?) zet zich kort op z’n gat en scheurt tegen de grond. Jeuk. Hij graast waarschijnlijk 100 meter op halfuurtje dat we staan te kijken. Af en toe passeert een auto maar die rijden traag voorbij. Gaan uiteindelijk ook verder. Een paar kilometer verder (geen miles meer) zit er nog één bloemen te grazen. Deze kijkt op en lijkt ons wel te bemerken. Hij (of zij) is iets ouder maar ook duidelijk een grizzly. De zon flikkert op de vacht. Blijven opnieuw tijdje kijken. Nu stoppen er wel auto’s. Gaan door. Zien Kluane Lake links opduiken. De zon gaat onder. Stoppen aan rustplaats met wc’s voor Destruction Bay. Poetsen tanden en gaan slapen. Jimmy wiegelt van de wind.

    20/06: Wakker geworden en me een beetje gewassen met water dat we nog hadden van Dunjek in grote fruitsapfles. Er zitten grote kraaien aan vuilnisbakken. Ze zijn zeker dubbel zo groot als thuis. Gaan eerst eens tanken en halen energie bar en water. Meneer aan tankstation zegt dat een Canadese dollar ongeveer 0,7 US dollar waard is dus normaal is 1 Euro gelijk aan 0,66 Canadese dollar dus 1/3 van prijzen doen en we weten wat het kost in vergelijking met thuis. We moeten wel beter opletten met tanken. Het is terug in liter i.p.v. gallon. Rijden verder naar het zuiden. Zien links in de graskant weer een beer. Oh er zitten 2 kleine cubs bij! We staan zeker halfuur te kijken. Er passeert een motorrijder. Hij stopt ook op 2 meter van de beren. Dat is durven. Een mevrouw in Mercedes busje staat er later ook 2 meter voor. Ze trekt foto’s met een lens die goed is om ze van op 2 km te zien hahah. Ze verdwijnen uiteindelijk terug in het bos als ze de bloemetjes beu zijn. Gaan door.

    Kommentare

  • 20Jun 2017

    5 Kluane National Park 20.06.2017 Kanada —

    Haines Junction, Kanada

    Beschreibung

    Rijden langs Kluane Lake tot Tachal Dal Visitor Center. Op parking komen we Duitse tegen die we gisteren ook gezien hebben aan Yarger Lake. Ze moeten door. Het centrum staat vooral in het teken van de Dal Sheep. Mevrouw zegt bonjour. Begin in het Engels. Had eigenlijk Frans kunnen spreken. Ze geeft kaartje met uitleg hoe Sheep Mountain te beklimmen is. Laatste stuk zou zonder route zijn. We zien wel. Rijden met Jimmy 4km over grindweg tot Trailhead. We trekken bergbottinen aan en vertrekken. Passeren groep oudere Duitsers in het bos. Komen na 5km op uitkijkpunt. Er loopt een smal pad door de struiken naar het noordoosten. Stijgen. Pad stopt. Minder vegetatie. Val na tijd uitgeput neer. Even recupereren. Hoger dan gedacht. Geniet van uitzicht op Dunjek Glacier. Raken op de de top. Prachtig zicht rondom rond. Wind. Links wandelen er mensen in de verte op bergkam. Blijven niet te lang. Dalen sneller. Hebben niet veel energie. Eten en drinken nog wat. Nemen andere weg door struiken. Vinden het beginpad van 5km. Eens terug aan de auto zitten er redelijk wat muggen. Rijden langs Kluane Lake. Verfris me nog even met het gletsjerwater van het meer. Begin te knikkebollen en Judith is ook moe. Mount Martha Black duikt op voor onze neus. Domineert het landschap. Zijn te moe. Stoppen aan rustplaats en slapen meteen voor een uurtje. Moeten daarna echter verder. Ons water is op! Komen snel in Haines Junction. Gaan naar plaats waar we kunnen douchen en de waste doen. Is redelijk duur maar vullen ook onze 4 waterflessen en shampoo pulletjes. Een vriendelijke dikke negerin van Georgia wordt eventjes Judith haar beste vriendin. Krijgen doekjes om toe te voegen aan de waste. Gaan erna naar Visitor Cente. Is een groot nieuw gebouw met veel glas. Maken noodles en macaroni & cheese klaar. Slapen erna op de parking.

    21/06: Er staan redelijk wat auto’s en RV’s op de parking. Het is bewolkt. Worden traag wakker. Eet stuutjes en gaan naar binnen. Veel uitleg over de champagne indianen. Over hoe de inwijkelingen hun rechten en land afnamen. Wat me vooral interesseert is het hoekje over alpinisme. Lees boek over eerste beklimmingen van de Kluane bergen. De hoogste in Canada. Saint Elias was eerst beklommen door een Italiaanse graaf. Er stond foto in van 5 Italianen die een pak van 1400kg trokken. Mount Logan, de hoogste in Canada, heeft een eigen reliëfmaquette en routes op kaartjes. Judith ontdekt dat je water kan bijvullen en dat er wifi is. Laten iets weten aan familie via Whatsapp. Rijden erna door Haines Junction. Gaan naar bakker om broodje. Ze vragen aan Judith “Are you a local?” haha. Ze denken dat ze een indiaan is. Ze zou de helft korting gekregen hebben. Rijden erna richting zuiden naar Kathleen Lake. Eten er rijstgerechtje op bank aan het meer. Erna op pad om Kings Throne te beklimmen. Eerst stukje door het bos. Fluiten! Daarna stijgt het meteen flink. Steiler dan gisteren. Leuker pad. Krijgen al snel zicht op de omvang van het meer. Passeren enkele mensen en klimmen links de bergkam. Het wordt nog steiler. Neem rugzak even over van Judith. Boven passeren we mensen met een hond. Laatste meneer zegt “You’re almost there”. Allez dan. Eens we rotsen over geklommen zijn is er nog een pad. Wandelen verder maar adrenaline is eruit. Zie bergkam met sneeuw die nog hoger gaat naar top rechts. Dat is waarschijnlijk de Kings Throne. Judith komt achter. Ze hoeft niet hoger. Ga tot halverwege maar zie de grijze wolken komen en bedenk dat we nog steil moeten afdalen. Ik ga terug. Dalen samen. Langzaam. Voorzichtig. De zon komt piepen. Godver. Had toch tot de top kunnen gaan. Baal enorm tijdens het dalen. Eens aan het bos, wat wel even duurde, draai ik bij. We merken opnieuw op dat de bomen speciaal ruiken. Nemen nog een foto aan Kathleen Lake. Veel wind. Rijden terug naar Visitor Center. Maken noodles en eten restje brood. Er komt mevrouw. Ze is waarschijnlijk conciërge. Ze komt vragen of alles Ok is. Vriendelijk. Dodo tijd.

    22/06: Vroeger wakker dan gisteren. Gaan Visitor Center binnen. Vullen waterflessen bij en gebruiken nog eens de wifi. Ga om Discovery Pass voor Canadese parken. Is gratis dit jaar omdat Canada 150 jaar bestaat. Mevrouw geeft nog uitleg over lange trail naar Mount Decoeli die vlak buiten het park ligt. De top is het enige punt waar je zonder helikopter Mount Logan in de verre verte kan zien liggen als het weer meezit. Beslissen op parking om de trail niet te doen. We hebben al twee bergen beklommen rond het park en het weer wordt pas beter over twee dagen. We gaan tanken in Fas Gas en halen bananen en fruitsap. We vertrekken richting Whitehorse. Het regent, hebben juiste keuze gemaakt. Er zijn wegenwerken. Er komt meneer uitleggen dat er voor het stadje een camion gekanteld is. Ze zijn nog aan het opruimen. Er mag pas verkeer door rond 13 uur. Komen in file. Wachten geduldig. Leggen ons op de matras. Rond 14 uur konden we door. Verkeer kan enkel richting Whitehorse. Camion was gecrasht op kruispunt, moeten er nog even wachten. Zien meer dan 20 bussen die jeeps met kajakken en fietsen erop trekken. Die Amerikanen kunnen toch niet bescheiden op pad. Whitehorse is een lelijke industriestad. Er is gelukkig wel een Walmart. Gaan er naar McDonalds. Een BigMac. Judith haar buikje is weer gevuld. Halen eten, vooral noodles. Tanken erna. Vraag binnen of er een Klondike museum is. Mevrouw in Haines Junction had gezegd dat we deze konden bezoeken met Discovery Pass. Meneer in tankstation is niet zeker over museum. Hij toont een museum op een kaart. Besluiten om door te gaan uit de stad. De goldrush interesseert ons toch niet zo. Het verkeer mindert naarmate we verder uit de stad rijden. Gelukkig maar was even te druk. Zien een zwarte beer langs de kant. Er rijden redelijk wat auto’s achter ons. Vind toch een manier om te stoppen. De beer schrikt van het verkeer en verdwijnt in het bos. We hebben hem toch even kunnen observeren. Hij liep minder waggelend dan de grizzly's. We passeren grote meren. We gaan eens kijkje nemen aan plaats waar boten het water in kunnen. Er is niemand. We rijden tot in Teslin waar er ook groot meer is. Lees wat over Tlingit indianen. Parking is no camping area. We rijden dus verder uit het dorpje over metalen brug. We komen aan stopplaats. Morley River Recreation Site. Er zitten meute's muggen. We maken snel soep klaar aan bankje en wandelen rond terwijl we brood doppen. Er kruipt iemand uit tent naast fiets. Een Fransman. Hij is net als ons vertrokken uit Anchorage en zal naar Ushuaia gaan. Hij zou er 2 jaar over willen doen. We wensen hem “bonne chance” en vertrekken. Er zijn gewoon teveel muggen. Eens de heuvel over passeren we een bord. We zijn in British Colombia. Ow dat is rap. We dacht dat we langer in Yukon zouden zijn. Nu verbaast het me niet dat we veel meren tegenkomen. We spotten twee stekelvarkens. Schuwe beesten.

    Kommentare

  • 23Jun 2017

    6 Northern Rockies 23.06.2017 Kanada —

    Summit Lake, Kanada

    Beschreibung

    We stoppen aan Swan Lake. Prachtig zicht op het meer en de omliggende bossen en heuvels! We meppen een paar muggen neer voor we in slaap vallen.

    23/06: We slapen redelijk lang door. De zon zit al goed op de auto als we wakker worden. Er staat meneer foto’s te nemen. We hebben prachtige plek gekozen. We hadden auto wel beter omgekeerd geparkeerd. De achterruit is een beetje vuil. De meneer vraagt of we de moose al gezien hebben. Nee dus. Er loopt één door het open grasveld naast het bos. Hij spot nog één met gewei aan Swan Lake en nog één in het bos. Hij heeft er een zeer goed oog voor. Hij jaagt op moose. Hij schiet één per jaar. Een bull (mannetje), enkel natives mogen ook cows (vrouwtjes) schieten. Z’n frigo is gevuld voor een jaar met een goede bull. Het smaakt naar goede beef zegt hij. Het is (weeral) een Duitser die hier blijven plakken is. Hij is op weg naar Vancouver voor een trektocht maar hij heeft tijd. We vertrekken. We stoppen na redelijk wat kilometers aan Big Creek Campground. Ik wil me verfrissen in het riviertje maar er zitten teveel muggen. Er staat ook een waterpomp. Judith kuist er de potjes mee. We vluchten voor de muggen. Rond de middag zijn we in Watson Lake. Er is een Visitor Center. We halen er water en laden kaart op tablet met hun wifi. In het gebouw is er een soort museumpje over de geschiedenis van de streek. We krijgen blaadje mee met bezichtigingen van hier tot Fort Nelson. Buiten het gebouw staat een bos van plakkaten. Mensen laten er vooral nummerplaten achter van waar ze vandaan komen. Er was een Amerikaan hiermee begonnen in 1945 toen de Alcan Highway werd aangelegd. In 2016 staat de teller op 83.000 nummerplaten. We tanken vol en zijn weer verder. Mooi weer. Eten chips onderweg. We rijden voorbij bisons. Ferme beesten. We gaan door tot we iets herkennen van blaadje dat we meegekregen hebben. Smith River Falls. Rijden hobbelig baantje op. Teveel gaten! Zijn bang voor Jimmy. Er is geen plaats om te draaien. Rij zeer traag voor 2km. Komen bij watervallen. Mooi! Trekken bergbottinen aan. Er zijn nog twee mensen. Een mevrouw en een meisje. We gaan steile helling af. Er hangt een touw. We moeten kort stukje door overgroeid pad en komen dichter aan de waterval. De mevrouw is van Australië en neemt een foto van ons. Verfris me maar m’n T-Shirt stinkt. Gaan terug. Jimmy komt heelhuids terug op de highway oef! We komen iets verder aan Liard Hot Springs. We laten auto aan overkant staan op overflow parking. We betalen aan kotje en gaan tot pad op planken. Komen bij het warmwaterbad. We wandelen er eerst voorbij om speciale plantengroei op rotsen te zien. Gaan dan terug. Wisselen van kleren in kleedhokken en gaan in het warme water. Het sijpelt onder de grond en wordt opgewarmd dichter bij de kern van de aarde. Het komt terug boven aan rechterkant van het bad. Het debiet is 130 liter per minuut. Ik geraak niet dicht bij de bron. Is veel te warm! Links verder weg van de bron zitten kinderen. Judith wil niet naar daar. Ze zag er een strontje dobberen. We blijven voor de watervalletjes. We gaan er paar keer in en uit. Er zitten redelijk wat vliegen. We houden ze van mekaar af. We blijven ongeveer 2 uur in het natuurlijke bad. We vragen op het einde aan Spaans sprekende meneer om foto te nemen van ons. Hij kon niet goed overweg met de kodak maar het is uiteindelijk wel een mooie foto. We zijn enorm relaxed erna! Ik vraag aan kotje of ze douches hebben. Nope. We zullen naar sulfer blijven ruiken. Volgens Judith is dit een geur die gelijkaardig is aan een beerput. Iets verder kruisen kuddes bisons en een schuchtere zwarte beer ons langs de kant van de weg. We parkeren aan Muncho Park naast snelstromende rivier. Honger! Er zitten teveel muggen. We eten Luncheon Meat. Vettige blok hesp uit conserve met brood. We babbelen nog even voor we in slaap vallen. Enkele tenen hebben koud.

    24/06: We wassen elkaars haar in de rivier. Nu er geen muggen zijn wil Judith champignonsoep klaarmaken als ontbijt. Het smaakt een beetje raar. We rijden voorbij road construction. Vlak er voorbij stoppen we aan Mineral Licks. Een plaats waar berggeiten komen likken aan stenen. We doen er een wandelingetje. Geen geiten gezien. Wel mooi uitzicht op meanderende rivier en rotsformaties links ervan. Een beetje verder op de baan staan er 3 berggeiten langs de weg. Die waar we dichtstbij reden was schuw en sprong weg juist als we passeerden. We rusten aan Muncho Lake. Een smaragd groen meer. Er is een ponton. Zonnetje schijnt. Er zijn geen muggen. Zalig! Val bijna in slaap. Judith maakt 2 zakjes noodles klaar. We eten ook cornflakes. Het water is iets te koud om te zwemmen maar kan me wel verfrissen. We rijden verder langs het groene meer. We gaan door een prachtige vallei. We stoppen eens aan Toad River. Aan de overkant ligt een waterval. Een vader en zoon klimmen ernaartoe. Als we verder rijden zie ik een sjieke rots achter me. Folded Mountain. Een kolos. We verlaten Muncho Park. Het was een mooi gebied. We komen na een tijdje aan plakkaat waar er hike op aangeduid is. De Wokkpash Trail. 73km. Ja! Al over gelezen. Genoeg gerelaxt. We maken onze packs klaar om meerdere dagen de natuur in te trekken. We laten Jimmy achter aan de kant van de weg en we wandelen langs een grindweg tot aan een brede rivier. De MacDonald Creek. Oh ooh veel stroming. We wandelen langs de rivierbedding op zoek naar een plaats waar we kunnen oversteken. Ik ga uiteindelijk over een eerste stuk met slippers. IJskoud gletsjerwater komt tot aan m’n knie. Ik steek een groot middenstuk over met hier en daar kleine stroompjes en ik kom tot bij grote rivier. Ai ai gaat niet lukken. Weet nu klein beetje hoe Chris uit Into The Wild zich gevoeld moet hebben. We verfrissen ons nog even. Er zit een aangename bries aan het water. Het is 30 graden vandaag. We gaan terug. Geen 4-daagse in de natuur. Eten ketchup chips. Rij traag verder. Nu wil ik zeker plaats vinden waar Mount Saint Paul Trail start. We passeren het einde van de Wokkpash Trail, de Cut Trail en de Hoodoos Trail. Hoodoos zijn rotsen die vervormd zijn door erosie. We hadden er enkele gezien aan de zijkant van de MacDonald Creek. We rijden langs een kleine kudde berggeiten, worden hier Stone Sheep genoemd. We komen uiteindelijk aan het Summit Lake in het Stone Mountain Park. Links ligt de start van de Trail. Ik val slecht in slaap door zweet.

    25/06: We zijn snel wakker rond 8 uur. We maken rugzakken klaar en vertrekken het bos in. We zijn gewapend met loops, chocolate chip cookies en 2 liter water dat gezuiverd is met chloordruppels die Judith gekregen had van Sam. We steken riviertje over en klimmen door het bos. Ik heb het moeilijk. We laten 2 Franse voorgaan. We stoppen af en toe. M'n lichaam wil de berg niet op. Ik forceer me en het lukt om een bepaald tempo aan te houden. We komen via mooie kam na ongeveer 2 uur op de top van Mount Saint Paul. Was dit het? De Fransen vragen het zich ook af. We zien in de verte een obelisk. We denken, is het misschien die? Er komt een sportieve Amerikaan boven. We hoeven geen foto te trekken van hem. "I've got my tripod." ^^ We gaan andere bergkam af en vallei in. Offroad! Geen pad te vinden. Rivier in het dal is uitgedroogd. De Fransen waren sneller naar beneden maar we halen ze bij het klimmen opnieuw in. Het einde van de bergkam is zeer steil. Veel losliggende stenen. Het is moeilijk klauteren maar we geraken boven. We hebben van hieruit nog beter zicht op het Northern Rocky Mountain Park! De obelisk is een groene meettoren. Je geraakt er niet in. De deur is dichtgemaakt met bouten. De Franse komen ook boven. Ze hebben deze zomer gewerkt in een lodge in Yellowknife. Ze zijn van Parijs. Ze nemen dezelfde weg terug. Ik spot een andere prachtige bergkam. We willen proberen langs daar naar beneden te geraken. Onze route zal dan als een hartje gevormd zijn haha. We zoeken een route, niet te steil. We beginnen naar beneden te klauteren. Het losliggend gesteente maakt het niet makkelijk. De stenen doen denken aan de picos. Ze zijn ook gekarteld en zitten vol punten. Dit zorgt wel voor grip maar zou ook meer pijn doen moesten we vallen. Het is redelijk gevaarlijk wat we doen. Op één plaats is het steil naar beneden in sneeuw. We steken over aan smal stuk. Nu is het iets minder steil. We komen aan gras. Het regent ondertussen, doet eigenlijk deugd. We volgen de rivierbedding. Voor ons duikt gezinnetje stone sheep op. Ze zijn met 5 en rennen met gemak naar beneden, zelfs een kleintje. Aan overkant is er een watervalletje. Het duurt nog een tijd voor we terug aan oorspronkelijk pad komen. Moeten op schuine hellingen, door vegetatie en langs andere rivierbedding. We zijn blij als we uiteindelijk op het pad staan! Op parking laten we bottinen en andere zaken drogen aan een bord met uitleg. We maken patatjes met worteltjes en erwtjes klaar. Ik was me erna in de rivier omdat Summit Lake te veel in het zicht is. Het is bibberen maar voel me fris. We ruimen de auto wat op en eten chips. We rijden verder. We zien 2 zwarte beren, voor het eerst goed, in het korte gras. Het zijn magere beestjes. Gaan langs een pas waar trucks hun remmen moeten testen voor ze dalen. We zien zonsondergang op de Northern Rockies. Prachtig! We stoppen niet want de tank is bijna leeg. Ik probeer zuinig te rijden. We zijn zenuwachtig. We komen net toe. Oef! Het wijzertje stond al in het rood. Rijden rond in Fort Nelson. Vinden geen plaats waar we kunnen slapen. Overal plakkaten “No overnight parking”. We zien volle regenboog. We parkeren uiteindelijk op parking bij een zwembad, niet ver van Visitor Center. Het is opnieuw warm in de auto. Gaan op muggenjacht. Meppen er 30! Raam stond op een kier... Slecht geslapen.

    26/06: We gaan naar enorm centrum naast het zwembad waar ze schaatsbanen hebben. WC’s zijn proper. We eten stuutjes met choco op een bankje. We krijgen een kaartje in het Visitor Center. Judith belt er met familie. Ik schrijf in gastenregister “Nice place to rest”. Yeah right, kut muggen. Ik pin nog Brugge aan op de wereldkaart waar andere bezoekers hun thuis aangeduid hebben. Er zijn vooral veel pinnen in Verenigde Staten en Europa. We rijden uit Fort Nelson richting het zuiden. Op het kaartje staan de te bezoeken plaatsen op weg naar Fort Saint John. Er zit niks interessants tussen. We komen uit bos in akkerland. Er is meer verkeer. Het regent dat het giet. Niet erg. Jimmy is gewassen. Later begint het keihard te hagelen. Op 2 minuten ligt er 10 centimeter. Op tegengesteld rijvak is er nog geen auto gepasseerd en zijn er geen sporen. Gelukkig stak een woonbus, zoals er hier veel rijden, ons voorbij vlak voor de hagel viel. Ik kon zijn spoor volgen. Ik vertraag en steek pinkers aan. Één keer slierde Jimmy een beetje. Na een paar minuten zijn we erdoor. Oef! We bekomen even op een stopplaats. We zingen erna vrolijk verder “Don’t worry be happy”. Ik vind een CD van de The Offspring die Darin laten zitten had tussen de zetel. Merci. Het weer slaat om. Geen wolkje. Zonnetje schijnt. Ik begin te knikkebollen. We stoppen aan Restplace Mile 80. We maken rijstgerechtje klaar en ik rust op matras op het gras. Judith wast haar haar. Na uurtje pauze rijden we verder. Fort Saint John is een lelijke stad, net als Whitehorse. Gaan er snel door. We stoppen in het Visitor Center in Dawson Creek. De start en voor ons het einde van de Alaska of Alcan Highway. Die bestaat dit jaar 75 jaar. Een mevrouw legt uit dat we best via Grande Prairie en Grande Cache naar Jasper rijden. Ze toont ook waar Walmart is. Judith is blij met het eten dat we halen. Ik ben vooral blij dat we plaatsje hebben in grote stad waar we legaal in auto kunnen slapen. Liggen nog even te babbelen met raam half open. We hebben zicht op Dodge en Airstream die voor ons geparkeerd zijn.

    27/06: Slapen lang, geen zon en geen muggen. Het regent. We gaan in Walmart om ontbijt. Melk doet enorm deugd! We tanken voor we uit Dawson Creek vertrekken. Volledig vullen gaat niet. Judith moet een een exact bedrag zeggen en ze vraagt om voor 15 Canadese dollar te vullen. Rijden door de regen, overal grijze wolken. We zetten muziek luid. Er reed iemand uit oprit snelweg bijna op. Ik kan er nog juist voorbij. Er kwam camion in tegengestelde richting. Fieuw! We zijn al snel in Grande Prairie. De grootste stad die we tot nu toe doorgaan. De benzine is goedkoper. Rijden er snel door. We gaan van route 2 naar route 40. Buiten de stad is er niks meer, enkel landbouwgrond en bos. Hadden we niet op gerekend. De tank geraakt leeg. Ik word ambetant van onzekerheid. We hebben het gisteren nog maar meegemaakt. We leren er niet uit?! Het volgend stadje, Grande Cache, laat op zich wachten. We zien bergen. Is een goed teken. Ik rijd heel traag, niet boven de 1500 toeren. Iedereen vlamt ons voorbij. Op sommige stukken mag je 110km/u, ik rijd er 70. Het wijzertje van de tank gaat in het rood maar als ik goed gas geef dan komt het er nog boven. We zien een plakkaat: Grande Cache nog één kilometer. Ja gered! Er zijn werken. Tanken meteen vol aan eerste tankstation die we zien.

    Kommentare

  • 28Jun 2017

    7 Grande Cache 28.06.2017 Kanada —

    Grande Cache, Kanada

    Beschreibung

    We gaan naar Visitor Center naast het tankstation. Een meisje toont 2 wandelingen. We gaan naar WC. Ik ben beu gereden. Stoppen even. We doen de Sulphur Rim Trail. Een pad van 7,5km door het bos tot aan de rand van Sulphur River die beneden aan kloof stroomt. We zijn een beetje bang in het bos, geen fluitje mee. We zingen luid veel foute muziek. We komen geen beren tegen. Deze morgen had Esther artikel doorgestuurd dat er 16-jarige jongen gedood was door een grizzly op Bird Ridge Trail. Dit was het eerste pad dat we hadden bewandeld, 2 weken geleden. We zijn blij als we het bos terug uitkomen. De stokken die we opgeraapt hadden ter bescherming gooien we weg. We rijden terug naar Visitor Center en eten soep met stokbrood onder een afdakje. Er ligt een schriftje dat achtergelaten is door een leerling van het lagere onderwijs. Hij leert over geografie en de vlag van Alberta. Er staan ook verwijzingen naar de geschiedenis van het gebied, hoeveel palen een tipi nodig heeft, hoe een kano wordt gemaakt.. We plaatsen auto erna op parking aan winkels. Verderop is er een parkje waar we toiletten al gebruikt hadden.

    28/06: Het is opnieuw een grijze dag. WC's waar we gisteren naartoe konden aan parkje zijn dicht. Judith gaat om melk. Ik wou nog Mount Lowie beklimmen maar de top van de grote heuvel ligt in de mist en de startplaats lag vol modderplassen gisteren, Het is vandaag waarschijnlijk nog erger. We stoppen aan Cache Lake. Er zitten zwanen op het strand, een heleboel, met kleintjes. We gaan er naar WC. We rijden verder. We stoppen voor Hinton om cornflakes te eten. Het giet. We poetsen tanden. We rijden over de Athabasca River. Er passeert links een goederentrein. Hier mocht een stopplaats zijn. We stoppen iets verder vlak voor we Jasper Park binnen rijden. Judith speelt met tablet en vervormt foto’s.

    Kommentare

  • 29Jun 2017

    8 Jasper National Park 29.06.2017 Kanada —

    Jasper, Kanada

    Beschreibung

    Aan ingang van het park vragen ze om Discovery Pass, die we hadden van Kluane Park, onder de achteruitkijkspiegel te hangen. We slaan af richting Miette Hotspring. Ik stap uit aan Punch Bowl Falls. Het regent. We stoppen aan Pocahontas. Is nu een camping, was vroeger een mijn. Miette Hotspring is een gewoon buiten zwembad. Mensen zitten er opeengepakt. Het ruikt er ook naar sulfer. We hebben geen zin om erbij te kruipen. We gaan wandelen. We zijn via de bron van het warmwaterbad en oude zwembadcomplex bijna tot de Utopia Pass geraakt. Er zijn veel plassen op het weggetje. We moeten ook door begroeiing. We zijn kletsnat. We rijden erna terug naar de grote baan en stoppen nog eens aan Ashlar Ridge. Die is beter zichtbaar nu. Er zitten herten langs de kant van de weg. We stappen uit om foto’s te nemen. We stappen ook uit aan Talbot Lake. Judith oefent hopsprongetje. We slaan voor het stadje Jasper af richting Maligne Lake. Ik stop aan bridge 6. Ik zie op kaart naast Athabasca River dat de start van de Skyline Trail niet ver hiervandaan is! We rijden ernaartoe. Het is een kleine parking voor 12 auto’s. Er staan er 8. We maken spaghetti klaar als het eens 5 minuten stopt met regenen. We moeten vluchten en in de auto eten. We spelen Pictionary op bedoomde ruiten. Vooral Judith haar “berg stront” rebus was een goeie. We zullen hier slapen. Hopelijk is het morgen beter weer en kunnen we aan de Skyline Trail beginnen.

    29/06: We zijn laat wakker. Er staan al wat meer auto’s naast ons. Hier en daar is er blauwe lucht zichtbaar. We moeten ervoor gaan! Ik eet choco en boterhammen. Judith eet wat cornflakes. We maken zakken klaar. Er zijn redelijk wat andere hikers. Ze lopen naar shuttle bus die hen naar eindpunt aan Maligne Lake brengt. We gaan eens info vragen. Het is 30 Canadese dollar. We zullen hier starten. We zijn de enige. De parkwachter heeft deze morgen een plakkaat geplaatst. “Bears frequent this area.” Oh gezellig. Er staat een kaartje bij. Het volledige eerste stuk tot aan eerste kampplaats is aangeduid. We zullen doorstappen, niet stoppen en veel lawaai maken. We zien vers hoopje stront liggen. Ik zeg tegen Judith “zou kunnen van een paard zijn” maar ik betwijfel het. Ze gelooft me ook niet. We zingen liedjes uit volle borst “1234567 zo gaat het goed” en “99 kleine visjes zwemmen in de zee”. Na ieder stuk tekst fluit ik. We blijven verse stront passeren. Na 10km door dik bos passeert een karretje achter ons. De bestuurder zegt dat we bijna bij eerste kamp zijn. Oef! We gaan er meteen voorbij. De begroeiing wordt dunner. We rusten even en bekomen. Het pad leidt ons naar volgend kamp. We moeten een brede rivier oversteken om er te geraken. Er zijn banken, metalen boxen, een paal en katrol om zakken in de lucht te steken en hier en daar een lege plaats tussen naaldbomen. Dat is het. We gaan verder en komen in mooie vallei, vol bloemetjes en marmotten. Ze zijn niet zo schuw. We gaan hier en daar door sneeuw. Links beneden ligt een felgroen meertje. Het is soms zoeken naar het pad door de sneeuw. We stijgen en komen op een lange bergkam. We hebben mooi zicht op reeks bergen die ten zuiden van Jasper liggen zoals Mount Edith Cavell. Deze berg is vernoemd naar een verpleegster die in WOI gefusilleerd werd door Duitsers omdat ze de geallieerden hielp. We komen voor het eerst mensen tegen. Twee vrouwen en een koppel. Het koppel neemt een foto van ons en vertelt dat er verder een steil stuk is naar beneden genaamd “The Notch”. Zijzelf zijn er rond gegaan. Om de hoek is het van dat. Ik ga kijkje nemen. Ik wandel door de sneeuw en kijk naar beneden. Oh het valt wel mee. Het is maar een meter of 3 à 4. Drie Japans uitziende gasten klimmen naar boven gevolgd door een oudere mevrouw die eigenlijk sneller gaat. Judith wacht aan de rand van de sneeuw. Er wachten er nog 2 beneden die crampons aandoen. Ik vraag of ik al mag dalen. Het is Ok. Het gaat redelijk vlot. Ik zorgde gewoon dat m'n ene voet diep en stevig staat voor ik andere beweeg. Ik laat m'n zak beneden. Als de 2 naar boven zijn komt Judith kijkje nemen. Zij denkt dat het wel moeilijk is. Ik ga terug naar boven en breng haar zak naar beneden. Ze hoeft er niet meer aan te denken. Ze twijfelt 3 keer, vooral bij eerste stuk waar je van horizontaal naar verticaal gaat. Ze panikeert telkens. Andere langere route lijkt me gevaarlijker. Ze probeert een laatste keer. Ze geraakt op verticaal stuk. Yes! Ik denk dat het nu zal lukken. Ik spreek haar moed in. Ze zegt dat ik moet zwijgen. Ze heeft het vooral moeilijk omdat de gaten ver uit mekaar liggen. Ze is beneden. Oef! Ze reageert haar even af op me. Is Ok. We gaan verder naar beneden door redelijk losse stenen en een heel stuk door schuine sneeuwwand. We rusten op plaats waar er plakkaten staan. We eten koekjes en vullen waterflessen bij. Judith ziet 2 marmotten vechten. Het trekt meer op dansen. Beneden ligt kampplaats “Curator”. Om er te kamperen moet je reserveren. We gaan er niet naartoe. Het volgend kamp “Snowbowl” ligt op 6km. We zijn te moe. We gaan boven het pad. We vinden plaats met redelijk zachte, korte begroeiing. Er passeert een helikopter. We houden ons laag en hopen dat ze ons niet gezien hebben. Het lijkt niet het geval. We maken 2x noodles en macaroni met cheddar klaar. Heerlijk. We wachten tot de zon iets lager staat voor we de tent opzetten. We kruipen in onze slaapzakken en babbelen nog wat. Ik geraak maar niet in slaap. Last van een zonneslag.

    30/06: Ik heb waarschijnlijk maar 2 uur geslapen. De wekker gaat. Het is 5:30 uur. We blijven liggen en eten koekjes en brood in de tent want het regent nog lichtjes. Judith heeft iets langer geslapen. We bergen de tent op en vertrekken. De gloed van de zon is al zichtbaar in de verte. We geraken niet goed vooruit. Ik kan Judith moeilijk volgen, zeker bergop. Ik ben een beetje lastig. We dalen na Little Shovel Pass. Big Shovel Pass hadden we gisteren nog gedaan. We passeren de afslag naar “Watchtower”. We moeten door diepe sneeuw. We zakken er soms tot de knieën in. We komen bij “Snowbowl”. Het weer is beter. We wisselen van kledij en halen regencovers van de zakken aan een bank. Een Brits-Pools koppel zit te ontbijten. We babbelen kort. Ze vragen naar “The Notch”. Ik zei dat het doenbaar was. We dalen verder. We moeten door moerasgebied. Alles staat blank. Zomp zomp. Het pad is vooral modder. We gaan opnieuw via mooie vallei het bos in. We vangen glimp op van bergen ten noorden van Jasper. In het bos zitten deze keer geen beren. Er passeren redelijk wat mensen. We zompen verder naar beneden. Op een plakkaat staat dat het nog 5km is. We versnellen maar houden het niet vol. We passeren meertjes maar nog niet Maligne Lake. We komen er uiteindelijk. Yes, we did it! In een dag en half. 44 kilometer. We hebben redelijk doorgestapt en enorm genoten. We komen van parking bij WC’s. Ik neem even m’n tijd. We wandelen langs het meer. Prachtig zicht op scherpe pieken. Judith gaat om limonade. We rusten aan bankjes. We laten de tent drogen en maken laatste cheddar macaroni klaar. We kunnen bekomen aan de waterkant met magnifiek zicht. Als laatste hoekje van de tent droog is steken we alles terug in de zakken en gaan we naar een brug om te liften. Het tweede voertuig is al raak. Een RV van cruiseamerica. Een Duits koppel. Ze doen een rondreis voor 3 weken vanaf Seattle. De bestuurster heeft nog 7 jaar in Chili gewoond en vertelt er wat over. We passeren Medicine Lake. Het is ook een mooi meer maar minder toeristisch. Er zijn veel verbrande en door insecten aangetaste bomen rond het meer. Er is een kijkfile. Er loopt een zwarte beer links. De grootste die we al gezien hebben. Een kind komt uit een dakraam van een auto links van ons om een foto te nemen. De beer had het gezien en draaide zich. Een parkwachter moest op de beer schieten met rubberkogels om hem te verjagen. Ze parkwachter gaat me chauffeur van auto praten. We rijden parking waar Jimmy staat voorbij. Ze stoppen. We bedanken hen en wandelen kort stukje terug. We smijten zakken in de auto en zijn weg. Het is enorm warm! We rijden naar het stadje Jasper. Het voelt Europees aan. Het is verzorgd. We gaan naar het Visitor Center. Ze tonen waar we ons kunnen douchen en kledij wassen. We gaan eerst naar Activity Center. We nemen er een douche. We gebruiken één handdoek. Het is vrouwen en mannen apart, in grote kleedkamers zoals een sporthal. Judith gaat eerst. Ik wacht even. Het doet enorm deugd. Ik voel me een ander mens. We gaan erna naar laundromat. Het is druk. We hebben veel waste. De eerste 25 minuten wassen we dan nog een halfuurtje drogen. Judith gaat ondertussen naar winkel ernaast. Ik val bijna in slaap. Het is 30 graden buiten. Binnen waarschijnlijk nog meer door de grote ramen. We vullen water bij in openbare WC's. We rijden naar het westen.

    Kommentare

  • 01Jul 2017

    9 Mount Robson Provincial Park 01.07.2017 Kanada —

    Mount Robson, Kanada

    Beschreibung

    We rijden Robson National Park binnen. Het is enorm verzorgd. Ik vind het landschap hier nog mooier dan in Jasper. We stoppen aan Moose Lake. Wat een prachtig zicht. Er is een trucker met 7 kinderen. Hij wast zich in het meer en de kinderen spelen. We zetten ons op stenen bank en eten canned food. De zon gaat onder. ik vind het romantisch. Judith snapt het niet. De trucker komt babbeltje slaan. Hij vertelt dat het morgen Canada Day is. Het land was onafhankelijk in 1867. De kindjes komen dicht bij ons zitten. De trucker is ook al in het noorden van het continent geweest. Al vele keren. Ze vertrekken. Er komen en gaan redelijk wat mensen. Iedereen wil hier foto nemen. We gaan paar keer met benen in het water. Ik zou me hier kunnen wassen. We proberen te slapen maar het is warm en er zijn wel wat muggen in de auto. Teveel! We rijden weg. Een paar kilometer verder. Het is al donker. We blijven meppen. We vallen uiteindelijk in slaap nadat ik een hysterische reactie heb.

    01/07: Judith maakt me wakker. Godver, ik was nu eindelijk aan het slapen. Het is veel te warm. We gaan samen op muggenjacht en vallen opnieuw in slaap. Het is bewolkt en het regent een beetje als we wakker worden. We blijven lang liggen. We trekken kleren aan en gaan verder naar Mount Robson Visitor Center. We parkeren in schaduw. De zon is alweer fel. Het is er druk. Er is een balkon achteraan. Wow Mount Robson is bijna volledig zichtbaar. We halen cornflakes. Ik schrijf dagboek. Judith gebruikt wifi. Er is cake en koffie voor Canada Day. Er zijn mensen in typisch Canadees kostuum en er zijn mensen verkleed als moose. Veel mensen hebben vlaggetjes met de maple leaf. Ze zingen het volkslied in groep. Dit is ondenkbaar in België haha. De Belgische vlaggen komen enkel boven als het WK is. We wandelen wat rond het centrum en proberen foto’s te uploaden. Het regent. We maken rijst klaar onder het balkon. We vinden plaats iets verder waar we kunnen overnachten. We proberen vroeg te slapen maar het is nog te warm. We gaan nog even op het balkon zitten. Er begint Amerikaan tegen me te babbelen. Hij vraagt of we code hebben van de wifi. Judith had er foto van genomen. Hij is een meteoroloog en reist veel. Hij geeft ons raad langs waar we best naar het zuiden kunnen gaan in de Verenigde Staten. Het is een aangenaam gesprek. We blijven lang babbelen. We krijgen mooi zicht op Mount Robson met ondergaande zon. Het wordt koud, tijd om ons terug te trekken. De wekker staat om 5:30 uur voor de Berg Lake Trail!

    02/07: We hebben niet goed geslapen. We blijven nog tijdje liggen. Als ik eindelijk ogen even open krijg doe ik kleren aan en rij aan 30km/u de Kinney Road af. Ik zie de top voor het eerst volledig liggen. Aan het einde is er mogelijkheid om te draaien en zijn er enkele bankjes en een brug. Er staan al wat auto’s. We trekken juiste kledij aan en maken rugzak klaar. We eten een paar stuten met choco en gaan. Het is 7 uur. De eerste 4,5km is gemoedelijk tot aan Kinney Lake. Het lichtgroene meer treedt een beetje buiten z'n oevers. Er rond gaat het pad meer op en neer. We passeren campingplaats. De tenten staan op afgezette houten stukken. Aan iedere tent hangt een reserveringsplakkaat. Ze zijn hier strikt. Daarom moeten we het pad in één dag doen. Alle plaatsen zijn volzet. We steken met brugjes de aanvoer van het meer over en beginnen te klimmen. Op het einde is er een hangbrug met erna opnieuw een campingplaats. Links in de verte over de rivier is er een steile rots waar een aantal watervallen zijn. Prachtig. Komen op het einde van de vallei aan een kolkende massa water die naar beneden stort. We dachten dat dit de White Falls waren maar die liggen nog iets verder. Vanaf hier is het stijgen! Zo goed als alles van de 800 hoogtemeters. We passeren Falls of the Pool en zien Emperors Falls liggen. We denken dat we er voorbij gaan maar iets verder is er een padje dat ons er zeer dichtbij brengt. Wat een kracht! Er is een rots in de val dat het water alle kanten uitblaast. Ik ga kort in de stroom van het afgeketste water staan. Verfrissend. Het is een machtige ervaring. We stijgen nog even verder en komen langs Mount Robson. Hij oogt al een pak kleiner dan van aan het Visitor Center. We zien aan de basis een gletsjer. Mist Glacier is redelijk vuil en er ligt afschermend puin rond. Het water van de Valley of a Thousand Falls komt hier terecht. We gaan verder door de vallei en komen bij Berg Lake. Er drijven afgebroken stukken ijs van Berg Glacier. Deze gletsjer is een pak mooier dan Mist Glacier. We komen aan Marmot campingplaats. WC’s zijn vuil. We eten cornflakes op een bankje. We hebben ook koeken mee en 3 liter water dat allemaal op zal zijn. Er praat een oudere Britse loper met ons. Hij was een kwartier na ons vertrokken. Hij is nog in vorm. We gaan verder langs het meer tot de Robson Pass. Er is niet veel te zien. Geen hoogteverschil. Het voelt niet als een pas. Het is de grens met het Jasper Park. Ik zoek een ranger om te vragen of Snowbird Pass een optie is om een loop te maken maar er is niemand in het rangerstation. Een loper vertelt dat je materiaal nodig hebt om gletsjers over te steken. Het is dus geen optie. We proberen om Hargreaves Loop te maken via Mum’s Basin. Judith ziet het niet echt zitten en onze voeten hebben kwaaltjes. Judith haar achilles steekt beetje op. Mijn blinne en compeed plakker springen open. Als we zicht hebben op Berg Lake door de bomen nemen we foto en gaan we terug. Het was fantastisch maar de terugweg is afzien. We rusten redelijk wat. Zo ook aan de overkant van het meer. Ik trek er de pleister van blinne. Een ander koppel dat zeer kort gezwommen heeft trekt foto van ons. We zijn kapot. We hebben overal krampen. Ik voel delen van m'n lichaam dat ik nog niet gevoeld heb. We komen uiteindelijk om 19 uur terug bij auto na ongeveer 50km wandelen. Die laatste km’s waren een lijdensweg en leken eindeloos ondanks dat we plattere route voor Kinney Lake genomen hadden door rivierbedding. We drinken water bij de auto en rijden naar terug naar het Visitor Center. Ik heb een kramp in m'n rechtervoet en na een tijdje ook in m'n linkervoet. Ik moet met limonadefles op het gaspedaal duwen. Het is al gesloten. We rijden naar Moose Lake. Judith lag al meteen te tukken. We zijn allebei niet goed van de inspanning. We zijn te diep gegaan. Aan Moose Lake besef ik dat m’n schoenen niet in de auto zitten. Ik begin te wenen en word boos! De auto moet georganiseerd worden! Ik maak soep en noodles klaar. Ondanks lichte regen en een aantal mensen op de parking was ik me aan de rand van het meer. Het doet deugd. Ik verander van kledij in WC. Judith rijdt naar Jasper. Ze ziet niet zo goed in het donker. Ze rijdt enkele parkings voorbij. Het onweer wordt harder. Rechts staat plots een edelhert met een groot gewei langs de weg. Judith kan remmen tot auto er vlak voor staat. Wow! Het dier kijkt ons paar seconden aan en steekt dan de weg over. Het loopt weg. Het verschiet van de bliksem. We stoppen uiteindelijk aan een parking links. Judith verfrist zich in de regen. We gaan doodop slapen.

    03/07: We worden veel te vroeg wakker van de muggen. Hoeveel we er ook meppen, ze blijven komen. We ontdekken dat ze naar binnen glippen via spleten in het kofferraam. Godver! Griezelig!

    Kommentare

  • 04Jul 2017

    10 Yoho National Park 04.07.2017 Kanada —

    Field, Kanada

    Beschreibung

    We rijden naar Jasper. Ik denk dat ik misschien schoenen kwijt ben geraakt in Activity Center twee dagen geleden na het douchen. Er is nog niemand. We zetten auto opnieuw op parking naast treinspoor en openbare toiletten. Ik organiseer de auto en Judith gaat om ontbijt. Ze werd lastig gevallen door een oud vrouwtje uit Australië dat aandacht nodig had. We ontbijten aan bankje aan achterkant van de toiletten. Broodjes met confituur en melk. Mm. Het valt wel zwaar. Judith wast haar haar en ik vul waterflessen. We gaan terug naar Activity Center. M’n schoenen liggen in lost & found koffer. Yes! Mevrouw van culturele dienst was juist terug van een reis naar Brugge.. zoals zoveel mensen die we reeds tegen kwamen. We gaan tanken en vertrekken op route 93 richting Banff. We stoppen en doen de Five Lakes Valley Trail. Het is een gemoedelijk padje rond 5 meertjes. Er zijn veel zware mensen en gezinnen. We wandelen een uurtje. We stoppen ook aan Horseshoe Lake. Het is een plaats waar lokale mensen komen om van rotsen in het water te springen. Vandaag niet, het is te koud. We komen aan Athabasca Falls. Een machtige waterval die goed verstopt is tussen de rotsen. We moeten via een tunneltje en tussen de rotsen om alle hoeken van de waterval te zien. Er zijn zeer veel mensen. Ze drummen om de selfieplaatsen haha. Als we weer vertrekken brandt er lampje op het dashboard “Service Engine Soon” en “Check Gages”. Oh ooh. Zal ik eens aan Guido moeten vragen. Ik hoop dat het niks ergs is en rij gewoon door. We stoppen aan uitkijkpunt. Links ligt de bergketen Endless Chain. Ik begin te knikkebollen. We stoppen aan rivier met uitzicht op onder andere Mushroom Peak. We maken bonen klaar met patatjes. Ik hang handdoeken te drogen aan struik. Er komt een Chinees. Ze zit zonder benzine. Een Canadees koppel zal aan het volgende tankstation vragen om jerrycan te brengen. We rusten er even. We komen erna bij Athabasca Mountain en Icefield. Er is een glazen, hangende vloer om van ver te kijken en er rijden bussen op de gletsjer WTF! We gaan dichterbij. Het is wel een grote gletsjer maar hij is niet zo mooi. We mogen er niet op zonder uitrusting en gids. Ik vraag aan een gids hoe het komt dat ze zo strikt zijn in Canada qua regels en natuurmanagement maar dat er hier dan wel bussen op een gletsjer mogen rijden. Het is blijkbaar een traditie. Het is al zo vanaf de jaren 60 en 10% van de opbrengst gaat naar het park. Er gaan zo’n 5000 mensen met de bus op de gletsjer per dag. Ik vind het een redelijk teleurstellende uitleg. We komen even verder Banff National Park binnen. Alleenstaande bergen en platte valleien rechts creëren een open en wijd gevoel. Het is een fantastisch landschap. We stoppen kort aan Crow Glacier. Vooral de berg links met z’n hoge gletsjer springt in het oog. Verderop is er een afslag naar Yoho National Park. Het is de eerste 2-vak baan waar we op rijden. Ik krijg een Europagevoel. In de tegengestelde richting is er veel file. Dit zijn waarschijnlijk mensen die terug komen van bij familie waar ze nationale feestdag gevierd hebben. Hopelijk is de file weg als we terugkeren. Er is ook een kijkfile voor een kleine zwarte beer. We stoppen niet. Er is teveel verkeer. Het is niet zoals in de Yukon. We nemen pauze aan een stop waar er uitleg is over de Kicking Horse Pass. Het is een belangrijke plaats voor het treinverkeer in Canada. De treinen gaan er in twee achten over de bergpas. De naam is te danken aan het feit dat de verkenner van de pas er gestampt werd door z’n paard. We rijden verder en komen aan afslag naar Takakkaw Falls. Ik had een wandeling opgezocht op het internet, de Emerald Triangle die we niet ver van de waterval kunnen aanvatten. Het is een smal weggetje met 3 heel scherpe haarspeldbochten. Leuk! Ik ga kijkje nemen waar de Yoho River en de Kicking Horse River bij elkaar stromen. De Yoho is wit water, komt recht van gletsjers en de Kicking Horse is groen water, gefilterd in meren. Na enkele kronkels zien we de Takakkaw Falls liggen. Magnifiek! Een steen doet het vallende water opspuiten maar erna stort het de diepte in. We gaan tot het einde van het pad. Wat een natuurkracht whoa! Indrukwekkend! We eten erna macaroni met broodjes en rijden een stukje terug tot een kleine, verscholen parking in een bocht. Het kofferraam is toegeplakt met ducktape. Slaapwel.

    04/07: We slapen lang. We worden wakker met klaarblauwe hemel. Geen enkele mug vannacht. Ik rij terug naar de Takakkaw Falls parking. We maken rijst klaar en vertrekken volgens pijl richting Emerald Lake. Het is ferm stijgen in het bos. We slaan af naar Hidden Lakes. Het pad stopt er, gaan terug. Bij volgende splitsing slaan we kort af naar het meer maar ik besef dat we toch beter de Iceline Trail volgen. We zullen waarschijnlijk meer zien. Het is minder door het bos. Het is niet erg moest het geen loop zijn. We komen al snel boven boomgrens. Er zijn redelijk wat mensen op deze trail. We zien de gigantische gletsjer liggen die de waterval voedt. We stijgen nog wat en moeten veel door sneeuw. Een oude meneer spreekt ons aan. Hij vraagt waar we naartoe gaan. Ik zeg geen idee. Hij geeft ons een kaartje. We kunnen een loop maken! Hij en z’n vrouw zijn van San Diego. We bedanken hem. Verder komen we koppel tegen dat we al gepasseerd waren. Ze zijn van Quebec en spreken Frans met een speciaal dialect. Het lijkt een beetje op het accent van de Provence maar dan sneller. We verstaan maar de helft van wat ze zeggen. We nemen een foto van hen en zij van ons. Het is prachtig hier. We komen op het hoogste punt van het pad, de Iceline Summit. We maken er noodles. Vanaf nu is het dalen in grote bocht. We passeren een ACC hut en gaan door het bos. Er staan pijlen naar Twin Falls via Marpole Lake. Het is niet zo ver. We gaan over rotsblokken. Tegenliggers zeggen dat we links moeten van het meer. We komen bij lawine van sneeuw en bomen. Judith hoort iets rechts. “Is Ok het zijn mensen" zeg ik. Ze lachen. Het zijn dan nog Vlamingen! Een jong koppel van Gentbrugge. Ze trekken 8 weken rond in Canada. Hij vertelt dat ze 6 dagen alleen op een onbewoond eiland gezeten hebben aan de westkust. Een vliegtuigje had hen ernaartoe gebracht. Ze hadden er een wolf gezien. We zeggen dat de Iceline Trail te doen is, geef het kaartje dat we gekregen hadden. We babbelen even en gaan dan door. Twin Falls is mooi. We hebben alle moeite om foto te nemen omdat de zon fel blinkt vlak boven de waterval. We wandelen erna terug naar Yoho Valley. Het is nog even dalen door het bos. We passeren campgrounds. We komen bij Laughing Falls. De waterval komt misschien aan z’n naam omdat het water in snokken eruit komt. We raken uitgeput maar het is gelukkig niet zo ver meer. De paden zijn mooi verzorgd en afgezet. Het trekt even op een minigolf parcours haha. Aan de parking was ik me in de Yoho River. Judith warmt groentjes. Het is warm in de auto.

    Kommentare

  • 06Jul 2017

    11 Banff National Park 06.07.2017 Kanada —

    Banff, Kanada

    Beschreibung

    We rijden naar Louise Lake. Het is er druk en toeristisch. Er is een mall. We gaan om brood, melk, eieren en chocoladekoekjes. We rijden erna door naar Lake Louse. Er staat een gat lelijk wit hotel naast. Judith wast zich in propere publieke WC. Ik vul waterflessen bij. We gaan nog kijkje nemen aan het meer. Het is mooi en kalm. Ik rijd stukje terug en parkeer achter RV’s.

    05/07: We hebben goed geslapen ondanks dat er paar jonge gasten in auto wat lawaai maakten. Rijd stukje terug naar parking aan Lake Louise. Er is al redelijk wat volk. De parkeerwachters staan te lummelen. We eten rest chocoladekoekjes en koken eieren. We vertrekken links van het meer. De meeste toeristen gaan naar rechts. Goed. We stijgen door het bos via de Saddleback Pass. Judith draagt de rugzak. We laten hem liggen aan kruising en beklimmen rechts Fairview Mountain. Het is een redelijke uitdaging. Boven zien we de volle glorie van Mount Temple, een stuk van Lake Louise en veel bergen in de richting waar we naar verder zullen rijden. Er zitten eekhoorns. Ze komen hier waarschijnlijk verkoeling zoeken. Ze bedelen niet. Het is meer dan 30 graden vandaag. We hebben al enkele honden in sneeuw zien liggen om af te koelen. Er zijn 3 meisjes die redelijk wat foto’s nemen. Ze nemen ook één van ons. Er wist één dat Mount Temple niet te beklimmen is op dit moment wegens lawinegevaar. De top van de berg kan slechts 3 weken per jaar veilig bereikt worden. We dalen. Ik ben sneller bij de rugzak. Ik pel een eitje voor Judith. Het smaakt. We lopen even verkeerd en dalen dan tot Paradise Valley. We komen in een lawinegebied. Ongeveer 200 meter ligt vol omgevallen bomen op sneeuw. Judith ziet het niet zitten. Ik klauter erover en zie een klein stukje pad in het bos. Het gaat niet verder. Ik daal tussen dichte bomen richting riviertje en vind het pad terug! Judith volgt. We maken lawaai voor beren. We komen aan een rivier. We volgen even de oever en steken dan over. We stijgen wat en komen aan idyllisch meertje naast Mount Temple. Lac Annette. Prachtig. Er is niet veel plaats. Mensen liggen er te rusten op ieder morzeltje grond aan de waterkant. We gaan door. We stijgen en blijven stijgen tot aan de Sentinel Pass. Het ziet er zeer steil uit vanop een afstand. We stijgen in de hitte door losse gravel en sneeuw tot in schaduw. We stoppen even en eten boterhammen met choco. Er zijn er een pilaar aan het beklimmen rechts van ons. Wow! Ze roepen. We stijgen verder. We vinden het pad goed op de bolders. Het is telkens 180° draaien aan hoopjes stenen. Op de pass zijn er 3 mensen waaronder 1 mevrouw die uit Tsjechië komt. Ze neemt foto van ons. We hebben zicht op de Valley of the Ten Peaks. Het zijn scherpe, besneeuwde toppen. We dalen ernaartoe via vooral sneeuw. We dalen verder via bos en komen bij Moraine Lake. Er zijn weer heel veel mensen. Een Chinees van Sjanghai neemt foto van ons. We proberen te liften aan de parking. Twee Braziliaanse meisjes nemen ons mee tot splitsing. We wandelen rest traag op voetpad naast baan naar parking aan Lake Louise. We nemen nog foto. Het is nog iets minder donker dan gisteren. We wassen ons aan rivier met water dat stroomt uit het meer. Heerlijk. Enkele muggen. We rijden naar Banff. We zien Mount Rundle en meren ernaast. De weg ervoor was afgezet tegen wild en het is een 2-vak baan. De stad is één grote commercieboel. Ik baal enorm. We gaan burgers, McFlurry en veel frisdrank halen in McDonalds. Suiker! We zoeken erna plaats waar we kunnen slapen. Er staan overal “No overnight parking” bordjes.. We rijden heuvel op en stoppen op plaats waar er geen plakkaten zijn. Het lijkt op het begin van een trail.

    06/07: We worden wakker met een voertuig van een parkwachter naast ons. Er staat één onze nummerplaat te noteren. Fuck fuck fuck. Ik trek broek en T-Shirt aan en stap uit. “Goodmorning” zeg ik. Hij vraagt of we weten dat we hier niet mogen slapen. Ik zeg dat we gisteravond laat uit Jasper komen en dat we gezocht hadden naar plaats waar er geen bord “No overnight parking” stond. Hij zegt dat we in elk nationaal park op campgrounds moeten overnachten. Hij vraagt rijbewijs. Ik haal mapje uit. Hij neemt paspoort en vraagt of ik criminal record heb. Ik zeg droog “No”. Hij gaat naar z’n voertuig. Het duurt enkele minuten. We komen ervan af met een waarschuwing. Oef! We rijden terug naar het centrum. We ontbijten aan parkje nadat we boodschappen hebben gedaan in winkel die ik gespot had. We vullen water bij aan washrooms en drogen handdoeken. We organiseren auto en gaan naar het Visitor Center. We gebruiken even de wifi. Ze tonen waar car mechanics zijn en dat we best vanaf Mount Shark Trailhead naar Mount Assiniboine zouden gaan. Er ligt teveel sneeuw vanaf Sunshine Trailhead. Het is één van de beste hikes volgens National Geographic. We beslissen om het Kootenay Park links te laten liggen. Er valt een jongetje flauw. Hulpdiensten komen snel. De jongen komt al terug bij. Ik bied water aan. We vullen erna water nog bij en vertrekken uit Banff. Het is snikheet. We vinden een monteur buiten het centrum die ons wil helpen tijdens z’n pauze. Hij werkt bij bedrijfje Mountain Mechanics. Hij zegt dat “Service Engine Soon” slaat op het feit dat olie moet ververst worden. Maar de olie is Ok. De computer geeft het niet goed door. Het zou moeten reset knopje zijn maar hij weet niet precies waar het zit. Het is ook normaal dat als je motor aanzet dat er lampjes branden. Het is pas een probleem als ze blijven branden. Hij zegt “you are good to go”. De tweede oef! van vandaag. We rijden richting Canmore en even er voorbij oeps. We draaien aan Dead Man’s Flats. Ik moet pissen. Er springen 4 muggen op m’n been terwijl ik bezig ben. Lopen! We vinden route 472 in Canmore. We rijden voorbij een meer en de weg wordt een gravelweg. Dat hadden we niet verwacht. Het zou moeten lukken. Jimmy heeft het nog gedaan. We stijgen en komen aan een stuwmeertje op een pas. We stoppen hier even. Ik ga zwemmen. Judith komt ook, heel even. Er gaat een klimmer op de rotsen. Hij springt er af op 3 à 4 meter hoogte. Als we vertrekken kwamen er curieuze geiten. Die klommen een pak sneller. We komen Spray Valley Provincial Park binnen. Er rijden nog veel auto’s op de gravel. We komen aan een meer. Prachtig! We kunnen er niet zwemmen. Er zitten dazen net als aan het stuwmeer.

    Kommentare

  • 08Jul 2017

    12 Mount Assiniboine Provincial Park 08.07.2017 Kanada —

    Edgewater, Kanada

    Beschreibung

    We komen aan Mount Shark afrit. We slingeren langs een groene vallei met een stroompje en bergen in de verte. Overal springen eekhoorntjes weg. We komen aan de Trailhead. Er staan redelijk wat auto’s. We trekken foto van plakkaat waar trail op aangeduid staat, voor morgen. We rijden terug naar eerste stop. Bolder Pond. Er is een vijvertje. We zijn er helemaal alleen, buiten een schuw hertje. Judith snijdt en stooft groentjes. Ze maakt spaghetti. Onze magen hebben problemen om al dat eten te verwerken. We waren redelijk verzwakt vandaag. Ik heb al twee dagen ferme koortsblaas en hij gaat nog niet weg. Ik haal lichtblauwe slaapmatjes uit container. Op één hangt er veel confituur. Ik kuis het af. We blijven er een aantal uur tot het kouder en donker wordt. We rijden dan terug naar de Trailhead. We stoppen er vlak voor aan een landingsplaat voor helikopters. Er staan al enkele auto’s en er is geen plakkaat “no camping”. Hopelijk staat er morgen deze keer geen parkwachter aan de auto als we wakker worden.

    07/07: Wakker. Ik moet pissen. Ik had teveel Nestea gedronken. Ik trek deur open en loop. Judith wordt iets later ook wakker en moet naar toilet. Ze rijdt auto dicht tegen WC kotje want ze is bang dat er een beer zit. We slapen door tot het alarm afgaat en blijven nog een beetje liggen. Ik rijd van de helipad naar de trailhead. We zijn niet betrapt vannacht. :) We eten snacks (zonder smaak) en stuutjes met choco. We maken zakken klaar. De blauwe matjes strikken we onderaan vast. In het begin is het een breed pad zonder veel hoogteverschillen. We volgen het pad naar Watridge Lake en slaan af naar Bryant Creek. We moeten door het bos. Na een paar kilometer staat er een waarschuwing. Er zijn hier in het verleden al aanvallen geweest van grizzly beren. We maken veel lawaai en zingen. We komen na heel eind eindelijk op een open plek met twee huisjes rechts en later op een groter open stuk. We pauzeren aan een riviertje. We eten de rest van de kersen op. Ik hoop dat het helpt tegen koortsblaas. Ik eet er 15. Judith veel meer. We houden de pitten bij. We gaan op voetganger pad. Het is één kilometer langer dan het pad voor paarden maar het is wel begaanbaar. In tegenstelling tot het paarden pad zijn er geen diepe modderstroken en brede wateroversteken. We beginnen te stijgen. We hebben al een tijd geen mensen meer gezien. Het is snikheet. We rusten even aan rotsen. We gaan dan verder naar de Assiniboine Pass. We kruisen een jonge Slovaak die ons bewondert. Hij is van plan om er twee dagen over te doen om naar Mount Shark Trailhead te wandelen. De pas was ferm stijgen. We zien de top van de berg opduiken links om de hoek. We gaan het Assiniboine Park binnen op de pas. Het is Unesco werelderfgoed. Op een plakkaat staan er redelijk wat regels. We komen iets verder in een prachtige vallei. We volgen een pijltje naar Lake Magog campground. We komen plots veel mensen tegen. Dat is niet echt aangenaam. We nemen een plaats in maar het is niet zo’n goede plaats. Judith gaat naar het WC en ik zoek een betere plaats. Ik vind één dicht bij lockers en bankjes die alleen staat. Andere mensen nemen de plaats echter af. We zijn te traag met onze rugzakken. We zoeken verder maar lopen in een rondje. We beslissen om eerst naar het meer te gaan. We zijn kapot. De laatste kilometer was één die veel langer was. Ik duik met onderbroek en T-Shirt het meer in. Judith wordt gek van de muggen. We hebben er al veel gehad in het bos vandaag en er zitten er ook enkele aan het meer. Er komen wolken. Fuck kleren zullen niet meer drogen. We gaan overflow stuk van camping opzoeken. Er is niemand buiten één zwaarlijvige man naast een riviertje. We zetten de tent op. Plots vliegt er een zwerm muggen op Judith af. Godver zot! Ik lach het weg en zet tent zo snel mogelijk op. Judith slaat de muggen weg. We smijten de slaapzakken en matjes in de tent. We leggen zakken en schoenen in de zijkant. We duiken de tent in. Geen één mug zit in het binnenste van de tent! Oef! Het is redelijk warm. We wennen en komen tot rust. We zitten in een veilige cocon. Ik steek toch arm naar buiten om buitenste flap stukje naar boven te doen. Het is om een beter verluchting een een uitzicht op Mount Assiniboine te krijgen. Die trekt van hieruit wat op de Matterhorn. We rusten en slapen wat. Een ranger komt tegen andere mensen zeggen dat ze moeten betalen. De vier Amerikanen en Australiërs hebben ook last van de muggen ook al gebruiken ze muggenspray. Ik trek nu en dan een foto van de berg door de opening in de tent. De belichting verandert. Ik voel me redelijk uitgeput. We proberen al vroeg te slapen.

    08/07: We hebben prachtig zicht gehad op de berg vannacht in het donker met de volle maan links ervan. De kodak kon het niet vatten. We worden wakker rond 6:30 uur. We kleden ons volledig aan en springen uit de tent. De muggen zijn lam. We vouwen de tent op. Sterf! Er zijn er zeker honderden geplet. We maken dat we snel weg zijn. We volgen een pijl naar Wonder Pass. We gaan langs Lake Magog. Ik vraag aan Chinese om nog foto te nemen van ons. We ontbijten aan het meer. De LunchOnMeat smaakt enorm! Mijn buikje is blij. We komen al snel bij de pas nadat we lodges gepasseerd zijn. We zien Mount Assiniboine niet meer. Judith doet jas af. We smeren ons in met zonnecrème en drinken wat. Als we weer vertrekken komen er twee mensen op ons af. Ze zijn enthousiast en bang. Er zit een grizzlybeer met twee jongen iets verderop. Ze durven niet verder. De cubs spelen in de sneeuw. De beren zien ons vanaf een afstand en gaan de heuvel op, in richting weg van ons. In het wild zien is toch iets anders dan van in de auto! We besluiten om bij mekaar te blijven. Het zijn Chilenen. Judith praat wat met het meisje. Ze doet PhD in New York. Ik met jongen. Hij heeft al veel gereisd. Ze hebben ook de Skyline Trail geprobeerd maar ze zijn niet voorbij The Notch geraakt. Er lag teveel sneeuw en ze hadden slecht weer. We gaan samen langs Marvel Lake. Het is vochtiger en er zitten meer muggen. Als we even stoppen krijgt Judith muggenspray. We wandelen eerst en babbelen veel. Het is eens leuk niet te hoeven lawaai maken. We stoppen af en toe om water te nemen. We drinken meer dan gisteren. We wandelen tot op 5km van de parking. Ze willen stoppen aan rivier. Wij besluiten om door te gaan. We nemen kort afscheid. Judith stapt snel door. Ze wil er zijn. Ze moet naar het WC. Ze heeft zelf nog een fleece pull aan! Op laatste stuk is er geen beschutting van de zon maar we blijven gaan. We komen tegen rond 15 uur bij de auto. Judith laat stok terug achter die ze er gevonden heeft. Het is extreem warm in de auto. Ik kan stuur maar net vastnemen. Ik rijd traag door. We eten chips. Ik zie de Slovaak nog in de schaduw op de parking zitten. We stoppen aan het eerste meertje dat ik zie. Het heeft de naam 'Lake Belgium' haha. Het water is grijs. We drogen er de tent en ik klets water over me. Judith verfrist zich ook. We gaan verder. Er zijn teveel vliegen. We komen aan een groter stuwmeer. Aan de overkant zouden we ook moeten kunnen geraken. Ik zie auto’s. Ik vind de weg ernaartoe. Ik zoek een schaduwplekje om te zitten, niet te vinden. We zwemmen kort in de Bow River. We zien mooie rotsen in de verte. We rijden stukje verder en nemen de afslag naar Kananaskis Lakes. Het Low Lake is langgerekt met modder aan de oever. We blijven niet lang. Het Upper Lake is een pak mooier. We kunnen er makkelijker pootje baden. We willen macaroni maken maar de gas is op. We eten dan maar uit conserven: patatjes, boontjes en maïs. Judith ruimt de auto wat op terwijl ik dagboek schrijf. We kijken naar de zonsondergang aan het meer. Als we wegrijden staat er een moose en jong op het midden van de weg. We blijven even kijken. Ze gaan door het bos naar een modderpoel. Ze drinken. Er stoppen enkele auto's achter ons. We gaan uiteindelijk door. Overal zijn er plakkaten met “No Camping”. We verlaten het Peter Lougheed Park. We rijden richting het zuiden op een baan die in de winter gesloten is. We stoppen aan de Elbow Pass Trailhead. Er zijn veel auto’s. We vallen hopelijk niet op.

    Kommentare

  • 10Jul 2017

    13 Waterton National Park 10.07.2017 Kanada —

    Waterton, Kanada

    Beschreibung

    09/07: We slapen echt goed en diep. We ontbijten in de auto. Judith rijdt over de Highwood Pass en langs groene landbouwgrond. Twee paarden hebben een lap grond waar bij ons 1000 koeien op zouden staan. Het dorp Longview is twee keer niks: Twee tankstations, een motel en een klein winkeltje. We rijden langs ranches en petroleum pompen. Dit zullen we waarschijnlijk nog veel zien in Verenigde Staten. Een ranch had petjes op de omheining. Judith rijdt goed door. We passeren Mount Armstrong en komen in het stadje Pincher Creek. Ze hebben een Walmart. We laten ons gaan. We halen kip met patatjes en salade. We schaffen ook muggenspray aan. Beter laat dan nog later. We eten op een bankje in de schaduw. Het is snikheet. Ze hebben geen gaspulletje. Judith tankt nog. We rijden verder. Best dat we wat gekocht hebben in Pincher Creek. Twin Butte is ook twee keer niks. We komen in Waterton Park. We stoppen aan Pass Creek. Jimmy kan in de schaduw staan. Wij kunnen in de schaduw liggen naast het riviertje. Er zijn geen muggen. Yes. We vallen in slaap. We eten erna de rest kip en salade op tussen stokbrood. We voelen ons pompedik! Ik ga de rivier in om een dammetje wat uit te breiden. Ik probeer ook eens naar de overkant te geraken maar ik raak slets kwijt en val. Ik trek zwembroek aan en hang andere kleren te drogen. We gaan hoekje om en wassen ons haar. We zitten erna nog wat op een boomstam en kijken naar mensen die fake foto’s nemen. Er komt een hert piepen. Hij durft enorm dicht te komen tot Judith op tafel slaat. Een heerlijke rust namiddag. Ik rijd nog door tot aan het Waterton Lake. We slapen in de hoek van een parking aan het meer.

    10/07: We rijden terug naar het Visitor Center. We vullen water bij en ontbijten. Judith heeft het schitterende idee om de smacks die meer op smakeloze rijstkoek trekt in de pot met de rest nutella te dumpen. Heerlijk! We rijden langs Parkway richting Cameron Lake. We stoppen aan Rowe Creek. De mevrouw in het Visitor Center had gezegd dat dit het startpunt was om Mount Blakiston te beklimmen. Dit is de hoogste berg in het park. We maken de zakken klaar en wrijven ons in met zonnecrème. Judith heeft geen lange mouwen en benen mee en geen jas. We hebben slechts 2 liter water en canned beef/ brood. We gaan door het bos. De ondergrond is rood, precies gravel. We stijgen langs beige cilindervormige bloemen. We komen aan een riviertje. We stappen over een balk en gaan naar rechts. We stijgen op de zijkant van een heuvel. Voor ons wandelen er twee mensen. We halen ze in. Het zijn park rangers. Ze hebben twee bruine beren zien spelen in de sneeuw. We hebben ze niet gezien. We gaan even voor. Ze hebben schoppen om paden te onderhouden. We klimmen tot het punt waar we op Lineham Ridge komen. Ze halen ons terug in. Ze gaan voor een week naar Lone Lake om samen met andere rangers werken uit te voeren. We draaien langs de ridge. We verlaten hem als we dicht bij Mount Hawkins komen. We klimmen tot de top. We hebben mooi zicht op Lineham Lakes en waterval. Er is niet echt een pad meer. We klauteren naar beneden door rode, zwarte en gele stenen. We zien links een moeilijk stuk waar we waarschijnlijk niet door kunnen. We gaan daarom berg langs rechterkant rond. Het is ferm klauteren. We zakken weg op los gesteente. Het ss nog moeilijker aan de andere kant. Fuck. We klimmen tot de top en eten corned beef. Vettige smoet. Ik merk padje op, toch aan linkerkant. We hebben weer energie. We geraken tot aan het pad en volgen het. Het komt uit op stuk waar we dachten niet door te kunnen. Het lukt toch. Vlak onder een gat in de rotsen is een doorgang. Yes. We klauteren naar boven tot aan weerstation. Er is redelijk wat wind. We klimmen verder naar rechts. Het blijft duren. Eens boven is het naar links op de bergkam. We denken dan dat we er zijn maar moeten over nog 2 heuveltjes. We geraken er uiteindelijk! Fantastisch zicht. We kunnen heel het park zien. We blijven niet al te lang. Het is al 15 uur. Nemen een selfie met Ruby Ridge en Lower Waterton Lake. We zullen moeten teruggaan langs dezelfde weg. Lineham pad zoeken zou waarschijnlijk niet lukken. Het ligt onder de verticale muur met waterval. We missen op Lineham ridge. We lopen eerst naast het pad omdat we verschoten van donder vlak bij ons en iets verder lopen we te ver door langs de flank. We zijn enorm uitgeput vooral door al het wegglijden op los gesteente. Als we terug in het bos komen zeg ik tegen Judith dat ze iets minder over eten moet bezig zijn. We horen een donder links en een donder rechts en het begint te gieten. We worden kletsnat. We komen terug op de parking. Judith voelt zich niet goed. Er stopt een ranger. Hij vraagt of we beren gezien hebben. We antwoorden: 'Nope'. We rijden naar het Visitor Center. We stoppen alle natte kleren in een zak en trekken warme kledij aan. We eten corned beef, pataten en erwtjes en worteltjes. Ik rijd erna door Waterton Village op zoek naar wifi. Tevergeefs. Er wandelen veel hertjes in het dorp. We gaan terug naar de parking aan de waterkant. Slaapwel.

    11/07: We zijn weer tamelijk vroeg wakker. We hebben geen ontbijt meer. We gaan naar het Visitor Center. We drinken een slok water en volgen het pad naar Bear’s Hump. Dit is een uitkijkpunt op Upper Waterton Lake. We zijn op gewone schoenen. Judith is redelijk uitgeput. We raken er redelijk snel. We blijven even en trekken paar foto’s. Tijdens het afdalen passeren we eekhoorntjes. Ik rijd door, richting de grens met de Verenigde Staten. We stoppen nog even en eten Smacks met hazelnootpasta. We komen aan de grenspost Chief Mountain Montana. Een officier stelt redelijk wat vragen. “How come you have an Alaskan vehicle? When are you leaving the USA? We at border patrol need exact dates! When are you going back to Belgium?” Het is uiteindelijk Ok. “Drive safe. Cows ahead!”

    Kommentare

  • 12Jul 2017

    14 Glacier National Park 12.07.2017

    Cut Bank

    Beschreibung

    We rijden een eindje verder naar een uitkijkpunt. Ik leg er natte kleren open en eet nog wat. Judith rust. We rijden na een tijdje verder tot het gehucht Babb en verder tot het dorp St Mary. We gaan in winkeltje om brood en gas. Het gas is van een ander merk maar past perfect. Yes. Er is toegang tot het Glacier National Park in het dorpje. We tonen America The Beautiful Pass en ID kaart aan toegangsloket. We krijgen een kaart en een krantje van het park. Leuk. We kijken in het Visitor Center naar 3D maquette. Ik vraag uitleg over twee wandelingen. Judith gebruikt de wifi. Hier start de Going-to-the-Sun Road. Blijkbaar is dit de mooiste weg in het park en de enige die de oostelijke kant met de westelijke verbindt. Judith voelt zich nog niet zo goed dus het wordt een rij- en rustdagje. We rijden langs St Mary Lake. We stoppen aan Rising Sun en eten macaroni op een picnic area. We rijden verder langs een nauwe weg, toch voor hier. We gaan langs het water en komen aan een uitkijkpunt genaamd Sun Point. Het miezert wat. Hij doet z’n naam dus geen eer aan. Op een meer zien we een mini eilandje. Wild Goose Island. Passeren Going-to-the-Sun Mountain en Siyeh Bend. Erna is de weg echt mooi. We rijden langs een prachtige vallei tot Logan Pass. Er is geen parking. We zien een witte mountain goat met korte horens. Hij gaat weg. We hebben geen foto kunnen nemen. Ook na de pass blijft de vallei mooi. We rijden langs Weeping Wall waar water van sijpelt. Ze geven hier aan alles een naam. We zien Bird Woman Falls links en iets verder Heavens Peak. We dalen verder naast creek tot MacDonald Lake. Wanneer we het meer eerst zien is er een gezin aan het zwemmen. Hun mobilhome heeft een Frans kenteken. Iets verder komen we op kiezelstrandje die uitsteekt. Er zit een boerenfamilie uit Wisconsin met ouderwetse kledij. We laten kleren drogen en rusten wat. Het water is warm genoeg om te zwemmen. We gaan door tot West Glacier op zoek naar plaats waar we zouden kunnen slapen. We vinden een kleine parking naast een spoorweg. Het is nog vroeg. We rijden terug naar Apgar Village. We eten er soep en noodles op een bankje aan het meer. We gaan er naar WC en poetsen onze tanden. Ik rijd langs andere kant weg. We komen toevallig op een picnic area aan het meer waar er geen plakkaten staan. We zullen hier slapen. Als ik bijna in slaap val hoor ik deuren van een auto. Er wandelt een park ranger naast ons. Ik doe kleren aan. Hij was even weg gewandeld en komt terug. Ik leg uit dat we even aan het rusten zijn. We komen van Canada. Hij zegt dat we hier niet mogen slapen en hij rijdt weg. Dju. We rijden terug naar West Glacier. 5 minuten verder. We slapen naast de spoorweg.

    12/07: We hebben maar één keer een trein gehoord. Ik heb wel gebloed aan m'n lip. Het kussentje hangt vol bloed. Er stond toch een plakkaat “No overnight parking”. Och ja. Ik rijd naar Logan Pass. We worden getrakteerd op mooie zichten met opkomende zon. Op de parking staat een ouder koppel naast ons van Israël. Ze dachten dat we van Alaska kwamen. We doen ons verhaal. Ze zijn al in Chili geweest. Ze raden een paar zaken aan o.a. gletsjers naast Perito Moreno en de Carretera Austral. De mevrouw vraagt of er in Canada beter brood is. Stellen haar teleur. Ze gaan ook de Highline Trail doen. We vertrekken langs de weg rond 7:30 uur. We wandelen vlak naast de autoweg. Er is veel volk. We steken enkele mensen voorbij. Het is zo goed als een vlak pad met mooie vergezichten, dezelfde als vanop de weg. We stijgen over een pasje. Er ligt een beetje sneeuw. We komen een eind verder aan de splitsing naar Glacier Overlook. Het is 1 kilometer naar Grinnell Glacier. We stijgen ferm. Het gaat goed. Het is steil maar we geraken er relatief snel. We hebben mooi zicht op de gletsjer die nog redelijk groot is. We gaan nog iets hoger en zien enkele meren die gevoed worden door de gletsjer. We vragen aan 3 jongens van Tennesee om een foto te nemen van ons. Die die hem neemt heeft voorouders uit Brussel. We genieten nog even van het zicht en dalen opnieuw. We zijn blij dat we de korte omweg opgeklommen hebben. Op weg naar beneden kruisen we vette, puffende Amerikanen die vragen of ze al halfweg zijn. Ik antwoord: "Nee misschien op één vierde hah!" We komen al snel bij een hut. Het voelt als de Alpen plots. We eten de rest van het brood en de choco op een bankje in de schaduw. We dalen het laatste stuk naar The Loop. Het is nog zwaar puffen. De warmte valt naar beneden op sommige stukken. We zien een autoweg liggen na de bocht. Yes. Ik dompel pet in stroom vlak ervoor. We nemen een shuttle bus. We hoeven maar een kwartier te wachten. Er is airco. De chauffeur is een oudere, vriendelijke en praatgraag mevrouw. Ze communiceert hoeveel mensen er nog staan te wachten en ze deelt water uit. Het is goed georganiseerd. We vullen flessen water bij aan de Logan Pass. We wandelen nog eens door het in Visitor Center. We zien de mountain goat in de sneeuw zitten. Deze keer kunnen we wel foto nemen. We rijden terug naar St Mary en stoppen op dezelfde plaatsen als gisteren. What a difference a day can make. Het zonnetje schijnt fel en we kunnen veel mooiere foto’s maken. We stoppen aan Rising Sun. Ik zwem kort naast de plaats waar er boten vertrekken. Ik voel me een ander mens! We stoppen nog even aan het Visitor Center en vullen alle waterflessen. We gaan nog naar winkel om brood, nootjes en chips. We eten de chips meteen op. We rijden naar Cutbanks. Het weggetje is gravel en niet echt Ok maar we zullen het morgen toch wagen. We rijden terug naar een bocht waar er schaduw is van bomen. We eten macaroni met tomaat/kaas. We ruimen de auto op. Het is weer netjes :). We gaan vroeg slapen.

    13/07: We slapen eens uit en blijven liggen. Het doet deugd. Judith staat al op. Ze maakt soep. Ik geraak er moeilijk uit. We zien 100 meter verder een mountain lion de baan oversteken. Hij (of zij) had een stomp als staart. We rijden over gravel. Ik ontwijk putten en grote stenen waar ik kan. We passeren loslopende koeien en paarden. Ik zet auto aan een parking voor een camping. We wisselen onze kleren in een WC en maken een zak klaar. We vertrekken samen met twee gepensioneerde rangers. Ze hebben een zwarte beer gezien voor ons. We halen ze in en maken lawaai. Er zijn veel bloemetjes. We gaan een lang stuk door het bos. We passeren een campground. Het gaat moeilijk vandaag voor me. Judith neemt de zak over. Ze stijgt snel over het pad naar de Triple Divide Pass. Links zien we Medicine Grizzly Lake opduiken. We zien af en toe nog mensen. We zetten ons uiteindelijk aan de pas. Het was een heel eind. Er zitten mensen rechts in de schaduw van rotsen. Eens ze weg zijn gaan we naar daar. We eten nootjes en brood. Er komen marmotten snuffelen. Nee, we hebben echt honger. Het is ons eten! Ik gooi een steen. Voila die komt niet meer terug. Als ik iets later geen honger meer heb wil ik gerust een stukje brood geven. Maar de marmot die ik probeer te lokken durft het stukje brood niet te nemen. Hij gaat naar de rugzak en likt het zout eraf haha! Erna begint hij ook aan m’n broek. We beslissen dat Triple Divide Peak er iets te moeilijk uitziet en vooral het is weer snikheet en we hebben nog maar 1 liter water. We maken een filmpje met uitleg. Judith filmt 5 keer. Ik zei verkeerde dingen of ik kwam niet goed in beeld. Judith struikelde ook eens over een steen. We gaan terug naar benden. Ik draag weer de rugzak. We komen een muur tegen waar water van stroomt. Ik ga er even onder staan. Aah verfrissing! Het stuk in het bos duurt nog lang. We steken op het eind 6 oudere dames voorbij. We komen terug samen op de parking. Er biedt ene ons zelfgemaakte brownies aan. Mmm heerlijk. We rusten nog even voor we ons terug over de gravel wagen. Jimmy doet het goed. We passeren mensen op quads die koeien aan het hoeden zijn. We komen terug op asfalt. We rijden richting East Glacier. Het baantje ligt niet altijd even recht maar we krijgen mooie uitzichten. We zien Lower Medicine Lake opduiken. We rijden erlangs. Judith ziet een trapje vlak voor we Glacier National Park zouden inrijden. Ik rijd terug. Het is een hekken met prikkeldraad met een smal pad ernaast. We gaan naar beneden en wassen ons in het meer. Het doet deugd. Het is wel een heel karwei om weer boven te geraken. Ik glijd weg met m'n slippers op het modderig padje. Judith kuist de modder wat op. We rijden een klein stukje terug tot voor het plakkaat van het Glaciar Park. Hier zouden we mogen overnachten. We maken rijst klaar en slaan een paar muggen dood. Slaapwel.

    14/07: We rijden richting Two Medicine Lake. We komen aan een camping. Ik vraag aan een ranger waar de start van de Pitamaken Loop is. “Over het brugje staan alle aanduidingen.” We kunnen parkeren op het einde van het meer bij WC’s. Er zijn kraantjes. Yes. We hadden niet veel water meer. Er staat een bordje “No picnic in camping area”. We maken zak klaar en gaan door. Over brugje is het naar rechts. We maken lawaai voor beren. We komen uit het bos op een open plaats bij een riviertje. We maken macaroni klaar. Degene die niet eet staat op uitkijk. Er passeren af en toe mensen, zelfs lopers. We voelen ons daardoor niet op ons ongemak. We gaan verder het bos door. Er staan heel veel stengels met witte bloemetjes die open komen. Beargrass. We komen op de splitsing naar Old Man Lake en de Pitamaken Pass. We gaan de pas op. We zien het meer liggen onder de puntige berg. Links achter ons ligt de Rising Wolf Mountain. We zullen die omcirkelen. Eens op de pas duiken er rechts meren op. Er is geen schaduw. We gaan nog iets hoger. We moeten kort door sneeuw. We komen aan een bocht met nieuwe vergezichten. Recht voor ons ligt Mount Stinson. Judith maakt eten klaar door sneeuw te koken in een hoekje waar er minder wind is. Er passeren 2 gasten van New York. Ze nemen paar foto’s van ons. Volgens hen zitten we nog niet in de helft. Geen probleem. Het is nog maar 13 uur. Er kwam opnieuw een marmot kijken maar hij is schuw en houdt zich gedeisd in de schaduw van z’n hol. We wandelen langs de bergflank voor een tijdje. We hebben mooi uitzicht rechts. Na een bocht zien we opnieuw Old Man Lake links van ons liggen. Iets verder komen we op Dawson Pass. Vanaf nu is het dalen. We zien No Name Lake en andere kant van Two Medicine Lake liggen. Het stinkt. Ik dacht eerst dat het ons zweet was maar is gewoon de lucht. We dalen door bos. Het wordt weer iets warmer. We stoppen aan breder riviertje. Het is een goede verfrissing. Een koppel met 2 kleine kindjes die we gepasseerd zijn komen er ook naar terug. Judith marcheert het laatste stuk. Ik kan bijna niet volgen. We zijn uiteindelijk relatief snel terug bij Jimmy. We dachten dat het een langere wandeling zou zijn. Er staan enkele gasten te vissen in het meer. We wisselen in zwemkledij in WC’s en verfrissen ons. Zalig! We wassen ons haar aan een lavabo en vullen water bij. We nemen nog een laatste foto van het meer en vertrekken. We gaan opnieuw langs het hobbelige baantje. Doei Glacier National Park! We slaan af naar East Glacier. Ik tank een beetje aan een ouderwetse pomp. Mevrouw is vriendelijk. Ze is in Alaska geboren. Ze geeft een kaart van Montana mee en toont langs waar we naar Yellowstone kunnen. Judith haalt een stuk pizza aan de overkant bij de bakker. Mmm. We rijden naar Browning. Vlak ervoor lopen er 2 paarden los. De politie zit erachter haha. Na het dorp hebben we fantastische vergezichten. Thuis en in Europa kunnen we zo ver niet kijken. We zien stormen in de verte. Machtig. De zon gaat onder achter de bergen rechts. Er springt een hert 100 meter voor de auto gezwind over afsluitingen. Het is bang van de bliksem. Ik tank nog beetje in Choteau. Na Augusto rijd ik bijna een hert aan. Het begint donker te worden. Ik probeer een plaatsje te zoeken om te staan echter zijn alle afslaande onverharde wegen toegangen tot velden. We vinden uiteindelijk een parkeerplaatsje aan een historisch punt: Dearborn Crossing Cemetery.

    15/07: We blijven lang liggen. We zijn een beetje groggy. Ik bloed opnieuw aan m’n mond. Er zit veel op het kussen. Judith maakt pasta klaar. Ze rijdt vandaag. We steken de Missouri over. De rivier ontspringt niet ver van hier. We zijn snel voorbij Helena. We gaan langs Townsend. Judith geeft gas. In Three Forks gaan we naar links tot Bozeman. We gaan naar de Walmart. Op het gemak. Eerst halen we zaken om broodjes mee te maken. We eten ons buiten pompedik. Ik moet bijna overgeven. De yoghurt en vele melk waren er teveel aan. We sturen iets via Whatsapp naar familie. Judith belt eens met haar mama. Daarna slaan we eten in voor een langere periode. We gaan nog eens tanken.

    Kommentare

  • 18Jul 2017

    15 Yellowstone National Park 18.07.2017

    Yellowstone National Park

    Beschreibung

    We rijden naar Livingston. Volgens een jongen die karren aan het sorteren was op parking, want Amerikanen laten hun kar op willekeurige plaats achter, hebben ze daar een laundromat. We vragen info aan een motel. Ze wijst naar het einde van een straatje naast de grote weg. Scrub & Bubbles is de naam boven het kotje. We wassen en drogen kledij. Het is nodig. We hadden niks meer. Ik werk de Google reis map nog wat uit terwijl Judith de waste plooit. We rijden tot Yankee Jim, een stop aan de Yellowstone River. Het is snelstromend water. Mensen lossen hier hun boot. Judith wordt wat emotioneel. Ze begint te blèten. Ze mist haar familie een beetje. Ze heeft gisteren niet goed geslapen. We eten een boterham met nieuwe choco aan een tafeltje. Mm met cookie smaak. We gaan vroeg slapen. Jimmy is wat verstopt achter een struik. Het is minder warm en het miezert een beetje.

    16/07: Judith is 26 jaar! We staan op. We gaan naar Gardiner, de noord ingang van Yellowstone. We parkeren aan de Roosevelt Arch. We gaan naar een shop/ Visitor Center. Judith belt er met oma en opa. Ik vraag ondertussen wat uitleg. We rijden langs Mammoth Hot Springs, een dorp in het park. We gaan er snel voorbij. We komen via een boardwalk aan afslag naar hobbelig weggetje, de Blacktail Plateau Drive. Geen auto’s hier. Het is een mooi weggetje maar ik ben (nog) niet onder de indruk. We komen aan Petrified Tree. Één van drie versteende redwoods die nog niet weggekapt is. We wandelen naar Lost Lake. Gevonden! Aan Tower rijden we richting het zuiden. We slaan Chittenden Road op. Het is opnieuw gravel. We laten Jimmy achter en beklimmen Mount Washburn. Er is veel wind. Enkele schapen grazen langs de kant. Er is een uitkijkpunt op de top. We krijgen een beetje honger. We stoppen in Canyon Village. We kijken rond maar Judith vindt haar goesting niet. In de hamburgertent zitten mensen op mekaar geplakt. We halen een ijsje en Pepsi. We bezoeken de Canyon Area. We rijden een brug over om South Rim te verkennen van de Yellowstone River en Canyon. Vlak aan de brug staat een bison. Hij steekt over! We durven niet meteen terug naar parking iets verder waar we Jimmy gezet hebben haha. Uncle Tom’s Trail is gesloten. Artist Point gelukkig niet. We zien Lower Falls met prachtige gele canyonranden. Het is duidelijk gesmolten lava. Fantastisch! We rijden terug naar Brink of Upper Falls en erna naar de North Rim. We wandelen naar beneden via een zigzagpad tot aan waar Lower Falls naar beneden vallen. Wat een massa water. Op Lookout Point staan er vier Mexicanen. Ik neem een foto van hen. We praten even Spaans. Mexico City is niet gevaarlijk volgens hen. Grand View is niet het mooiste punt en Inspiration Point is gesloten. Er staat een kraan. We beslissen om erna verder te rijden naar het westen. Ik rijd rechtdoor op een kruispunt. Judith ziet rook achter een meer en bomen. We komen aan de parking van de Norris Gheyser Basin. We rennen. De zon is bijna onder. Holy fuck! Wat een machtig zicht! Overal geisers en pruttelende putjes. Het ruikt naar zwavel. Wat voel ik me klein. We kunnen mooie foto’s maken met door de ondergaande zon. We doen de kleine Porcelain Loop. We rijden erna naar de westelijke uitgang. We zien rook uit Firehole River komen. We parkeren vlak na de uitgang op een parking naast RV’s. We eten patatjes, kip en worteltjes uit blik met mayonaise/ketchup. Judith heeft een leuke verjaardag gehad.

    17/07: We hadden de wekker gezet om 6:00 uur. We rijden een paar meter weg van het park en tanken. Daarna gaan we naar het zuiden voorbij Madison. Judith smeert boterhammen met choco. Ik rijd langs Firehole Canyon Drive. Je kan hier zwemmen. Het is nog te vroeg. We willen zo snel mogelijk naar belangrijkste geothermische plaatsen voor het te druk wordt. Er passeert een bison over de weg op z’n dooie gemak. We stoppen eerst aan Grand Prismatic Spring. Het is een kleine parking. Er is bijna niemand. We kunnen het meer nog niet goed zien. Het is te koud. Er komt teveel stoom uit. We rijden verder langs de Firehole River tot Old Faithfull. De bekendste geiser. Alle winkels en hotels staan er in een cirkel rond. Voor we de parking oprijden spot Judith een coyote of vos in de bocht. Ze had ook al een kariboe gezien. We zetten ons op een bankje op de tweede rij en leunen tegen mekaar. Ze kunnen voorspellen wanneer de geiser spuit. Het is ongeveer om de 90 minuten. We moeten een kwartiertje wachten. Het wordt druk. Er komt iemand voor ons zitten. Het water spuit in snokken omhoog. We zijn ietwat teleurgesteld. We hadden er meer van verwacht. We gaan naar een winkel om melk. Het gaat goed samen met choco cornflakes ook al smaakt de melk raar. Een beetje tussen yoghurt en ijs. We proberen een dichtere parking bij Upper Loop te vinden maar het lukt niet. We laten Jimmy weer op dezelfde parking achter. Echter wel op een andere plaats. Ik moest zoeken. Het wordt al drukker. We wandelen naar Upper Loop. We zijn moe en ambetant. Het is ook al snel zeer warm. Ze hebben alle geisers en pools een naam gegeven. Ze blijven maar komen. We lopen zeker twee uur rond in het fantastische surreële landschap met als uiteinden Morning Glory Pool, Judith haar lieveling, en Punch Bowl. Als we wegrijden is het al enorm druk. Wat een massa mensen! We gaan naar Black Sand Basin. We nemen enkele foto’s van families en zij één van ons. Er staat een groep scholieren die uitleg krijgen. We luisteren even mee. We gaan dan naar Biscuit Basin. Het is er nog drukker. Ik krijg auto maar net geparkeerd. Er reed juist één weg. Vooral Sapphire Pool blijft bij, een vijver die echt mooi blauw is. We gaan erna terug naar de Grand Prismatic Spring. Hopelijk is hij deze keer wel zichtbaar. We moeten een eind ervan langs de weg parkeren. Ik had het wel gedacht. We wandelen langs Firehole River. Het is een drukte van jewelste. Het meer is veel beter zichtbaar! Als de damp onze richting uitvliegt is het bakken en braden. De oranje rand is enorm. Er zijn veel bacteriën en micro-organismen. Het is even genoeg geweest. We draaien een picnic ruimte in het bos op. Ook hier is het druk. We maken rijst klaar en maken een conserve tonijn open. Eten koekjes erna op een bank waar Texanen zaten. Ze zeiden geen woord tegen mekaar. We rusten kort op de bank. Het is al 15 uur als we weer verder gaan. We stoppen en bekijken de Firehole Lake Drive, Fountain Paint Pots en Artist Paintpots voor we als laatste in de Back Basin van Norris rondwandelen. Porcelain Circuit was mooier met de ondergaande zon gisteren. We vangen een vlaagje. Het was eerst de bedoeling dat we naar de East Entrance rijden maar we veranderen van gedacht. Ik wil een extra dag in het prachtige park. Het eerste nationale park in de wereld. We zullen naar de North-East rijden. We gaan naar het noorden. We passeren Roaring Mountain voor we even moeten wachten. Er zijn werken. We rijden een behoorlijk eind in colonne. We wandelen nog kort in Upper Terrace in Mammoth. In het centrum van dorp op een grasveld staan er redelijk wat herten. Ik was me kort in de WC’s. Ik vul water bij. We rijden langs Tower-Roosevelt naar Silver Gate. Het is donker. Er steekt een hert vlak voor ons over! Het giet kort. We zien bliksem in de verte. De Silver Gate is een commercieel dorp. We rijden naar borden van Gallatin Forrest. We mogen er ook niet staan. Judith rijdt naar kleine parking naast WC’s vlak bij de ingang. Voorbije twee dagen waren een rush. Snel foto’s trekken in een massa volk rond de geothermische attracties in het westen van het park. Het mag iets kalmer zijn in het oosten.

    18/07: We zijn weer vroeg wakker. Ik laat Judith uitslapen. We rijden richting The Thunderer. Ik ben nog moe. Ik herinner me andere plaats dan trailhead die we zien. We rijden nog even door maar komen in Lamar Valley. We gaan terug. We maken ons klaar maar er ligt een rivier in de weg. Soda Butte Creek. We geraken er niet over. We rijden terug naar The Bernadette, euh Barronette Peak. Judith zet er foto’s over want het kaartje in de kodak is vol. Ik rust nog even op de matras met het raam achteraan open. Heerlijk! Mensen staan er met megalenzen naar geiten te kijken op de rotswanden. We vertrekken maar na de heuvel stopt het pad haha. We zien een hert met twee jongen. We gaan terug naar de auto.. We rijden verder. De Lamer Valley is prachtig. Kudde’s bisons, eindeloos. De landschappen veranderen. We rijden op een stuk dat we al gereden hebben maar deze keer stoppen we aan Tower Fall. We wandelen naar de Yellowstone River. We gaan erna opnieuw over Dunraven Pass naast Mt Washburn. We volgen de rivier langs Mud Vulcano en Le Hardys Rapids tot aan Yellowstone Lake. We gaan naar WC en Visitor Center. Een mevrouw raadt enkele stops aan naast het meer waar er goed uitzicht is. We nemen een douche aan de camping. We betalen voor één maar ik neem gewoon ook rap één. We voelen ons beter. We stoppen eerst aan Indian Pond en Storm Point. Een loop van 3km door grasland langs het meer en bos. Als we terug uit het bos komen staat er een bison niet ver van ons in een open grasveld. We gaan er in een bocht rond. Achter ons moeten nog mensen dit doen. Dan komt er nog een bison uit de richting van een meertje. We moeten weer uitwijken. We zijn opgelucht als we er voorbij zijn. We rijden langs Steamboat Point. Erna is er een opstopping. Er ravotten twee grizzly beren in de verre verte tussen de bomen. We praten er kort met meneer uit Parijs die van Chicago naar Seattle gaat. Judith ziet de beren, ik niet. We eten erna Alfredo macaroni aan Lake Butte. Mmm. Het is een plaatsje iets boven het meer. We kijken naar de zonsondergang. Er wandelt een bison over de weg. We gaan de Sylvan Pass over en slapen aan de East Entrance naast een bord van Shoshone National Park.

    19/07: We slapen zeer goed en nog eens lang. Het doet deugd. We gaan opnieuw door de East Gate, terug de Sylvan Pass over. We ontbijten er. Iets verder ligt Eleanor Lake, de start van de hike naar Avalanche Peak. We gaan door het bos. Er zijn redelijk wat mensen. Er is een ridge boven en er zijn enkele mensen. Zo ook een koppel waarvan de pa van het meisje het moeilijk heeft om boven te geraken. We eten een paar koekjes. We hebben uitzicht op Yellowstone Lake met Stevenson, Dot en Frank Island (van rechts naar links). De Tetons zijn al zichtbaar in de verte. Rond de middag zijn we terug aan de auto. Ik was me in een stroom. We rijden opnieuw langs het meer. Er is meer volk. Het doet denken aan de zee en strand. We komen aan Lake Village. Er staat een groot, geel, lelijk hotel. Nee, we rijden door. We stoppen aan Bridge Bay. We eten ravioli en noodles op een bankje in de schaduw. Er is een klein haventje. We wandelen erna naar Natural Bridge, een steen die een brug vormt door erosie. Het is niks speciaals. We wandelen terug en naar de overkant van de weg. Het is een uitkijkpunt op het meer dat afgesloten was voor verkeer. We worden iets verder verrast op een brug: links ligt een prachtige vallei en meanderende rivier, rechts ligt een waterval. Lewis River en Falls. Voor we Yellowstone verlaten stoppen we nog aan Moose Falls. Het is een prachtige waterval. Er staan plakkaten. We mogen er niet zwemmen of het water aanraken!

    Kommentare

  • 20Jul 2017

    16 Grand Tetons National Park 20.07.2017

    Alta

    Beschreibung

    We komen in Rockefeller Jr. Drive, een verbindingsweg van Yellowstone naar de Tetons. Rockefeller heeft dit gebied opgekocht en aan de overheid gegeven. Er staat “No camping beside road”. Fuck, had ik niet op gerekend. We rijden door. We zien de Tetons liggen aan Jackson Lake. Prachtig! We gaan het park uit naar het oosten. We vinden een plaatsje aan een rivier. We eten een soort stovers, Duitse patatten (zure saus) en worteltjes en erwtjes met nog soep. Een feestmaal! We worden aangevallen door muggen. De spray helpt niet zo. We verzetten ons na het eten. Ik zet Jimmy iets verder aan een inkombord van het park met zicht op de bergen. Het is tijd om te slapen. Ik sta ’s nachts nog op, moet pissen. Prachtige sterrenhemel!

    20/07: We staan op als er mensen wegrijden nadat ze foto genomen hebben aan het bord. We rijden het park in en over een dam. We vinden een WC. Ik volg een baantje naar Signal Mountain. Het is geen al te mooi zicht. Er staan teveel bomen. We eten wat cornflakes. We gaan naar Jenny Lake Visitor Center, een tijdelijk gebouw. We vullen water bij en koken en eten eitjes. Ik ga naar ranger station. Ze melden dat er teveel sneeuw is op de Paintbrush Pass. Dat zullen we wel zien! We maken zakken klaar. We vertrekken vanaf Jenny Lake rond 12 uur. We passeren een plaats aan het meer waar veel toeristen foto’s nemen. Het doet deugd om nog eens te wandelen. We gaan een brugje over voor String Lake en wandelen er rond. Er passeren 4 ruiters te paard. Ze gaan op het pad waar ze niet mogen “because they are rebels”. We komen ze iets verder terug tegen. Ze zien een kleine grizzly beneden in het bos. Wij zien hem niet. Het begint te regenen. Ze gaan terug. Wij gaan door. Plots giet het! Hagel als babygunbolletjes. We schuilen onder bomen en maken lawaai tegen beren. We dachten eraan om de tent op te zetten maar de hagel duurt niet lang. We gaan verder. We passeren redelijk wat mensen die terug gaan. Ze zijn overduidelijk niet voorbereid op regen. We moeten door plassen. We proberen ze te ontwijken door aan één kant van het pad te blijven. Drie gasten zijn het beu en stappen er gewoon door haha. De regen mindert en stopt. We komen op een open plaats. We maken noodles. Judith neemt Nurofen. Ze voelt zich niet zo goed. We komen verder aan enkele sneeuwstukken. Judith denkt dat we niet verder kunnen maar het pad kronkelt erlangs. We gaan over boomstronken. We komen bij Lower Paintbrush Camping. We eten een koek. Ik ga even kijken hoe een kampeerplaats er uitziet. Het is gewoon een plat stuk aarde. Er staat één tent. Een meneer in oranje poncho staat iets verder. We stoppen best niet. Verder ligt er meer sneeuw. We komen bij de Upper Paintbrush Camping zone. Het pad is even moeilijker te vinden. Ik heb kaart van ranger station in m’n hoofd. We zouden moeten naar het noorden gaan. Lake Solitude lag bovenaan op de kaart. Judith is kapot. We vinden twee plaatsen waar we tent kunnen zetten maar ik wil de pas en/of het meer eerst zien. Ik ga op verkenning maar ik heb het gevoel dat ik lang weg blijf en ik keer terug. We gaan samen nog een stuk verder richting het noorden. We klauteren zoveel mogelijk over steen en grond. We ontwijken de sneeuw, is te glad, meer ijs. We vinden een afgeschermd plaatsje ver weg van een gele tent die we gepasseerd zijn. We zien zowel de vallei waar we naar boven geklommen zijn als een meer in de verte beneden. Is dit Lake Solitude? We maken pasta klaar. Er zit gelukkig redelijk veel in het pakje. We hebben niet veel eten mee: nog 2 eitjes, 2 energie bars en een noodle zakje voor morgen. We zetten de tent op en genieten van het uitzicht. We gaan slapen, meer rusten eigenlijk. We liggen op de grond.

    21/07: Er is veel wind tegen de rots links voor ons. Het maakt lawaai. Ik dacht af en toe dat er misschien een dier tegen onze tent aan het snuffelen was. We hadden alles met een geur in de duikzak gestopt (eten, afval, T-Shirt met deo geur). Ik had de zak weg van de tent onder struiken gelegd. Ik praat even met Judith rond 3 uur. Het malen van gedachten stopt. Erna heb ik toch wat geslapen. We kruipen uit de tent rond 7 uur. We eten elk een ei en drinken wat water. We hadden gisteren stenen horen vallen rechts op de steile helling dus we zullen links afdalen naar het meer. We kunnen goed dalen langs stenen en grond. Als we over sneeuw moeten is het vlak. Best want is het nog meer ijs dan gisteren, enorm glad. Judith heeft er minder last van. We steken kort stuk sneeuw over waar water onder stroomt en dalen steil langs stroom tot bij het meer. Er ligt nog veel ijs in. We zoeken een pad naar links. Er zou één moeten zijn als dit Lake Solitude is. We gaan rotsen op maar het is te steil. We gaan terug naar beneden, door bos. We moeten een steil stuk sneeuw door. Ik stamp gaten in het ijs/sneeuw. Rechts is het bijna verticaal naar beneden. Ik ben er niet gerust op. We zijn blij als we terug op de grond staan. We gaan langs een massa sneeuw door tegen de rotsen te blijven. We kruipen uit het gat en zien de vallei voor ons. Links ligt een meer en rechts ook. In de verte rechts ligt een vallei die lijkt op die waar we uitkomen. Hunk, dit klopt niet. Judith stoot zich op de rotsen. Ze is gefrustreerd. We rusten even. Ik begin te panikeren. We zijn de weg kwijt. We denken na. Volgens mij was de kaart niet correct georiënteerd. De top van de kaart is het westen, niet het noorden. Fuck!! We kunnen het best teruggaan. Dit moet lukken. We moedigen mekaar aan. Ik ben even van slag. Judith gaat eerst. We nemen iets andere route over rotsen om het steile stuk sneeuw door het bos te ontwijken. We komen terug aan het onbekende meer. We nemen dezelfde weg terug naar boven. Het is een ferme inspanning. We zijn redelijk kapot. We stoppen op het hoogste punt van de pas. We maken noodles. We zien twee mensen via sneeuw klimmen naar het westen. Dat moet de Paintbrush Divide Pass zijn! Één persoon glijdt uit. De andere kruipt tegen een rots en trekt hem omhoog. Ze doen er lang over. Het lijkt niet zo lang/moeilijk. Ik wil het ook proberen. Ik mag van Judith. Ze blijft zitten. Ze is te moe. Ik klim naar boven zonder rugzak en ik begin eraan. Ik kijk naar m’n voeten, niet naar de afgrond rechts. M'n linkerhand zoekt steun tegen muur sneeuw links. Het is gelukkig niet meer zo glad als deze morgen. Ik zorg dat m'n ene voet stevig vast zit voor ik de andere beweeg. Ik houd goed tempo. Ik kom op een stuk waar de persoon viel. Links is er een rots, rechts een serieus gat in de sneeuw. Ik moet ertussen op de sneeuw wandelen zonder dat handen houvast kunnen bieden. Griezelig. Het lukt. Ik klim verder, Het wordt ietsje steiler. Ik ben er geraakt. Yes! Ik bewonder even het uitzicht. Ja, iets verder is er een plakkaat. Dit is de Paintbrush Pass. Ik kruis een Spanjaard. Ik heb zicht op Lake Solitude voorbij een bocht. Ik haal de twee mensen in die voor me geklommen hebben en vraag of ze een foto willen nemen van me met het meer. Ik praat nog even over de klim en ga terug. De Spanjaard is de berg links aan het opgaan. Ik pep me op om te dalen. Ik word nu meer geconfronteerd met de afgrond. Ik kan er niet naast kijken. Ik ga trager. M'n rechterhand bevriest in de sneeuw. Ik stop af en toe en steek hem onder m'n linkeroksel om op te warmen. Eens voorbij het moeilijke punt weet ik dat het zou moeten lukken. De afgrond is minder stil. Ik zou zeker op tijd kunnen remmen moest ik vallen. Ontlading als er terug stenen onder m'n voeten liggen. Ik vertel alles aan Judith. We nemen de rugzakken en dalen samen dezelfde weg die we gisteren geklommen zijn. We zien veel meer. Het weer is een pak beter. De laatste loodjes naar de auto zijn enorm zwaar. We denken constant aan lekker eten van thuis, zo’n honger! Op de parking openen we op de stoep meteen drie conserven. Vooral de LuncheOnMeat doet enorm deugd. Ik was me aan een waterkraan. We kijken op de kaart naast het tijdelijke Visitor Center. Het is zoals ik dacht. Noord en west zijn omgewisseld. We zijn naar het Grizzly Bear Lake en de Leigh Valley gewandeld. Hier zijn geen paden. Het was pure wildernis! Ik organiseer Jimmy. We rijden naar Jackson. We zien twee speciale antilopen met grote ogen langs weg. We hopen op een Walmart en een McDonalds maar we vinden er geen. Het stadje is wat als Banff, te commercieel. Het voelt wel iets meer Amerikaans door de countrymuziek in de saloons. We tanken vol en rijden teleurgesteld terug. We parkeren en slapen aan het bord van de Tetons.

    22/07: We staan op als er niemand aan het infobord staat. We rijden terug, door de ingang. Ik parkeer deze keer aan String Lake. We komen vanaf hier sneller aan Cascade Canyon. Ik heb gisteren twee mensen in het meer zien springen, is misschien iets voor na de wandeling. Ik maak zak klaar terwijl Judith ontbijt. We vertrekken rond 8 uur. We zijn WC papier en het kompas vergeten. Judith gaat er terug om. We gaan langs String en Jenny Lake en door de Cascade Canyon. Het was niet echt klimmen en zoveel was er niet te zien door de vele bomen. We eten wat cornflakes op de splitsing tussen de South en de North Fork. We nemen de South Fork. We passeren een vader en zoon van Idaho. Ze zullen de Hurricane Pass nemen en Alaska Basin volgen. Hun auto staat aan de andere kant. We nemen foto’s van mekaar. We stijgen verder voorbij de camping zone tot een splitsing. Er is hier al meer te zien. We zetten ons en eten groentjes uit blik. We schatten wat en beslissen om de Avalanche Trail te doen. Er zal meer te zien zijn en het moet lukken, het is nog maar 12 uur. Er passeren twee gasten. We halen ze iets verder terug in. We babbelen even. Ze geven tips over Utah. Één heeft er een jaar gewoond. Ze zijn vriendelijk. We stijgen verder door een prachtig landschap! We komen op de Avalanche Divide, het eindpunt. We hebben zicht op Snowdrift Lake en The Wall. We zetten ons op een steen en eten cornflakes. De twee gasten komen er ook aan. Ze gaan elk een kant uit om foto’s te nemen. Achter ons vallen er stenen en sneeuw uit een gat naar beneden. Het pad heeft z’n naam niet gestolen. We nemen nog wat foto’s van mekaar en gaan terug. We dalen niet zo snel. We lopen kort verkeerd en nemen wat foto’s. Later passeren we iemand die gehoord heeft dat er een grizzly cub niet zo ver zit. We maken lawaai. We zien hem zitten achter een bocht. Op 5 meter voor ons, rechts in lang gras. We verschieten een beetje. Ik denk "foto nemen? Nee, kijken als mama nergens in de buurt is!" We roepen luid “Hey bear!”. Hij gaat weg over een heuveltje. We schatten hem 1 of 2 jaar oud. We zijn wat op ons ongemak. We maken meer lawaai. Als we na een eind weer mensen tegen komen zijn we wat geruster. We waarschuwen hen. We dalen verder. Ik voel me goed. Judith voelt zich iets minder. Ze heeft last van haar buik. Ze snijdt haar knie aan een tak. De zon staat al laag als we langs Jenny Lake wandelen. We zien een hert op ons pad. We gaan nog zwemmen in het String Lake. De zon is al onder maar het meer is nog warm genoeg. We eten twee macaroni ’s op een bank en gaan terug naar Jenny Visitor Center. We vullen water bij en ik schrijf nog een boodschap op het suggestiebord met krijt. We rijden het park uit. Ik ben beetje droevig. Het waren de laatste Rocky Mountains. Het is al donker als we voorbij Jackson zijn. Ik ben moe. Ik rijd traag. Er zijn redelijk wat auto’s achter ons. Er staan borden “No camping on roadside” maar foert het wordt te gevaarlijk. Ik rijd op een turnout, net na een splitsing. We zijn South Park al gepasseerd. Dju, wou er een foto. :P

    23/07: Judith is sneller wakker. Ze rijdt vandaag. Ze klopt op het raam. Ik verschiet, geen ranger, oef! We rijden over Snake River langs verlaten bergen. Er komen meer heuvels en akkerland. We komen in de Star Valley. Het is zondag. We zien mensen in fel witte hemden naar de kerk gaan. We stoppen op een rest area voorbij het gehucht Etna. We rijden over de Salt River. Het is een redelijk verlaten stuk land. Het valt op dat zelfs in de kleinste dorpjes de Post Office er een groot en proper gebouw is. Het landschap golft. 13 miles naar Montpelier en 23 naar Paris. Haha er zullen hier Fransen gewoond hebben. Bij ieder dorp staat plakkaat met een plakkaat met de population. Bij Paris stond er 450 haha. Er is wel een grote kerk voor mormonen. We komen aan Bear Lake. Halverwege zijn we in Utah. We zijn niet lang in Idaho geweest. Het is vooral een meer om met boten op te varen. We vinden niet echt een leuke plaats om te zwemmen. We rijden door, de Geneva Pass over. We hebben mooi zicht. We dalen door een prachtige vallei gecreëerd door de Logan River. We zien links twee kajakkers. Mooie rotsen.

    Kommentare

  • 25Jul 2017

    17 Antelope Island State Park 25.07.2017

    Centerville

    Beschreibung

    We komen plots in een grote stad, Logan. Het doet denken aan Dresden, lange, brede straten. Judith vindt een McDonalds. Ze haalt een paar hamburgers en een salade met Ranch dressing. Goede wifi en het smaakt. We gaan iets verder in de straat naar de Walmart. We springen ook binnen in de Sportmans Warehouse. Judith trekt een foto bij geweren en visgerief. Er komt iemand vragen of we hulp nodig hebben. Het is een visser/jager. We staan even te babbelen tot de winkel sluit. We gaan terug naar de airco van de Walmart. Er is geen goeie wifi. Ik kan geen foto’s downloaden. Ik rijd terug naar de parking van de McDo en update er de Google map. We eten op een bankje aan de Walmart. Ik verneuk de saus van de bonen. Judith is niet blij! We doen nog wandelingetje op de parking. Judith haalt chips en cola. Slaapwel.

    24/07: We hebben niet zo goed geslapen. Er zijn vrachtwagens containers komen halen vroeg deze maandagmorgen. We zijn wakker van de vroege zon. We halen ontbijt en eten op het bankje. We gaan naar Antelope Island. We komen uit de drukte van Salt Lake City plots op een rustigere baan. Er is niets van verkeer. Het is geen nationaal park maar een staatspark. De America The Beautiful Pass is niet geldig. We betalen 10 dollar aan een meisje in een kotje. De Great Salt Lake ligt zowel links als rechts van ons. We kunnen stoppen waar we willen. We zijn alleen. We gaan eerst naar een haventje. Het is verlaten. Er zitten enkel veel spinnen. We rijden naar de trailhead voor Frary Peak, het hoogste punt van het schiereilandje. Jimmy moet werken om op de parking te geraken. Het is steil omhoog. Het pad is 5km en 600m stijgen. Dat moet lukken. Het ontbijt ligt op onze maag. Judith heeft er ferm last van. We komen maar enkele mensen tegen. Het is enorm vochtig en warm. We puffen. Îk doe m'n T-Shirt op m’n hoofd. Het pad is redelijk plat tot we de bergkam opdraaien. We schuilen in de schaduw van een grote rots niet zo ver van top. Judith stijgt beter en is als eerste boven. We hebben magnifiek zicht, rondom rond. Ik daal iets sneller dan Judith. Ik val omdat ze enorm traag gaat. De hitte weegt. We dalen zo snel mogelijk. Twee vrouwen voor ons vragen of we water nodig hebben. Het is Ok. We zijn er bijna. Wel vriendelijk. Ik kan stuur bijna niet vastnemen. Het is 37 graden! We rijden naar het strand. We wisselen in zwemkledij en staan onder de buitendouches. Verfrissend! We wandelen naar het meer. Het doet meer denken aan de zee met de zoute geur. We konden het al ruiken en zelfs proeven op de berg. Er zitten miljoenen vliegjes vlak aan en op het meer. Ze vliegen weg en bijten niet. Het water is lekker warm. Het wordt kouder als we dieper gaan. Judith heeft nog last van haar maag. We gaan terug om cola en de GoPro. Als we de GoPro aansteken is het kaartje vol, d’oh! Judith gaat terug heen-en weer. Ik dobber op het water. Ik probeer naar een eilandje te geraken maar stop en val bijna in slaap tijdens het drijven. Heerlijk. Judith is terug. We filmen en maken foto’s. We plakken een beetje. We blijven lang in het water. Ik ben verbrand ondanks de zonnecrème. We douchen ons lang en wassen ons haar met een fles in een apart kot. We rijden nog naar gesloten Visitor Center en het Lady Finger Point. Het is een punt waarop je goed Egg Island kan zien. Dat is het eilandje waar ik naartoe wou zwemmen. Er mag niemand komen blijkbaar. Het is een broedplaats voor vogels. Ik stoot m'n linker teentje aan een steen. Het vel is er af, ouch! Judith haalt een plakker. We maken eten klaar op een overdekt bankje. Er komen mensen naast ons zitten. Ze zijn hier om naar vuurwerk te kijken. Het is de viering van het ontstaan van Utah vandaag. De mormoonse Brigham heeft zich hier gesetteld zoveel jaar geleden. Als de zon bijna onder is rijden we verder richting Salt Lake City. Ik ben te moe voor het drukke verkeer, de donkerte en het vele vuurwerk. We stoppen aan een Walmart in Centerville. We koelen er af en kijken naar producten. We krijgen een mail waarin er staat dat we geen auto verzekering hebben. State Farm vraagt additionele info. Ik antwoord. We zijn doodop en gaan slapen.

    25/07: We slapen goed ondanks zere schouders. Het heeft geregend en is afgekoeld. We eten bananen en gaan een nieuwe vracht conserven halen. We bellen allebei nog eens naar onze mama. We vertrekken rond 12 uur. Ik rijd door de drukte van Salt Lake City. Het is beter te doen als er licht is. Er steken er wel veel rechts voorbij hier. We volgen de Interstate 15 naar het zuiden. Het wordt kalmer. Ik mag 80mph maar rijd 65-70. Ze moeten me maar inhalen. Judith slaapt. Het landschap blijft een paar uur hetzelfde. Het is wat dor. We gaan door een wijde vallei tussen twee heuvels. Het is bewolkt.

    Kommentare

  • 27Jul 2017

    18 Zion National Park 27.07.2017

    Springdale

    Beschreibung

    Ik tank in Fillmore. Het was jammer genoeg aan de andere kant van het stadje goedkoper. We zijn rond 17:30 uur in Cedar City. We gaan om gas naar Sportmans Warehouse en vinden een Walmart. We halen er een kippetje en Amish potatoe salad. Er komt een oude mevrouw babbelen op de parking. Ze heeft nog als mormoonse missionaris gewerkt in LA. Hun RV staat naast Jimmy. De kip is nog niet koud als ze gedaan heeft met babbelen. We peuzelen met onze handen. We gaan vroeg slapen. Onze schouders doen meer pijn.

    26/07: Er zijn bubbeltjes op m’n schouders. Ik drink veel water en leg er handdoek op die Judith nat gemaakt heeft. We gaan op zoek naar het goedkoopste tankstation. Ik kan niet overdraaien door een auto achter me en draai de freeway op richting het noorden, d’oh! Ik neem de eerste afslag en rijd terug. Het is enkel goedkoop als je cash betaalt. We rijden naar de overkant. Het is 4 cent duurder maar we kunnen er met visa betalen. We gaan naar Kolob Canyons. We moeten inchecken in het Visitor Center. We krijgen een krantje. De weg is roze. Het doet aan tennisgravel denken. Het past hier wel. De rotsen komen tevoorschijn. Prachtig! We rijden tot het eind. Ik drink veel water en ga naar WC. We doen de Timber Creek Overlook Trail. Het is een kort padje met uitzicht op rotsen. Ik vraag aan twee roste kindjes om foto te nemen. Ze hebben er maar weinig zin in. We zijn snel terug. We rijden naar Lee Pass. We eten koekjes en crackers op een bankje in de schaduw. We vertrekken. Judith draagt de rugzak. We gaan langs een plakkaat “Entering Zion Wilderness”. We passeren de rotsen. De natuur is anders dan wat we gewend zijn. Het is dor. Er zitten hagedissen. We passeren bordjes die kampeerplaatsen aanduiden. Ik heb wat last van de warmte en m'n verbrande schouders. Gelukkig is er iets verder een stroom, de La Verkin Creek. Ik kan er m'n schouders nat maken. Ik voel me veel beter. We komen na een uurtje of twee bij splitsing met Hop Valley Trail. We zetten ons even. Het is nog een halve mile naar de Kolob Arch. Het pad wordt dunner. Er staat een plakkaat dat plantengroei in het gebied hersteld wordt. We gaan andere kant uit. We volgen een stroompje. Judith gaat eerst. We stoppen aan plasje met watervalletjes. Judith verkent verder maar ze vindt niks. Ze komt terug. We wassen ons. Er springen waterschaatsers en dikkopjes weg. Het is proper water. We gaan verfrist terug. We nemen toch het pad aan het plakkaat. Bingo! We klimmen omhoog tot we zicht hebben op de boog. We eten crackers met tonijn op een rots. Op de terugweg komen we nog mensen tegen die verkeerd gelopen waren en op zoek zijn. We 'plonsen' op de terugweg nog in de La Verkin Creek. Ik verlies plakker aan teentje, is niet erg is goed hersteld. Ik kon op bepaalde plaats niet eens staan. De zon is al laag als we teruggaan. Er springen padden weg. We zien ook een grote haas en een antiloop. Judith gaat voor. Ze wil cola. Ik kom achter en neem foto’s van laatste zon op de rotsen. We rijden door langs Toquerville tot voorbij Virgin. Het is al donker. We stoppen naast de weg. Het is weer warm om te slapen.

    27/07: We slapen slecht. Het is niet afgekoeld vannacht. Judith ontbijt op kofferbak. We rijden Zion National Park terug binnen. Er zijn werken. We meoten 10 minuten wachten. We passeren enkele trailheads. We gaan langs mooie kliffen. We verlaten het park even. Ik rijd op gravelweg richting Lava Point. Er is een camping. We zetten auto aan picnic area in de schaduw. Judith doet nog een tukje. Ik ga broek wisselen in een WC. Er springen twee herten weg. Ik vraag aan een koppel dat aan het ontbijten is waar de 'Subway' is. Dit is een slot canyon die op een metrolijn lijkt. Het is blijkbaar een eindje terug. Ik ga eerst eens Lava Point bekijken. In de verte kunnen we de Zion Canyons zien. Judith is wakker en komt mee een kijkje nemen. Er staat een ouder koppel van Florida. De mevrouw toont ons een kaart. De start van de wandeling naar de Subway staat aangeduid aan de South Fork Trailhead. De wandeling is 7 miles met 300m hoogteverschil. Dat is te doen. We rijden een stukje terug. Op de parking staat een ranger. Hij komt naar ons als we plakkaat lezen. We hebben permit nodig om de wandeling te kunnen doen. Het is een vriendelijke ranger. We zullen vandaag rusten en morgen Angels’ Landing en The Narrows doen. We rijden naar Springdale. We vullen water bij aan Visitor Center. We rijden nog een stukje door. Er is een groter Visitor Center met een kraan waar het water sneller stroomt. We verzetten de auto op grotere parking en gaan naar een riviertje. Het is de Virgen River die de Zion kloof heeft uitgeslepen. Ik stoot m’n linkerschouder aan een tak, een blaasje van verbrand te zijn springt open. Ouch! Judith maakt ravioli. We blijven niet te lang. Er is veel slib. Ik wil nog iets doen vandaag. We nemen gratis shuttle bus naar Weeping Rock. Het is maar een paar meter wandelen tot de rots waar er water van valt. Er is veel volk, een Yellowstone drukte. We gaan terug op de shuttle naar de Zion Lodge. Er is een groot grasveld met een boom in het midden. We rusten in de schaduw ervan. Als het pad naar de Emerald Pools in de schaduw ligt vertrekken we. We steken de Virgen River over. De kliffen zijn overweldigend. We stijgen tot aan de eerste poel. Het water sijpelt van rotsen zoals bij de Weeping Rock. Hoger komen we aan de tweede poel. Die ligt vlak voor er water naar beneden sijpelt. We klimmen nog een stuk. De derde poel is het mooiste. Het is niet de poel op zich maar de omgeving. Gigantische verticale rotswanden! Zo groot dat ze moeilijk te vatten zijn op foto. Er zijn redelijk wat mensen, gezinnen met kleine kinderen. Nederlands, Frans, Spaans, … We blijven een tijdje voor we dezelfde weg terug naar beneden dalen. We hebben meteen een shuttle. We zitten achteraan een accordeonbus. We wiebelen van links naar rechts. Een raampje staat open. De wind doet deugd. We eten op een bankje aan de auto. Brood met vlees en couscous. Sloppy Joe saus erbij. Wat is dat voor een platte ketchup. We wassen ons in de Virgen River. Het koelt goed af, doet deugd op m’n rug. Ik rijd het park uit en draai een doodlopend straatje in in Springdale. We slapen naast een houten hek op het einde van het straatje.

    28/07: Vannacht ben ik eens wakker geworden omdat er een auto met het opschrift ‘Zion Arborist’ met z’n lichten op ons scheen. Hij draaide. Oef! We zijn wakker om 6 uur. Ik krijg Jimmy niet gestart. Judith snapt dat de versnelling niet in 'park' stond. Ik rijd terug naar dezelfde plaats op de parking. Jimmy zal in de schaduw staan. We maken zak en gaan op de shuttle tot aan de stop 'The Grotto'. We beginnen aan de wandeling naar Angels’ Landing. Het gaat goed. We stijgen langs een flank. Niemand van de shuttle haalt ons in. We steken een recht stuk door en draaien naar rechts. Er volgen heel wat korte haarspeldbochten. We komen erna aan een splitsing. Het is tijd om te klauteren. Er zit een groep van 17 jongeren voor. Misschien best, hierdoor klimmen we traag en veilig. Er hangen kettingen maar niet overal. Het is te doen maar op sommige punten krijg je toch de kriebels van de dichte afgrond. Het moeilijkste is mensen kruisen. We komen boven op een lange bergkam. We kunnen 3 valleien inkijken. We zien de Zion Canyon in 2 richtingen en de oostelijke uitgang van een kloof. Er staat een homokoppel van Roeselare die een tour doen in West USA. We eten koeken en genieten van het uitzicht. Dalen is iets moeilijker maar het gaat ook wel. Het was het meest avontuurlijke pad tot nu toe. We nemen dezelfde weg terug naar de shuttle die ons naar de stop 'Temple of Sinawa' brengt. We eten de koeken op en nemen de Riverside Walk. Op het einde gaan we het water in. Het is een beetje wiebelig. Veel mensen hebben speciale schoenen en een stok gehuurd. Wij zompen in onze botinen. Het gaat ook. We houden mekaar vast als we door diepere stukken water gaan. Judith draagt zak met camera. Ik moet haar recht houden. De kloof van The Narrows wordt dunner. We komen na een eind aan een splitsing. We gaan rechts. We moeten over smalle stroomversnellingen. Stukken hout helpen hier en daar maar het beste is om in de smalle stukken gewoon door te stappen. Judith raakt uitgeput. We hebben conserve met patatjes en groentjes al op. Ze stopt. We rusten. Er zitten mensen die de canyon afgedaald zijn met touwen. Ik klauter nog een stukje door tot aan een waterval. De rots ernaast ziet er glibberig uit. Ik ga het niet proberen. Ik neem een foto en we gaan terug naar de splitsing. We verkennen nog een stuk in de andere richting. Best. De canyon is machtig.We komen aan een pilaar waar de zon op schijnt. Judith stopt. Ik ga nog één bocht verder na een open plaats met een rots in het midden. Fantastische gang. Ik ga terug en overtuig Judith om die nog te bekijken. We gaan erna terug. We zompen naar het punt waar we uit het water zijn. We zijn ferm vermoeid. We zetten ons op een muurtje. Een koppel uit North Carolina babbelt tegen ons. Hun zoon is er blootsvoets ingegaan. We denken dat we hem gezien hebben. We gaan terug naar de shuttle. We moeten er even wachten. Het is file. Een Duitser praat tegen me. Op de bus babbelen er Vlamingen. We maken een family pack macaroni klaar. Judith eet er vis bij, ik vlees. We wassen ons, vullen water bij en gebruiken wifi. We rijden de oostelijke ingang van het Zion park uit door een tunnel. Het is niet verlicht en redelijk smal. Judith rijdt. Ik film en maak foto’s.

    Kommentare

  • 29Jul 2017

    19 Bryce Canyon National Park 29.07.2017 USA —

    Cannonville, USA

    Beschreibung

    We stoppen naast de weg. Slaapwel.

    29/07: Coyotes huilden vannacht. We slapen er goed door. We ontbijten op de kofferbak. Judith rijdt naar Bryce Canyon. We passeren een groen landschap en komen eerst aan de Red Canyon. Mooie rode rotsformaties. We stappen kort uit. Iets verder ligt Bryce Canyon al. Bij het binnenrijden rijdt er een Hollander in ons gat. Lap. Er is niks te zien aan Jimmy. De trekhaak heeft ons beschermd en is Ok. De nummerplaat van de huurauto van de Hollander is wel geblutst. We gaan eerst tot het einde van de Bryce Canyon. We rijden op de heenweg via uitkijkpunten Swamp Canyon, Fairview Point, Natural Bridge, Ponderosa Canyon en Rainbow Point. We doen een korte wandeling die Bristlecone Loop heet. Voor de parking vraagt een mevrouw “Is it far? Do you have the same view as all the rest?” Hah wat een vraag. Hoe kun je nu niet onder de indruk zijn van dit buitenaardse landschap? Blijf thuis trut! Op de terugweg stoppen we aan Black Bird Canyon en Agna Canyon. We hadden er voorbij gereden op de heenweg. We willen naar Bryce Point maar de parking is vol en er staat een ranger die auto's tegenhoudt. Hij kijkt naar onze nummerplaat. “From Alaska? God bless you!”. Haha. We gaan naar Inspiration Point. We hebben al redelijk wat gegeten maar Judith maakt nog rijst klaar. We wandelen via de rim naar Bryce Point. Het amfitheater is overweldigend!! We gaan via de uiterste kant van de Peekaboo Loop naar het meest zuiderse punt van de Navajo Loop. We vervolgen via Queen’s Garden Trail. Er staat een rots die zogezegd op Queen Victoria lijkt. We zien ook veel rotsen die op andere zaken lijken: kip, smurf, neus. Net als in Zion zijn er veel Vlamingen en Hollanders. We gaan van Sunrise Point naar Sunset Point. Een Japanner staat op de perfecte plaats voor een panorama foto. Ik wacht m'n beurt af. Er steekt toch wel een Hollander voor zeker. Ik spreek hem aan. Wachten vriend! We doen ook nog de rest van de Navajo Loop en best. Het is prachtig! We dalen langs Thor’s Hammer via smalle padjes naar beneden en gekronkel terug naar boven. De zon piept even. Het is al de hele dag bewolkt, goed om te wandelen. We rusten even voor we terug naar Inspiration Point wandelen via de rim. We passeren aan het Visitor Center om water bij te vullen. Ik vraag wat de beste route zou zijn naar Canyonlands. Ik krijg een nieuw kaartje van de omgeving. Vriendelijk. Judith rijdt langs Tropic tot vlak voor Cannonville. Ze parkeert naast de kant van de weg.

    30/07: Ik vind een kadaver van een hert als ik ga pissen. Judith rijdt langs Scenic Byway 12 All American Road. Gaan voorbij Escalante naar Torrey. Het is een prachtig landschap. Judith maakt een kort slippertje in een bocht waar nieuw asfalt ligt.

    Kommentare

  • 31Jul 2017

    20 Capitol Reef National Park 31.07.2017 USA —

    USA

    Beschreibung

    We komen in Capitol Reef National Park. Er is geen toegangspoort. We stoppen op een panorama. We wandelen wat weg van het pad tot we een ranger spotten. We wandelen achter rotsen via zijstraatje terug naar de auto. We stoppen erna aan het Visitor Center en vullen water bij. We volgen de Scenic Byway van 10 mile. We passeren het huis van een mormoonse settler. Het reef is magnifiek! We rijden tot het einde. We wandelen de Capitol Gorge in. Dit pad werd vroeger gebruikt als een smokkelroute. Het is er snikheet. We wandelen een stuk dat anders nog open is om door te rijden. Het is nu afgesloten wegens flash flood gevaar. Achter iedere bocht krijgen we een nieuw zicht. Gladde rotsen wisselen ruwe met gaten af. De weg stopt en we komen in een canyon. Er zijn rotsschilderingen maar of ze echt zijn? We gaan tot de potholes waar er water in zit. Ze waren niet makkelijk te vinden. We puffen en rusten in de schaduw. Zo ook af en toe op de terugweg. Judith heeft het schitterende idee om brood te beleggen met tonijn en maïs. Mmm. We vullen water opnieuw bij aan het Visitor Center. Judith rijdt Capitol Reef uit. Het landschap erna blijft fantastisch met de Luna Mesa en andere rotsformaties. Je kan zien aan de zijkant van verschillende heuvels dat ze gebruikt worden om met quads en motorbikes op te crossen haha. Judith twijfelt om te tanken in Hanksville. We doen het niet. Het is een lange rechte baan naar Green River. Ik zit wat aan m’n voeten te prutsen. We gaan er naar de Burger King. Judith laat zich gaan. 4 hamburgers, 2 hotdogs, chicken nuggets, 2 (goede!) frietjes en frisdrank. Het is al donker als we terug buiten zijn. We waren de laatste. We gaan tanken. De dop zit er niet op. Judith heeft ze bij de laatste tankbeurt vergeten er terug op te draaien. Ik vraag in een tankstation of ze er geen hebben. Hij toont me een rommelkot. Ik mag er in zoeken. Ik vind er geen. We rijden verder met ducktape op de opening van de tank. Judith vraagt aan een volgend tankstation. Ze hebben één! Yes. We gaan door tot een rustplaats vlak voor de afslag naar Moab. Er zitten coyotes en kakkerlakken. Slaapwel!

    31/07: Ik was m'n haar aan de lavabo en help met het wassen van Judith haar haar aan een beschut bankje.

    Kommentare

  • 01Aug 2017

    21 Canyonlands National Park 01.08.2017 USA —

    Moab, USA

    Beschreibung

    We rijden naar Canyonlands. We passeren enkele campgrounds. Aan de toegangspoort kijkt een ranger niet eens naar ons paspoort. We komen aan het Visitor Center. Er staat een kraantje buiten om water aan bij te vullen. Perfect! Het park is verdeeld in drie stukken. Enkel het noordelijke gebied genaamd Island in the Sky tussen de Green River en de Colorado is toegankelijk voor niet 4x4 voertuigen. De andere gebieden The Maze en The Needles zijn voor 4x4 voertuigen. Dat gaan we Jimmy niet aandoen. Naast het Visitor Center ligt Shafer Canyon. Het is een machtig zicht! We rijden naar de Mesa Arch. We zitten er te wachten in de schaduw van een boompje tot er minder mensen zijn. We nemen enkele foto’s. Eigenlijk is het uitzicht op de canyon erachter veel mooier dan de boog zelf. We rijden naar het einde, Grandview Point Overlook. We stoppen kort aan Birch Canyon en Orange Cliffs. We wandelen aan de overlook tot het einde. Ik klim op een rots. Ik heb rondom rond zicht. Plots merk ik mensen op onder een rots naast me. Ik haal Judith als ze weggaan. We zitten er ook even onder in de schaduw. Pech voor andere fotojagers die naar boven komen! We gaan terug en rijden naar een picnic area. We eten couscous, rode bonen met pork en noodles onder een afdakje. We zitten vol. We gaan erna naar de Green River Overlook. We kunnen twee meanders van de rivier zien. We rijden door naar Upheaval Dome. Ik had vooraf de Syncline Loop opgezocht maar het is te warm en blijkbaar is er geen mooi uitzicht op het pad. We gaan naar de twee overlooks. De dome ziet er uit als een steengroeve. Lelijk haha! Op de tweede uitkijk is het even fris. We krijgen een wolk en wind cadeau. Er staat een janet op de top van een rots. Hij blijft maar selfies trekken en z’n haar goed leggen. Man toch. We gaan terug. We rijden opnieuw langs Whale Rock. Die zou ook leuk zijn om op te klauteren maar ik heb Aztec Butte op het oog. Het is kort stijgen om getrakteerd te worden op een mooi uitzicht. We zien alles dat we vandaag gedaan hebben. Er is een schuilplaats die vroeger door indianen gebruikt werd. We blijven er even. Ik laat de dop van de waterfles vallen op weg naar beneden. Het is even zoeken om hem terug te vinden. Op de parking vraagt een Oostenrijkse naar muggenspray. Ze begint te babbelen. Ze bewondert ons als we ons verhaal doen. Ze reist ook in het Westen. Ze deelt mee dat de Highway 1 die langs de kust van San Francisco tot LA ergens is afgesloten wegens landverzakkingen. We zullen wel zien. We passeren aan The Neck. Ik was me aan de Shafer Canyon Road Overlook. We hebben mooi zicht met de ondergaande zon. We vullen water bij in het Visitor Center. Het is snikheet dus we gieten alle vier de flessen vol! We rijden op de terugweg een campground op. Het is niet gratis zoals aan Lava Point in Zion. Ik rijd park uit. Ik zoek een slaapplaats op de snelweg richting Moab. Ik rijd twee betalende baantjes op. Ik vind iets verder een strook naast weg. Perfect. We smullen macaroni cheddar en kruipen in onze slaapzakken.

    01/08: Qua tijd zitten we in de helft van Noord Amerika. We zitten nu het meest oostelijk van onze tocht maar we hoeven ons zeker niet op te jagen. Naast ons zijn er mooie rotsformaties die we in het donker niet hadden gezien. De zon zit er al fel op.

    Kommentare

  • 02Aug 2017

    22 Arches National Park 02.08.2017 USA —

    Monticello, USA

    Beschreibung

    Op naar Arches. Er is niemand in het hokje aan de ingang. Judith heeft het goede idee om eerst tot het einde te rijden en de langste wandeling, Devils Garden Trail, te doen voor het te warm wordt. We gaan langs een Finn, een langgerekte zandsteen die wat op een boot lijkt. We doen de loop langs links. We passeren Landscape Arch. Er is een stuk van gebroken in 1991. Judith haar geboortejaar. Hij is nog steeds de langste ter wereld. We passeren de Partition Arch en de Navajo Arch. Er is teveel volk naar m’n zin. Ik ben een beetje moe. We rusten aan de Black Arch View. We horen een Aziaat ‘Nigga’ zeggen als hij er komt haha. We rusten verder in de schaduw van de Double O Arch. We wandelen naar de Dark Angel. Een alleenstaande rots die al van ver zichtbaar was. We volgen het pad verder naar de Private Arch. We komen op het Primitive Path. Er zijn geen arches meer maar het pad is leuk! We springen over rotsen. Op een bepaald punt ligt er een plas. Mensen geraken er niet over. Ik klauter links omhoog en er terug af. Judith volgt. Daarna doen andere mensen ons na. Het is na de middag als we trail bijna afronden. We gaan nog naar de Tunnel Arch en de Pine Tree Arch waar er veel schaduw is. We rusten aan een picnic area in de schaduw aan een bankje. De inhoud van de conserven doen deugd. We gaan naar de Skyline Arch. Ik klauter ertegenover op een rots omhoog. Twee jongetjes zien me van beneden en roepen “Wow, there’s a guy up there!” haha. Op naar de Sand Dune Arch. Die ligt in de schaduw van twee Finnen. Ik klim erachter en er rond. Leuk! Ik klim ook eens op een rots die ervoor stond. Nog leuker! Ik trek een foto van de Broken Arch. Het wordt echt warm. De thermometer in Jimmy geeft meer dan 40 graden aan! We gaan enkel nog naar de viewpoints: de Fiery Furnace, de bekendste Delicate Arch en de Balanced Rock. De Windows Section is gesloten wegens wegenwerken. Ik neem enkele foto’s van op een afstand. We hebben 11 arches gehunt! We rijden terug langs de rotsen aan het begin van het park. We vullen water bij aan het Visitor Center. 6 liter! We rijden naar Moab. We stoppen aan een winkeltje en halen zonnecrème en wat eten. We gaan erna naar McDo om een ijsje en een drankje. De airco doet enorm deugd. Judith plaatst Jimmy op de Craigslist van LA. Ik rijd door uit de stad. Het is al donker. Het koelt een beetje af. We stoppen aan Kane Springs Rest Area. We wassen ons in een afgesloten WC. Er is veel lawaai van truck(er)s.

    02/08: We blijven liggen. Judith wast twee onderbroeken, een T-shirt, een bh en een handdoek. We ruimen de auto op en ontbijten. De nieuwe chocobolletjes smaken! We wassen nog wat kleren en leggen ze verspreid in de auto.

    Kommentare

  • 03Aug 2017

    23 Page 03.08.2017 USA —

    Page, USA

    Beschreibung

    We rijden richting het zuiden. We passeren Wilson Arch, Monticello, Er zijn wegenwerken voor het meertje Recapture Reservoir. We hoeven niet te zwemmen. Het is ‘maar’ 24 graden. We passeren Blending en Bluff. We komen in een landschap met rode stenen en grond. We kruisen een Belgische nummerplaat! We rijden langs Mexican Hat, een dorpje aan de San Juan River genoemd naar een platte steen die er balanceert. Bij het indraaien van de Valley of the Gods maakt de auto een raar lawaai. Ik vrees even voor schade. Judith neemt een kijkje. Niets te zien op het eerste zicht. Ze denkt dat het de remmen waren. Ik rijd niet ver op het gravelpad. We komen aan Monument Valley. Ik stop langs de kant. Er stoppen nog wat mensen. Ik vraag twee keer aan mensen die achter ons staan om foto te nemen. Ze zijn niet perfect maar Ok. We rijden langs de rotsen. We hebben al redelijk wat zo’n landschappen gezien in Utah. We vinden het zeker mooi maar niet meer indrukwekkend. We komen aan de staatsgrens met Arizona. Ik rijd door tot Kayenta. We drinken frisdrank in McDo. Slecht wifi! Het regent. Het is een armzalig stadje. Ik tank aan de Shell voor prepaid 40 dollar. Hij klikt al af aan 36. Ik blijf doorduwen tot 40. De brandstof geraakt er nog in. We passeren het gehucht Tsegi. Er ligt een mooie canyon achter. De weg naar de splitsing met baan 98 naar Page is kaarsrecht. Rechts naast ons staan elektriciteitspalen en ligt een spoorweg. Het begint te regenen. Het koelt goed af. We komen aan Page. Er is een lelijke Navajo powerplant. We passeren Antelope Canyon. Ik wou al een kijkje nemen maar het begint te gieten! De kloof ligt waarschijnlijk volledig onder water. We rijden naar Page zelf. Ik ga snel naar een WC in de Burger King haha. We vinden een Walmart. Het is nog te vroeg om niks meer te doen. Judith wil naar de Pizza Hut. We vinden een kleine, dure zonder buffet. We eten er niet. Ik rijd door naar Lake Powell. Ik vraag me af of de ontdekkingsreiziger die de Colorado in kaart gebracht heeft wel wou dat een stuwmeer naar hem genoemd werd. We stoppen aan Glen Canyon Dam. We staan er onder op de brug. We gaan tot op de parking van het Visitor Center. We eten brood met corned beef en maïs. Ik pruts eelt van m'n voeten. Judith kan er niet goed tegen. We gaan de bocht om tot het Lake Wahweep Viewpoint. Ik parkeer zo zodat we schaduw hebben als we in de kofferbak zitten. We kijken naar de zonsondergang vanop een steen. Als het donker wordt gaan we naar de Walmart. Ik parkeer achter het gebouw. Judith gaat om ingrediënten en maakt een salade. Slaapwel.

    03/08: We slapen voor het eerst met het kofferraam open. We staan iets te dicht bij de leverzone waardoor we af en toe lawaai hoorden. Judith is eerst wakker. Ze gaat naar de WC in de Walmart. Ik kom achter. Het landschap is uitgestrekt achter de parking. We gaan om yoghurtjes. We rijden naar de Antelope Canyons. Er zijn er blijkbaar twee. We moeten 8 dollar betalen voor de parking alleen! Het is 48 dollar per persoon voor één van de twee canyons. Zot! Drankverslaafde maffia indianen! We beslissen om het niet te doen. We rijden naar Antelope Point. We zwemmen er tot de middag in een kalme baai. Er komt meer volk. We vinden een plaatsje in het centrum van Page waar er bankjes staan op een groot grasperk in de schaduw. We eten macaroni. We stoppen opnieuw aan de Glen Canyon Dam. We gaan naar binnen. Er is airco! We vullen water bij. We rijden door naar Wahweep Marina Beach. Er is een haventje en aan de overkant van het meer zijn er witte kliffen. Er is wat volk. Ik leg de fles water in het meer aan struiken. Judith verlegt alles omdat er beestjes in de zak kruipen. Ik vergeet de fles. Ik ga nadien zoeken maar hij ligt niet meer tussen de struiken. Ik vind hem 20 meter verder in het water. We waren bijna onze waterfles van in Anchorage kwijt! Het weer slaat om als Judith een dutje doet. Er komen hoge golven. Ik amuseer me met er tegenaan te springen We blijven tot 17:00 uur. We wassen ons haar aan een WC. We eten Smacks. We laten er enkele vallen en voorzien zo een mierenkolonie van eten. Ik rijd langs de Scenic Drive. We hebben uitzicht op de dam en de rivier. We verkiezen de rivier. We stoppen aan een uitkijkpunt. Er zitten twee Fransen met een drone te spelen die geen last heeft van de wind en tot 4km ver gaat! We gaan terug naar de Walmart. We doen wat inkopen voor langere termijn en halen een kippetje om op te peuzelen. Judith maakt opnieuw lekkere salade. We gebruiken nog even de wifi. We hebben perfect bereik tot in de auto. We liggen op de matras en kijken op de tablet.

    04/08: Judith had kofferraam gesloten. Ze opent hem opnieuw. Er komt een kolibri aangevlogen. Hij slurpt nectar uit een bloem die tegen de auto staat. We zoeken ontbijt. Judith vindt vers gebakken stokbrood! We nemen mayonaise aan een balie en halen vlees voor erop. Mm. Melk is lang geleden en smaakt ook. Het is aangenaam bewolkt.

    Kommentare

  • 05Aug 2017

    24 Grand Canyon National Park 05.08.2017 USA —

    North Rim, USA

    Beschreibung

    We gaan naar Horseshoe Bend. Het is moeilijk om er een foto te nemen die vat waar we staan. Ik hang daardoor parttime vieze kloot uit. Er zijn massa's Chinezen. Ik rijd door tot voorbij Marble Canyon. Ik ben te moe. Judith neemt over. Ze rijdt nog door tot voorbij Vermilion Cliffs, een gehucht. We rijden terug en slaan een wegje naar Lees Ferry in. Dit is de plaats waar meeste de boottochten op de Colorado door de Grand Canyon starten. We maken puree klaar met een rest melk. Het is smullen met stoofvlees. Er worden twee busjes met natives gedropt. Ze zijn op kamp. We wandelen eens in de Colorado rivier. Het is een tikkeltje kouder dan Lake Powell! Verfrissend. We wassen ons aan een lavabo. Ik klim omhoog op rotsen om overzicht te hebben op de omgeving. We gaan door. We stoppen aan de brug over de Marble Canyon. Judith rijdt verder. Ik val in slaap. Het regent. We stoppen aan Little Colorado River in Cameron. We tanken (weeral). Iets verder kunnen we een stuk van de canyon zien. We wandelen langs Navajo indianen die brol proberen aan te smeren. Het is niet de eerste keer. Ik rijd nog een stukje door het Kaibab National Forest. We zien veel crossmoto trails. We gaan het Grand Canyon park in. De ranger aan de ingang zegt dat ons linkse voorlicht uit is. Shit. We gaan eerst naar de WC en dan naar de rim. Daar ligt hij dan. Het is een enorme kloof met heel veel lagen. We ervaren het punt Desert View met zonsondergang. We klauteren over omheining naar beneden waar er minder volk is. Na een tijd gaan we weer naar boven. We gaan via de Watchtower terug naar Jimmy. Ik rijd een stuk terug. Judith ziet RV’s staan op een crossmoto pad. We zetten ons erbij. Het zijn Chinezen. Ze maken een groot kampvuur verstopt achter hun RV.

    05/08: De Chinezen zijn al vertrokken. Het is bewolkt. Ik rijd richting Desert View. Judith gaat naar er naar de WC. We stoppen aan Navajo, Lipan en Moran Point. Er is redelijk wat mist. Het klaart een beetje op bij de Grandview Point. Hier stond vroeger een hotel. We rijden naar het Visitor Center. We nemen een kijkje aan Mather Point. We gaan met de auto tot aan Yavapai Point. Er is een zeer klein geologisch museum. Ik rijd erna door tot aan The Village. We zetten de auto voor een lodge en gaan aan de Rim Trail naar links. We passeren de Trailview Overlook. Hier start een trail die de canyon doorkruist. We blijven even op Powell Point, Hopi Point en Pima Point. We moeten onze jassen aandoen. Het regent eventjes. Na de middag komt de zon piepen. Het pad is meestal macadam en zo goed als links ernaast ligt een busroute. We eten tonijn, brood en koekjes. Rond 16u30 zijn we aan Hermits Rest. We willen er de bus terug nemen maar de chauffeur doet niet meer open. De volgende dan maar.. We wandelen er wat rond, voorbij een winkeltje en een parking tot op een pad en terug. De chauffeur van de volgende bus is grappig. Hij doet alsof hij piloot is. “In a few minutes we will start landing, make sure seatbelts are on and tables and seats are in upright position. Thank you for flying Grand Canyon Airlines” hahah. Ik bedank hem voor de goede landing. We gaan naar de backcountry office. Er hangt een papiertje met “Overnight Parking for hikers D”. Yes, laten auto staan en gaan naar de zonsondergang kijken op het begin van de Bright Angel Trail. We eten rijst en spaghetti.

    06/08: We staan op, ontbijten kort, maken zakken en gaan naar Bright Angel Trailhead. Hier start onze tocht door de canyon! We dalen een stuk. Er staan mules met ruiters. Ze vertrekken juist. We halen ze in aan het eerste rusthuisje. We mogen passeren van de gids/trainer. Het pad stinkt naar kak en pis van de mules. We dalen af. We drinken nog niet zoveel omdat er nog schaduw is. We passeren het tweede rusthuis. We komen in Indian Garden. Het is er plots groen. Dit hadden we niet verwacht. We kronkelen erna verder naar beneden. We zitten iets meer in de zon. Achter een bocht zien we de Colorado al liggen. Het is bijna 11 uur. Dat is snel. Er staat "beach access, no swimming". Er zijn snelle rapids. We zien een bootje passeren. We gaan een brug over nadat we een stukje langs de rivier stegen. We praten aan een waterkraan met een meneer die gestrand is omdat z’n mule iets heeft aan z’n poot. Hij zegt dat er op de South Kaibab Trail geen water is. We rusten aan de Phantom Ranch op bankjes waar mules normaal afgespoten worden. Het is niet de beste plek. We gaan door op het North Kaibabpad. We kronkelen door een gigantische kloof. De ene bocht hebben we schaduw, de volgende niet. De zon zit op z'n hoogste punt en de thermometer op het kompas/fluitje geeft 45° aan. We leggen ons op een muurtje net als ’s morgens naast een stroompje dat koelte biedt. We gaan verder. We komen op een opener stuk. De hitte weegt. Er is bijna geen schaduw meer. Tegenliggers zeggen dat er verder een waterval is. We geraken er niet. Een rivier blokkeert het pad. Er komen wolken. Yes!! We gaan verder. Het pad begint geleidelijk te stijgen. We gaan een bruggetje over tot Manzanita. We hebben er koud water, WC’s en schaduw van bomen. Hierna is het feller stijgen. Rechts aan de overkant van een vallei liggen de Roaring Springs. Hier komt al het water uit de kraantjes aan de South Rim vandaan. We klimmen links verder tegen de rotsen. Het is prachtig om zicht te krijgen op alle lagen van de canyon. We steken een brug over, kronkelen omhoog en gaan door een gat in een rots, Supai Bridge. Het is nog 500 meter klimmen. We komen aan de Kaibab laag, de bovenste. We duwen door tot aan bomen. Ja! Het is 18:30 uur. We zijn aan de noordkant. Een campsite is naar links. We volgen het Bridle Path. Er is een winkeltje. We kopen brood, een appel, cheesestrings (plastiek) en zouten pretzels. We wandelen door naar de lodge want er is geen uitzicht hier. Er zijn teveel bomen. We gaan naar Bright Angel Point. Ik haast me om de zonsondergang te zien. Judith komt achter. We komen nadat de zon gezakt is terug samen. We gaan naar een fastfood want het restaurant ziet er poepsjiek uit. Ze hebben geen pizza meer. We hervullen frisdrank vier keer. We wandelen erna terug naar het uitkijkpunt, helemaal tot het einde. We zetten ons aan de rots. Er zitten nog mensen achter de hoek. Als ze weggaan kruipen we in onze slaapzakken. We liggen naar de sterren en felle maan te kijken. We horen lawaai van krekels, de Roaring Springs en vleermuizen. Er passeren nog enkele mensen.

    07/08: Het regent. Shit. We vluchten naar de lodge. We zetten ons eerst buiten op bankjes maar gaan in inkom op zetels zitten. We rusten nog een uurtje. Bij zonsopgang gaan we terug naar de rots. Er zijn redelijk wat mensen om 5:30 uur. We nemen terug het Bridle Path. Pff, het gaat niet goed. We maken ons klaar aan de trailhead. Dalen gaat een pak beter. Er ligt een bijna-dood eekhoorntje op pad. We zijn rond 9u terug aan Mansanita. Het dalen ging een pak vlotter dan het stijgen gisteren. We vullen alle flessen en ik was me. We eten de rest lunch-on meat waar we al aan begonnen waren bij zonsopgang. We komen snel bij Cotton Wood. We praten kort met twee oudere meneren tijdens dat we water vullen. We steken een relatief platter stuk snel door. De Ribbon Falls konden we niet bij. De brug is defect, ziet er gewoon slecht onderhouden uit. Aan het kloofgedeelte is het warmer dan gisteren. We rusten. Minder schaduw. Zelfde rots. Het duurt een tijdje voor we aan Phantom Ranch zijn. Ik leg me in de Bright Creek onder bomen. Verfrissend! Lichaam kan afkoelen! We eten groentjes en rest brood. We vullen water bij en vertrekken rond 15 uur. We klimmen het South Kaibab pad op. We steken een zwarte brug over en stijgen fel. We kronkelen. We houden goed tempo. We rusten hier en daar in de schaduw. We komen na een tijdje op Nipp Off Point. Oef! We draaien erna rond een rots via een open stuk en opnieuw kronkelen we langs rotsen. We komen aan Skeleton Point. Prachtig uitzicht! We rusten even en drinken Pepsi en eten pretzels. We zijn normaal al over de helft. We zien het volgende Rest Point al liggen. Het duurt wel even voor we er zijn. Vanaf hier is het nog 300 meter stijgen. We komen plots veel mensen tegen aan het Ooh Aah Point. Kop op, nog een duwtje. We hebben fantastisch uitzicht achter ons. We komen op de zuidelijke rand als de zon juist onder gaat. Een meneer die zeer enthousiast is, met gezin uit Quebec, vraagt of hij een foto mag nemen van ons. We zijn zijn helden haha. Hij filmt ons zelfs kort. We nemen bus terug. Eerst de gele, dan de blauwe lijn. Jimmy staat er nog. Pasta en slapen. Herten op parking D.

    08/08: We zijn wakker rond 6 uur. We zijn euforisch. We rijden naar de Bright Angel Trailhead. We maken gebruik van waterkraantje en WC. Ik praat kort met een mule houder. Er lopen mensen wat we gedaan hebben in één dag, van zuid naar noord rim en terug dus. Zot!

    Kommentare

  • 09Aug 2017

    25 Lake Mead 09.08.2017 USA —

    Boulder City, USA

    Beschreibung

    We rijden naar Williams en nemen afslag 133 naar originele Route 66. Er zijn veel gekke huizen in Seligman. Minder op het vervolg van de weg want is deel van het Hualapai reserve. We stoppen in Kingman. We hebben contact met het thuisfront in McDo. We krijgen blijkbaar de waarborg niet terug van het huis dat we gehuurd hebben. We voelen ons bestolen. We blijven er even. We gaan door tot Hoverdam. Lake Mead is ervoor even zichtbaar. Het is heuvelachtig. We komen aan inspectie nadat we over brug Nevada ingereden zijn. “Roll down back window please. Is there anything under the mattress?” Ik antwoord: “Just folded seats”. Ik krijg respons “Oh ok, go ahead.” Haha echt grondig zijn ze hier niet. De eerste parking is betalend. Ik rijd tot het einde van het baantje over de dam. We koelen even in de schaduw achter de hoek. We gaan dan naar lagere parking met uitzicht op de dam. We wandelen langs het overloopgedeelte en op de dam. Het Visitor Center is al gesloten. De toegang zou veel gekost hebben. Wat een verschil met de toegankelijke Glen Canyon Dam. We rijden door tot het uitzichtpunt op Lake Mead en het Visitor Center. Koud drinkbaar water! We eten op een bankje in de schaduw. We rijden erna naar Boulder Beach. Het is 18 uur en nog 40°! Het water doet enorm deugd! We blijven als laatste in Lake Mead tot we koud krijgen. De zon is al lang onder. We drogen in 5 minuten. Het is nog steeds 40°. We rijden terug naar het Visitor Center. We laten de koffer open en proberen te slapen.

    09/08: We zijn vroeg wakker. We hebben geen ranger gezien. Mooi uitzicht. We rijden naar het strand. Het hekken is nog niet open. We ontbijten op tafeltjes en tellen wat we uitgegeven hebben in de tweede maand. Een ranger doet het hekken open. Het water in het meer is kouder dan gisterenavond. Oef! Er is een oudere meneer die in zichzelf praat als Judith uit het meer komt. “Fucking children of the fucking devil, stay on your fucking side”. Ok, we negeren hem en reageren niet. Haha. We wassen ons haar in de WC’s ernaast. We stoppen nog een paar keer aan uitkijkpunten.

    Kommentare

  • 10Aug 2017

    26 Las Vegas 10.08.2017 USA —

    North Las Vegas, USA

    Beschreibung

    We rijden naar Las Vegas. Ik had me voorbereid op drukker verkeer. We passeren de luchthaven. We zien de Walmart. We kopen brood en veel beleg. Het is het lekkerste broodje tot nu toe! We rijden erna naar het noorden en slaan dan af naar het westen. We rijden via de Trump Tower naar Las Vegas Boulevard. Wat een drukte plots! We vinden een McDonald’s. Er is Airco! We blijven er even. We laten de auto staan en wandelen de Strip op. We gaan voorbij een nagemaakte piramide en een sfinx tot bij een groot kasteel, the Excalibur. We gaan eens binnen. We zijn verbaasd. Het is één grote hal slotmachines. We mogen geen foto’s nemen van de security. We gaan de straat over naar de Tropicana, de MGM Grand en de Cosmopolitan. Het zijn één voor één hotels met casino’s die ook vol slotmachines staan. De WC’s zijn decadent. Judith wil zelf niet meer gokken. We zien buiten clochards om eten vragen. Het contrast is te groot met mensen die geld verspillen. De Bellagio en de Cesar’s zijn te kitsch voor woorden. Gefaket Italiaanse barok. De fonteinen ervoor springen omhoog op muziek van Viva Las Vegas. We draaien voor de Mirage. We hebben er genoeg van. Het laatste waar we binnen gaan zijn de Cola en M&M winkels. We zijn telkens de McDonald’s binnengelopen, zeker 4 verschillende om bekertje van de eerste bij te vullen. Alle casino’s gebruikten hetzelfde parfum. Er zijn veel proppers op straat die kaartjes uitdelen. Het is oppervlakkigheid en armoede troef. We rijden terug naar de Walmart. Een kippetje, salade en mosterdpatatten doen deugd. Er praat een veteraan met ons. Hij is nog in Europa gestationeerd. Hij komt arm over. Nadat we nog eens rondwandelen in de Walmart trekken we ons terug in Jimmy. Het is nog snikheet! Judith gaat om Arizona Ice Tea. We proberen te slapen. Ik wordt kletsnat wakker. Ik droog het zweet af met een handdoek.

    10/08: We slapen tot 4:30 uur. Er komt security zeggen “Sir! Sir! Sir! (heel stilletjes) This Walmart does not allow people to sleep on the parking lot”. Hij is ook vroeg. Ik bengel waarschijnlijk al meer dan een uur uit de kofferbak. Ok; geen probleem. Ik blijf kalm. We zijn blij dat we Las Vegas uitrijden. De Strip is verlicht. We stoppen op de Late Night Trailhead in Red Rock National Park. Er is een WC. We slapen verder tot 7:30 uur.

    Kommentare

  • 11Aug 2017

    27 Death Valley National Park 11.08.2017 USA —

    USA

    Beschreibung

    Er zit felle zon op Jimmy. We horen muziek van verzamelende coureurs. We ontbijten traag en organiseren de auto. We rijden richting Pahrump. We zoeken een laundromat en showers. We tanken bij het laatste tankstation van het verloederde stadje. De bediende is onvriendelijk. Hij heeft showers maar wil niet zeggen waar er een laundromat is terwijl we er al één voorbijgereden zijn. Het is Ok. De benzine is het goedkoopste dat we al gehad hebben. Prepaid 40 dollar maar tank al vol bij 32 dollar. Pahrump was lelijk. Ook casino’s om te gokken. Vaarwel Nevada! We komen in Shoshone. We stoppen aan Visitor Info. Er staat een oud kot met een verroeste auto ervoor. Vriendelijke mensen. Er is misschien een laundromat in het RV Park. We gaan vragen aan de overkant. Nope, guests only. Ik was me aan een fonteintje. Heerlijk. We rijden het Death Valley National Park binnen. We hebben nog 3 liter lauw water. We komen via 2 passen aan Mormon Point bij Badwater. Jimmy geeft op een bepaald moment 49° aan! Er lopen veel mensen op het zout. We blijven echt niet lang. De warme lucht is om te stikken. Ik rijd iets verder naar Devil’s Golf Course. Zouten rotsen. Het baantje ernaartoe was slecht. Er is nog iets dat we moeten zien voor we naar het Visitor Center in Furnace Creek gaan, namelijk de Artist Drive. Het is bergop. Jimmy heeft het lastig. Ik hoor de motor hard blazen om koel te blijven. Het metertje gaat soms boven de normale 210°F. We slenteren omhoog. We stoppen eens voor het Artist Palet en beklimmen een heuveltje. Snikheet! Het baantje is leuk. Kort draaien tussen rotsen. We stoppen aan het Visitor Center. We hebben geluk. Er rijdt een auto weg onder een afdak. Jimmy kan in de schaduw staan. We vullen alle waterflessen bij. We eten tonijn, maïs en brood en rest Smacks. Een ranger zegt we vrij mogen kamperen en dat het rond de 30° is in de bergen. Badwater is het laagste punt in Noord-Amerika en heeft het record van warmste temperatuur over 5 dagen: 57°C. We rijden naar Dante’s View. We gaan opnieuw traag op het einde. Ik excuseer me aan de chauffeur achter ons. Wat een zicht! Judith bekomt in de kofferbak. Ik klim naar Dante’s Peak. We wandelen erna samen een stukje bergaf naar links van de parking en terug. Op de terugweg stoppen we bij Zabriskie Point. Franse trekken foto van ons. De zon gaat onder als we verder rijden. We stoppen aan Flat Sand Dunes en wandelen tot in het zand. Judith crasht een beetje. We stoppen in Stovepipe Wells en halen cola en een appel in een general store. Ik wiebelstoel buiten. Ik was me aan WC. Ik rijd van Emigrant naar Wildrose in het donker. Overal springen er muizen, konijnen en coyotes weg. We vinden met een zaklamp een WC en een waterkraantje op de gratis kampeerplaats! Koekjes, wassen en dodo.

    11/08: We slapen goed! Het is eindelijk wat afgekoeld vannacht. We draaien auto en genieten van schaduw en wind. Ik knip snor en baard met een schaartje. Nadat een ranger en een koppel van Ontario gepasseerd zijn wassen we kleren. We maken zakken en rusten terwijl de kleren drogen. We vertrekken goed na de middag richting Charcoal Killns. Het zijn hutjes waar hout verbrand werd tot houtskool. We reden al een stuk op onverharde weg maar na dit punt wordt de weg nog veel slechter met diepe geulen en grote stenen. We stoppen aan de eerste camping die we tegenkomen, Thorndike. We eten cornflakes en ravioli. We vertrekken gepakt en gezakt de berg op. We komen al snel bij Mahogani Flats. We draaien rechts op het pad en tekenen een register. We gaan langs bomen, draaien naar rechts. Het uitzicht verandert van Death Valley naar Pinamint Valley. We gaan naar links tot op de bergkam voor de top van de Telescope Peak. We stoppen halverwege de kam en zetten de tent. We eten en drinken. Er passeren twee mensen. We gaan nog een stukje naar boven en genieten van zonsondergang. Als de zon onder is wordt het snel koud. We gaan terug naar de tent. Dodo. Het waait enorm!

    12/08: We slapen niet zo goed. Ik vreesde dat de tent ging wegwaaien. M'n buik deed pijn! We ontbijten stevig en gaan de berg op. Het gaat zeer moeilijk. We rusten veel. We komen op de top dezelfde mensen tegen. We babbelen wat. We blijven even maar niet te lang. We hebben geen water mee. We dalen redelijk snel en halen ze opnieuw in. We ruimen de tent op en gaan terug naar de auto. Het duurt redelijk lang. We zijn pas om 15:30 uur bij Jimmy. We eten en drinken wat. We hebben nog water dat in de oceanbag zat. We hadden deze gevuld want de grootste fles had een gat. Het smaakt wat naar plastiek maar we hebben tenminste water. We stoppen opnieuw aan de Charcoal Killns. We beklimmen Wildrose Peak. Er zijn geen rozen maar veel bomen. We zien niet veel tot we boven komen. We hebben er beter zicht op de andere kant van Death Valley en de Pinamint Mountains. De zon gaat juist onder als we terug bij Jimmy zijn. Er staat een gast van Detroit naar sterren te kijken. We gaan het stuk vuile gravel terug door. Overleefd! Ik rem voor twee ezels op de weg. We draaien Wildrose camping opnieuw op. Er zijn veel meer mensen vanavond! We eten noodles en macaroni. We slapen met de koffer open.

    13/08: Er gaat een alarm van een auto af. Godver. We hadden langer kunnen slapen. We ontbijten opnieuw in de kofferbak. We wachten tot mensen weggaan om ons (haar) te wassen. Ik rijd het baantje terug waar we ’s nachts naar boven gereden zijn. Echt tof. Veel draaien en dan weer door een vallei. Er zijn geen andere auto’s. We rijden richting Pinamint Springs. 4,6 dollar/gallon bezine lol! We gaan de pas op. We rijden via een slechte gravelweg tot halverwege Father Crowley Viewpoint. We hebben mooi zicht op de Pinamint Valley waar we al doorgereden zijn. Het is speciale formatie van zandduinen die we zagen vanaf Telescope Peak. We rijden via een landschap met rare palmbomen tot naar het dorpje Keeler, population 50 haha.

    Kommentare

  • 14Aug 2017

    28 Mount Whitney 14.08.2017 USA —

    Whitney Portal, USA

    Beschreibung

    We zien de Sierra Nevada liggen. Smog. We gaan naar de McDo in Lone Pine, tanken en gaan naar een winkeltje. We rusten en eten in een park. We rijden ’s avonds naar Whitney Portal. We parkeren vlak aan trailhead. We gaan een kijkje nemen. Judith beslist om nog een paar uur te slapen op de parking. Het lukt niet goed. Ik ben te zenuwachtig. We staan op om 23 uur en maken zak. We vertrekken rond 23:20 uur. We zien hoofdlichtjes. We gebruiken zelf ook een draailichtje. Ik schijn schuin op m’n benen en ga eerst. We komen al plakkaten tegen “permit required”. Geen ranger te zien. :)

    14/08: We stijgen via bos. We hebben lampje nodig. De bomen houden het licht van de maan tegen. We horen water. We moeten af en toe door stroompjes die op het pad liggen. We wandelen ook eens verkeerd. We missen een scherpe bocht. De maan schijnt op gigantische rotswanden. Prachtig! We steken twee groepen van 8 mensen voorbij. Ze gingen bijzonder traag. Na een tijdje stijgen hebben we de lamp niet meer nodig. Er zijn minder bomen die het felle licht van de maan tegenhouden. Er steekt ons iemand zeer snel voorbij. “Ow didnt see you there, wish I had your eyes.” Het is een jonge gast die het al eens geprobeerd heeft tijdens de winter. Het was mislukt door een sneeuwstorm. We komen aan een plaats waar tenten staan. Het Trail Camp. Het pad draait enorm nu. De beruchte 99 switchbacks. We gaan goed vooruit alleen krijg ik koud met enkel een hemd en vestje. Ik heb geen pull mee. Als we al goed hoog zitten besluiten we op rotsen iets hoger in onze slaapzakken te kruipen. Het gaat niet goed. Er is weinig plaats en het is zeer steil. Judith maakt noodles. Het helpt een beetje. De zon komt maar zeer traag op. We besluiten om door te gaan. Koud! We komen na enkele bochten bij een fantastisch uitzicht op de westelijke kant van de Sierra Nevada. Steile kliffen. We dalen een stukje. Er is splitsing. 1,9 miles naar Mt Whitney. We laten er zakken liggen. We stijgen opnieuw. We zitten aan de verkeerde kant van berg. De zon schijnt er niet! De combinatie van weinig (of geen) slaap, de koude en de hoogte vreet aan me. Ik ga heel traag omhoog langs een prachtig pad met veel dropoffs. Na het rotsgedeelte moet er hard geklommen worden naar de top. We nemen een steiler stuk zodat we niet door de sneeuw moeten. Ik stop na iedere paar stappen om op adem te komen. Boven staat er een hutje. We nemen een paar foto’s. Judith tekent het register. Ik vergeet de koude even. Als we terug naar beneden gaan begin ik te waggelen. Iemand biedt eten aan. Is Ok, we zijn bijna terug bij de rugzakken. We hadden plaatsjes gezien waar tenten stonden, die zijn nu weg. We leggen ons er in de zon in onze slaapzakken en warmen op. We slapen zelf een uurtje. Ik voel me erna veel beter. We dalen verder op de John Muir Trail. We praten veel met voorbijgangers o.a. een oude mevrouw met een gigantische rugzak gevolgd door twee oude meneren met nog meer mee! We komen in een groen landschap aan Guitar Lake.We eten brood met choco. Er vraagt ene waar we naartoe gaan. Seven Pines. Ze rolt met haar ogen als we zeggen dat we geen map hebben. We gaan via meertjes en riviertjes naar nog groener landschap. We leggen ons aan het Timberline Lake. Ik probeer weer te slapen, met m'n hoofd in de schaduw van een boom. Ik was m'n voeten erna in een riviertje vlak naast ons. We dalen verder. We komen bij een splitsing. We weten niet welke kant op. Ik zet me. Judith gaat naar Crabtree Ranger Station. Er passeert een mevrouw. Ze toont een kaart. Ok, ik weet waar we naartoe moeten. Judith komt terug. De rangers vroegen vanalles. We moeten eens gaan praten. Lap! Ik wil gewoon doorgaan maar Judith heeft precies heel veel schrik! We gaan praten. De rangers zijn heel vriendelijk. We doen alsof we van niks weten. Ze leggen alles uit. Het is nog meer dan 40 miles met bergpassen. Ik zie het zitten maar zeg dat we hun raad zullen volgen om terug te keren vooral omdat we weten dat we in fout zijn. Judith schrijft nog onze namen op een blaadje. Nu moeten we zeker terug. Een ranger biedt nog een matrasje aan en vraagt of we naast het station blijven slapen maar is Ok. We bedanken en gaan terug. Judith neemt een poopbag mee haha. Godverdomme eh! Hetgeen we juist niet mochten doen hebben we gedaan! Het is ferm verneukt. Judith zit met een enorm schuldgevoel. Dat hoeft nu ook niet. Ik kan niet meer. Ik zet de tent op op een stuk met gras en stenen. We eten macaroni. De grond is schuin en ik kan niet slapen. Judith geeft Nurofen en legt een jas onder me.

    15/08: Toch wat geslapen. Judith staat al op en ontbijt. Ik blijf liggen. Ze voedert me met choco mariakoekjes. Ik voel me een pak beter. Slapen heeft deugd gedaan. We stijgen snel. We zijn terug op de pas voor we het weten. We zullen nu in de afdaling zien waar we in het donker gisteren geklommen zijn. We tellen de bochten en komen exact aan 99. We eten na het Trail Camp. We zakken relatief snel. We zien de rotsen waar de maan op scheen. Het water dat we hoorden was een waterval. Het gaat zo vlot, zit met het gevoel "wat als." Ik wou dat we toch aangedrongen hadden om verder te gaan. Ik mag er niet meer aan denken. We zijn al terug bij Jimmy. We rijden naar het zuiden. Het Visitor Center in Lone Pine sluit. We kunnen geen water meer vullen.

    Kommentare

  • 16Aug 2017

    29 Sequoia National Forest 16.08.2017

    Springville

    Beschreibung

    Vlak voor Coso Junction is er een rest area. Ik voel me slecht. Ik wou dat we nog in de bergen zaten. We kunnen er water bijvullen. De matras zal deugd doen. Ik organiseer de auto. Ik lees een boekje over Yosemite en probeer m'n gedachten te verzetten.

    16/08: Lang blijven liggen. Judith wast haar haar. We ontbijten onder een afdak. Chili noodles straf! Ik rijd richting het zuiden. We tanken in het gehucht Pearsonville. We krijgen muggenspray niet van ramen. We nemen een afslag naar het westen. We steken de pas over voor we aan Lake Isabella komen. Ik zie een laundromat maar is die is toe getimmerd met houten platen. We gaan naar een winkel ernaast. We kopen wat eten. We rijden tot bij het meer. We eten op de kofferbak. Olive meat smaakt en de patattensalade ook. We rijden verder. Ik was me in een WC. Doet deugd. We rijden via Wafford Heights naar Kernville. We zien veel boten op het meer. We gaan naar een ranger station. We krijgen een kaartje van het Sequoia National Forest. We meanderen mee met de Kern River. Het is een prachtig baantje. Judith slaapt. Ik stop en spring toch eens in het koude riviertje. We rijden door nadat al het drijfhout terug in het water ligt. We passeren een waterval en kronkelen omhoog. We komen aan Walk of a 100 Giants. Ik parkeer aan day use area op de camping. We lijken piepklein naast de sequoia’s. De wandeling is niet zo lang. We vinden General Sherman niet. We gaan een winkeltje binnen om dit te vragen. We moeten 5 dollar betalen voor de parking. Kut! Sherman ligt nog naar het noorden. We stoppen aan Dome Rock. We nemen een baantje door het bos om er te geraken. Mooi uitzicht. Ik zit nog met wrok dat ik m’n gedacht niet gezegd heb tegen de rangers. Judith rijdt verder. Baantje wordt fantastisch. We kronkelen door de bossen. Ik ben niet gewend om op de passagiersstoel te zitten. Ik hou me vast. We passeren Camp Nelson. De baan (zie foto) ligt nu echt langs de bergflank. We slapen hier. We eten nog een stuutje.

    17/08: Ik rijd de rest van het prachtig baantje naar beneden tot Springville. We passeren Success Lake. Wifi toont laundromat en Walmart. We gaan eerst naar de laatste om wat eten. Worstjes. Erna naar de laundromat. Het is een oud kot. Goedkoop maar kledij is niet grondig gewassen. Het duurt ook even. We stoppen nog aan de Burger King voor wifi om mail te versturen maar is te traag. We rijden door naar Sequoia National Park langs Kaveah Lake. Het is moeilijk om een uitzichtpunt te vinden. Na het dorpje Three Rivers betert het landschap (en m’n humeur).

    Fotos & Videos

    Kommentare

  • 18Aug 2017

    30 Sequoia National Park 18.08.2017 USA —

    USA

    Beschreibung

    We krijgen aan de ingang een stickertje om op de voorruit te kleven. Dat is de eerste keer. Het baantje kronkelt en stijgt nog meer dan gisteren. Fantastisch. We kruipen uit het dal. We stoppen kort aan Hospital Rock, WC en water. Verder zijn er wegenwerken. We hebben geluk, moeten niet wachten. Muziek staat luid. We draaien berg rond en komen in Sequoialand. We parkeren aan een museum. Ernaast ligt de Sentinel Tree. Een gemiddelde sequoia waarvan de grootte op de grond is afgetekend. We wandelen langs de Rimrock Trail en een stukje van de Congress Trail naar General Sherman. De grootste boom ter wereld, euh waarvan stam de grootste massa heeft. Er staat een wachtrij om foto te nemen. We wandelen er eens rond en staan erna in de rij. Mensen die al in Brugge geweest zijn (en Triple Karmeliet lekker vinden) nemen foto van ons. We gaan erna de rest van de Congress Trail af. The President, Senate, House haha. De mooiste boom vond ik de Chieftain Sequoia. We volgen de Alta Trail terug naar het museum. We zochten nog naar Washington maar niet gevonden. Zon is aan het zakken. We rijden op een klein baantje naar Moro Rock. Muggen. We klimmen op trapjes. Magnifiek! We kruipen onder een reling voor foto’s. De lichten stonden nog aan op Jimmy, gelukkig is de batterij niet plat. Ik rijd erna door in het donker. We gaan langs de afslag die naar Tunnel Log gaat, gemist. We stoppen op de baan aan een stukje naast de weg. Ik manoeuvreer om erin te geraken. We proberen te slapen maar er stopt een auto. Hij rijdt door. De chauffeur dacht waarschijnlijk dat er een camping was. Ik rijd stukje verder. Draaien San Joaquin Far Horizons groepscamping op. Niemand. Ik rijd stukje open plaats in bos in. We staan beter verscholen. Slaapwel.

    18/08: Wekker gaat om 5 uur. We blijven nog een halfuurtje liggen. Ik rijd door. We stoppen kort aan een uitzichtpunt. De temperatuur van de motor stijgt en geeft “Service Engine Soon” weer aan. D’oh! We stoppen aan de Kings Canyon Visitor Center. WC, water, ontbijt. We gaan eerst naar de General Grant, de breedste sequoia aan de voet. We zijn niet zo onder de indruk. De sequoia’s gisteren in de Giant Forest waren indrukwekkender.

    Kommentare

  • 19Aug 2017

    31 Kings Canyon National Park 19.08.2017 USA —

    Miramonte, USA

    Beschreibung

    We rijden door op de Kings Canyon Scenic Byway. Prachtige kloof! We passeren een afgebrand tankstation. We hadden gehoopt er te kunnen tanken. Onze tank is nog tussen ¼ en ½ vol. Hopelijk raken we nog terug uit de kloof tot aan de Kings River die hevig tekeer gaat. We gaan naar het Cedar Grove Visitor Center. Ze weten niet veel maar zeggen dat we enkel vuur mogen maken op de campgrounds. We maken pasta en saus op Moraine campground er niet ver van. Er is bijna niemand. We rusten wat. We wassen ons. We rijden tot Roads End. Er staat een hok met een ranger. We halen een Wilderness Permit voor de komende dagen. Het is een zeer oud systeem waarbij ze afdruk met inkt nemen van onze kredietkaart. We krijgen een grote plastieken bear canister. We rusten en maken zakken. We babbelen. We geraken niet meteen in slaap op de parking aan Copper Creek Trailhead.

    19/08: We slapen niet zo goed. We nemen crackers, noten en een lat chocolade uit een bear storage. Ik stop de meeste crackers nog in m'n linker broekzak. We groeten de ranger rond 7:30 uur. Het eerste stuk is door bos. We gaan relatief snel. We steken Bubbs Creek over, eerst over een brugje dan over enkele losse boomstronken. We draaien omhoog uit het bos. Er zijn kleine lastige vliegjes die naar ons hoofd komen! Ze meppen vergt veel energie. We passeren twee mensen die een grote beer gezien hebben. Het zien er stoefers uit. Dat zal wel meevallen. We klimmen tot we niet meer kunnen. We rusten in een bocht in schaduw en aan een stroompje. We eten stuten met corn en tuna. Er passeren drie mensen. Ze zijn al in Brugge geweest. En nog 2 mensen. Ze hebben dezelfde waterfilter. We sukkelen met de onze. Het is los waar het zakje aan het mondstuk zit. Waarschijnlijk is de lijm losgekomen in de hitte van Death Valley. We komen op de John Muir en Pacific Crest Trail. Joepie. We klimmen en kronkelen langs rotsen naar boven. Rae Lakes staat aangeduid. Glenn Pass niet. Raar. De meren liggen voorbij de pas. We klimmen verder via meertjes. Het miezert een beetje. We werden gewaarschuwd voor bliksem maar boven de pas zitten er nog grote gaten tussen de wolken. We doen regenjassen aan en zeilen over de zakken. We passeren een ijsmeertje. Vanaf hier is het steil omhoog! Onze eerste pas een feit. We zien Rae Lakes liggen. In het dalen gaan we over stukken sneeuw. Ik val eens. Ik ben vermoeid. Er staan vandaag al meer dan 19 miles op onze teller. M'n rechter schouder doet pijn. Het is wennen aan de zware rugzak. We zetten de tent niet ver van het meer en een andere camouflagetent. Judith drogeert me met Nurofen. Ik val meteen in slaap na Mexicaanse rijst te hebben genuttigd.

    20/08: We staan op. De zon zit op een rots naast ons boven het meer. Mensen aan een tent achter ons wijzen. Er zitten twee herten. We ruimen op, eten iets en volgen een pad links van het meer. We passeren tenten rechts. We stijgen. Dit klopt niet. We zouden aan de andere kant van het meer moeten uitkomen. Ik heb geen zin om terug te gaan. We zien het einde van het meer. Het is te doen om af te dalen. We gaan offroad. Het is hier en daar klauteren maar het lukt. We komen terug op de John Muir Trail. We hebben nog weinig water. We proberen de filter nog te gebruiken maar het lukt niet goed. Een Nederlander die tot in Yosemite zal proberen te geraken vult zijn waterfles met filter voor ons uit riviertje die over het pad loopt. Z’n filter past op alle gewone flessen, handig. We bedanken hem. We steken iets verder een hangbrug over. Het is wankelig. Hij piept en kraakt. We komen op splitsing naar Paradise Valley. Dit is de korte tour die de meeste doen. Dit pad ligt naar links. We gaan naar rechts. We duwen door naar de Pinchot Pass. Ervoor is er een lawinegebied waar stenen bomen en struiken opzij geduwd hebben op een stuk sneeuw met een rivier onder. We gaan links via de platte bomen en struiken. Judith heeft het lastig. We stoppen aan een rivier. Ik was me. Judith maakt eten klaar in de schaduw. We gaan richting pas. We eten een handje chips ervoor. Het is niet al te lastig. We krijgen prachtig zicht op meren en scherpe kliffen. Mount Pinchot ligt rechts van ons. Het regent maar er zijn geen wolken boven ons. We vullen water bij nu we hoog zitten. Er zit geen vuiligheid in van vegetatie. We dalen langs meren links van ons tot in het bos. We zien herten op een open stuk gras. Een vriendelijke mevrouw zegt dat het nog 2,5 miles dalen is tot aan rivier. Daarna zal het pad weer stijgen. We zetten uitgeput de tent neer niet ver van de rivier.

    21/08: We vragen aan mensen waar de beste oversteekplaats is. We zullen natte voeten hebben, zoveel is zeker. Het is eerst een stukje op stenen tot aan een boomstronk. We klauteren erover en strompelen tot de overkant. Ik val bijna. We wisselen iets verder van sokken. Ik hang de natte aan m'n rugzak om te drogen. Als we dichter bij de Mather Pass komen wordt het weer slechter. We doen lange mouwen aan. Er komt mist opzetten. De klim viel nog mee. Het regent. In de afdaling zijn er twee stukken waar het pad weg is en we over rotsblokken moeten klauteren. Er ligt glibberige sneeuw. We stoppen lager om iets te eten en het weer klaart op. We krijgen plots prachtig zicht. Hoera! We maken een bocht langs Palissade Lake van het noorden naar het westen. We dalen de Staircase af. Het is ferm naar beneden het bos in. Er liggen veel grote boomstronken op het pad. Het duurt lang. We eten tonijn. Muggen. We komen uiteindelijk bij de splitsing naar de Middle Fork van de Kings River. Het pad stopt bij de Palissade Creek. De ranger had ons gewaarschuwd dat dit de moeilijkste hindernis op onze loop trail zou zijn. We zoeken naar een goede oversteekplaats. Na snelle, zigzaggende rapids op rotsen is er een dieper stuk met minder stroming. We stoppen alle belangrijke zaken in de oceanbag, ontknopen onze rugzakken zodat als we ons evenwicht verliezen we ze kunnen lossen en zoeken allebei een stevige stok. We steken handje in handje de rivier over. Judith heeft het moeilijk. Het water komt tot boven haar midden. Ik raak tot tegen een grote steen en trek haar ernaartoe. Na de steen is er geen stroming meer. Het is ons gelukt! We klimmen een steile wand omhoog en vinden het pad. Het is niet meer zo duidelijk als de JMT. Er is veel begroeiing. We trekken lange kledij aan en banen ons een weg erdoor. We komen in de prachtige canyon van de Middle Fork. Er zijn zoveel verschillende soorten bloemen, bessenstruiken en bomen. We zien een koppel kolibries. Er ligt een kajak langs de kant. De rivier is wild. Hier kun je toch niet op kajakken? Het pad klimt en daalt langs het water. We passeren de Devils Washbowl, een stroomversnelling tussen rotsen. We stoppen uiteindelijk op een rots naast het pad waar we beneden drie kajaks zien. Ik ga een kijkje nemen. De kajakkers zitten lager. Ze zullen vlak aan het water slapen. Dat lukt hier dus wel. Zot! Wij slapen hoger in de tent op de harde rots.

    22/08: We slapen niet zo goed. De matrasjes zijn dat niet. We gaan verder de canyon in. We komen op open velden. Erna kruisen we een koppel dat ons waarschuwt. Er is geen water meer voor lange tijd. We waarschuwen hen voor de oversteek van de Palissade Creek. We vullen bij aan een stroom die over het pad loopt. Er zit een beetje vuiligheid in maar niets ergs. We hebben nog druppels voor erbij. We kruipen uit het dal. We zien niet veel. Zelfs niet als we boven komen. Er zitten bomen in de weg. De ondergrond is van zand en granietkorrels. We zakken telkens een beetje terug bij iedere stap. We passeren twee mensen en vier paarden. Ze snijden boomstronken af die op het pad liggen. We stoppen halverwege de klim voor twee pakjes noodles. Eens boven moet ik naar het WC. Ik voel me niet zo goed. We klimmen nog wat, volgens een recht stuk en dalen kort tot aan riviertje. Muggen! We stijgen tot een splitsing. Er staan meren aangeduid naar de andere kant. Oh, ik weet waar we zitten. We stijgen (voor de verandering) naar de Granite Pass. Prachtig zicht achter ons. De pas ligt om de hoek. Het is verder dan we dachten. We zijn uitgeput. Ik moet nog eens naar WC. Ik gebruik de verplichte poopbags van Crabtree rangerstation die Judith meegepakt had haha. Er zijn nog steeds muggen op de pas! We zitten hier toch hoog? Ik krijg Nurofen en een kussen van Judith. Ik geef het kussen in loop van de nacht terug.

    23/08: Een stralende hemel. We staan wat groggy op. Muggen! We kunnen niet genieten van het uitzicht. We dalen een stukje en moeten opnieuw klimmen. Dju toch, had ik niet verwacht. Ik ventileer even tegen een oudere wandelaar die aan een meertje gekampeerd en gevist heeft. We dalen de rest van de weg via zigzaggende paden door het bos. We stoppen eens om water bij te vullen op een hoek. We proppen de laatste stuten in onze mond. We warmen op op de laatste flank. We zien de parking liggen! We zijn herenigd met Jimmy om 13 uur. We brengen de bear canister terug. Ik schrijf onze passage in het register en we vullen water bij. We ruimen de zakken op. De tent is nog nat en moet drogen. We gaan naar de Muir Rock. Er springen mensen af. Hier heeft John Muir een toespraak gehouden voor de klimassociatie van California. Er staat geen plakkaat. Raar. Jimmy pruttelt enorm als hij start. Ik wil geen risico nemen. Ik rijd in één stuk door naar Hume Lake waar een tankstation is. Judith trekt foto’s onderweg van de Kings Canyon. Ik stop één keer maar laat auto in park staan terwijl we foto van ons samen met de kloof laten nemen door een vriendelijke oud mevrouwtje. We geraken aan het meer via een kronkelweg. Het mevrouwtje stopt er ook. We maken pasta en bonen. Ik zwem kort tussen kajaks en peddelaars. Het doet zo’n deugd! We rijden naar de Grant Grove en het Visitor Center. Judith gaat naar de lodge. We kunnen douchen. Ik kruip mee in de vrouwendouche. Het is 1 dollar voor 15 minuten water. We zijn weer volledig proper! We brengen de sleutel van de douches terug naar de lodge en rijden richting Fresno.

    Kommentare

  • 24Aug 2017

    32 Fresno 24.08.2017 USA —

    Fresno, USA

    Beschreibung

    Er rijdt een mens voor me dat remt in ieder klein bochtje. Al zes auto’s achter ons met bestuurders die het ook ferm op hun heupen krijgen. Ik stop uit frustratie. De remmen ruiken verbrand. Het was gevaarlijk. We dalen verder af en rijden de stad in. Ik rijd af in een ruwe buurt. Ze vragen een ID in een tankstation. De winkeluitbater draait bij en legt ons de weg uit naar de Walmart. We halen alles voor belegde broodjes. We eten ons buikje weer vol! Er rijdt een security zoals in Las Vegas. Ik rijd naar een grotere Walmart. Daar rijdt er ook één! Ik leg me even. Judith zoekt op het internet een lijst met Walmarts waar je niet mag slapen. Ik rijd heel moe naar een derde Walmart. Hier zijn er geen borden of security. Ik word nog twee keer wakker. De eerste keer van luidruchtige jongeren en de tweede keer van een zware camion.

    24/08: Rust! We kunnen blijven liggen. Judith gaat om een groot ontbijt. Stokbrood, vlees, chocolade, melk en yoghurt. We halen nog eten en ik vul m'n dagboek aan nadat we donuts hebben verorbert. Ik update de map. We gaan in de namiddag naar de McDo om een ijsje en frisdrank. We antwoorden naar State Farm, veranderen Craigslist en kopiëren foto’s. Judith haalt een dubbele hamburger met twee vleesjes. We gaan erna terug naar de Walmart om salade. We zitten veel in de airco. Het koelt gelukkig wat af ’s avonds. Het was leuk om vandaag te rusten en iets te horen van het thuisfront. We zitten wat te babbelen voor het slapengaan.

    25/08: We blijven liggen. Judith gaat naar het WC en om ontbijt. Het is een volgende lading donuts, yoghurt, vlees en brood. We rijden uit Fresno. Het is een redelijk grote stad. Er zijn heel veel autodealershops. Buiten de stad wordt het landschap snel dor en heuvelachtig.

    Kommentare

  • 26Aug 2017

    33 Yosemite National Park 26.08.2017

    El Portal

    Beschreibung

    We komen bij het Yosemite National Park. Er is veel rook. Het ruikt naar vuur. Het bos staat in brand! We stoppen in Wawona. We eten donuts op de rand van een fontein die niet werkt. Een ranger zegt dat we naar Tuolumn Meadows moeten voor een permit. We rijden door. We kronkelen in de bossen. We zien een vallei links bijna niet door de rook. We komen aan Tunnel View. Er is zo goed als niks te zien van Yosemite Valley door de rook. Jammer! We rijden de vallei in. We wandelen naar Bridalveil Falls. Veel mensen klimmen er op de rotsen ook al staan er plakkaten dat het niet mag. Het is een beetje een overrompeling. El Capitan is toch beter zichtbaar vanaf de weg. Ik zoek parking in de massa. Ik vind een plaatsje aan lodge/camp 4. We nemen de shuttle bus. We stappen uit aan de Mist Trail. Het begin van de John Muir Trail. We zullen het einde, een stuk van het midden en het begin ervan bewandelen. Het is ferm klimmen tot Vernall Falls. Ik test m'n conditie, twee trappen tegelijk. Het gaat goed. Prachtige waterval. We komen verder aan een meertje, Emerald Pool. We nemen de langere weg naar Nevado Falls via Clarks’ Point. We zien Half Dome en Liberty Cap liggen. We rusten in de Merced River boven de Nevada Falls. Ik spring wat op rotsen. We nemen steilere weg terug naar beneden. Het is opletten met los zand op granietsteen! We nemen erna shuttle terug. We wandelen met chips naar de Yosemite Falls. Upper kan je enkel van ver zien. Lower kunnen we dichterbij gaan. Ik rijd naar de 4 miles Trailhead. We kunnen morgen misschien de Pohono Trail doen. Het wordt al donker. We eten een tomatensoep met brood. Ik ben te moe. Ik leg me op matras. Naast ons komt er een busje. Het zijn twee Australiërs. Ze doen de afwas. Er komt een ranger. Ze moeten weg. Ik ga nog naar WC en rijd ook door, uit het park naar El Portal. We worden tegengehouden door een ranger, z’n lichten flikkeren en schetsen achter ons. “License and registration please”. Hij stopt ons omdat een voorlicht niet werkt. We moeten ook nog de verzekering tonen. We zitten met een wannabee flik! We vinden een stuk aan de kant van de weg naast Yosemite lodge in El Portal waar we veilig van de weg staan. Slaapwel.

    26/08: We slapen goed. We stoppen aan de WC’s bij de ingang en ontbijten stevig. We rijden door naar Tioga Road. Er zit een bus achter ons. Tuut! Ik hou me nochtans aan de toegelaten snelheid. Er is nog altijd veel rook in de vallei. We rijden bos in. We stoppen aan Tuolumne Grove. We wandelen één mile op onze sletsen. Er zijn drie levende en twee dode sequoia’s. Het is geen vetten. We gaan het pad terug naar boven. Ik rijd verder. We komen na enige tijd aan Olmsted Point. We gaan de hoek om naar een overlook. We zien Clouds Rest en Half Dome liggen. We wachten tot we in de zon zitten en bekijken mensen die komen en gaan. We nemen erna een foto richting Tenaya Lake. Een afgeborsteld tandpasta-smile koppel van LA vraagt of we ook een foto van hen kunnen nemen. We stoppen aan het meer en eten energie bars, tonijn en maïs met brood op een bankje. Er zijn veel mensen. We rijden verder naar Tuolumne Meadows. Er zijn nog meer mensen. We gaan Visitor Center en Wilderness station in. Het wordt niks. We zullen dagtochten doen. We zetten de auto aan de kant van een smal baantje en stijgen door het bos tot aan de Lembert Dome. We kruipen de rots schuin op. We gaan na de top ook iets lager. We krijgen een mooier uitzicht op de meadows. We zitten en praten even. We nemen een schuinere kant terug. Ik neem de Tioga Pass na Tioga Lake en Ellery Lake gepasseerd te zijn. We gaan naar Mono Lake Visitor Center. We bekijken een exhibit. Vooral de tufa, een soort stalagmieten, vallen op. Ik rijd naar de andere kant van Lee Vining. De snelweg is precies als aan Mount Whitney. Ik draai over en rijd terug. Judith neemt mooie foto’s van de Sierra Nevada. We nemen een grintweg richting het meer. Aan een service station staat er een plakkaat: drie miles naar South Tufa. We zien het liggen. Het ziet er sjiek uit. Er is parking. We wandelen naar de rotsen tot aan de rand van het meer. Er is een drone die veel lawaai maakt. Het is mooier als de zon komt piepen. Judith gaat naar WC. We doen erna de rest van een trailtje. Ik vergeet een melkfles. We eten aan de parking op een bankje. Ik rijd erna dezelfde weg terug. Ik dacht een plaatsje te hebben gezien om te slapen maar de weg is er verhoog met zand. We kunnen er niet geraken. Ik rijd een ander wegje op. Er is begroeiing in het midden. Ik hoor planten kletsen tegen de onderkant van het chassis. Ik zet Jimmy op een kruising tussen de planten. Hier staan we wel goed. Dodo tijd.

    27/08: Wakker als de zon opkomt. Ik rijd terug langs Tioga Road tot een beetje voorbij Tenaya Lake. Ik kan mooie foto’s genomen onderweg met opkomende zon. We eten stuten met choco. We maken zak en zijn weg. Het is 12 miles wandelen naar Half Dome, 7 naar Clouds Rest. Dat is niet weinig. We stappen stevig door. We zijn rond 11 uur boven op de eerste berg. Wat een zicht! We zetten ons en eten stuten. We hebben geen mes mee om tonijn open te doen, d’oh! We dalen ferm stuk, gaan opnieuw bos in. We komen op een open plaats een oude meneer tegen. Ik vraag wat info over permits om Half Dome te beklimmen. We zouden misschien een kans hebben als er mensen extra plaatsen hebben, normaal zijn er 6 mensen per permit. We dalen verder. We komen op een splitsing met de John Muir Trail. Er staan plots veel tenten. We zien de Half Dome liggen in de rook van de bosbranden. Een ranger vraagt permits aan grote groep op de eerste bocht. Rechtsomkeer. Ik begin rond te vragen. We hebben chance, een groep van 5 Russen uit LA heeft extra plaatsje en hun 5e persoon, een dik meisje, geraakt er niet. Ze zit ver achterop. Ze willen niet wachten. We kunnen dus allebei mee! Woohoo! We bedanken hen. We mogen voorop klimmen. Eerst een stuk op trappen in de rotsen dan komen we aan kabels. Er zijn redelijk wat mensen aan het dalen. Ik ga eerst met rugzak. Er liggen handschoenen. We nemen er geen. Steil! Het zou niet lukken zonder kabel. Ik moet een paar keer stoppen aan houten balkje. Ik trap op m'n adem. Ik babbel kort met een Canadees. Ik draai een beetje. Ik zet me op een minder steil stuk aan de kant. Judith steekt voorbij. Ze is alleen boven. Ik kom achter. Het is groter dan gedacht. Er zijn veel bedelende eekhoorns. We gaan eerst naar links en erna naar rechts. De Russen komen ook boven. We bedanken hen opnieuw en dalen. We gaan een pak trager. We genieten van het uitzicht nemen veel foto’s. We komen op de terugweg de 5e persoon tegen. We herkennen haar omdat ze hetzelfde T-shirt aanheeft als de andere 5 Russen. We moeten nog een ferm stuk terug. Judith vult water bij aan een stroom in het bos. We nemen het Forsynth Trail, rechts van Clouds Rest. Het is ferm klimmen door verbrand bos. We sterven een beetje maar het was het echt waard. Op 2,5 miles gaat de zon onder. We zien niet veel meer. Judith komt achter. Met behulp van de kodak kunnen we onze weg vinden in het donker langs boomstronken, stenen en door riviertjes. We zijn rond 21:30 uur terug bij Jimmy. Water! En koeken! Oef! Ik rijd richting El Portal. We wassen ons aan de WC’s en maken rijst. We staan op dezelfde plaats als twee dagen geleden. Onze benen zijn stijf.

    28/08: We blijven liggen en nemen een ferm ontbijt. We zien een plakkaat “no overnight parking”. Haha we mochten hier toch niet staan. Ik rijd opnieuw het park in naar Tunnel View. We klimmen door het bos (vliegen!) naar Inspiration Point. Er is absoluut niks te zien! Bomen in de weg op een oude verloederde parking. Laat maar. We zullen Pohono Trail niet doen. We gaan terug naar beneden. De rook is wat opgeklaard. We hebben het beste zicht op de vallei tot nu toe. We gaan via de vallei en El Capitan. We stoppen kort aan Merced River en wassen onze voeten. We stoppen ook aan de WC’s bij de ingang. Ik tank een klein beetje in El Portal. We volgen de Merced River en rijden naar Mariposa. We tanken en gebruiken wifi aan een Burger King. Het is een enorm dor landschapen. Er staan plakkaten langs de weg “Thank you firefighters!”. We stoppen in McDo van Merced. Het is te warm, meer dan 40 graden. We blijven een uurtje of twee. Ik babbel kort met Sven. We vertrekken weer na de middag richting Modesto. Het wordt drukker. We slaan af naar het westen voor Manteca. File. Ik rijd af aan Walnut Creek. Het voelt Europees aan. Er zijn kledij merkwinkels en om te parkeren moet je betalen. Ik rijd door naar de Walmart van Martinez. “No overnight parking”. We gebruiken de wifi en eten er. Ik rijd door en terug. De tank is bijna leeg.

    Kommentare

  • 30Aug 2017

    34 San Francisco 30.08.2017

    SF

    Beschreibung

    Ik sla af aan Port Costa. Er is een mini kronkelbaantje langs de inham van de zee. Het is leuk rijden na de 5-vaksbanen vandaag. We stoppen voor Crocket langs de kant van de weg. Er passeren flikken. Ze spreken ons aan i.v.m. vluchtmisdrijf. We hebben geen geblutste auto gezien. We slapen met zicht op de baai.

    29/08: We zijn af en toe wakker door getuut van treinen. Er is een spoorweg beneden aan het water. We proeven de Apple Blasts, Judith lust ze, vooral suiker. Er is file op de Alfred Zampo Bridge. We moeten 5 dollar betalen om de brug over te mogen. Dat hebben we nog net in cash. Judith moest centjes samen scharrelen. We rijden via Vallejo, een havenstadje. We stoppen aan San Pablo Bay, Pool 1. Er is veel vuilnis. Ik rijd verder op de 101 richting het zuiden, San Rafael. Ik ga twee keer de freeway af om een smal baantje te zoeken die langs de baai gaat maar tevergeefs. We rijden af vlak voor de tol van de Golden Gate Bridge aan Fort Baker. De beroemde brug ligt in de mist. Er is een museum van de baai maar het is betalend en er is een meute kleine kinderen. Er staan vervallen bunkers. We vragen aan een mevrouw of we tol kunnen betalen met visa, ja. We kunnen gewoon doorrijden. Ze sturen brief op op basis van de nummerplaat. Ik rijd Sausalito binnen. We voelen ons in Italië, mooie baan langs de kust, kleine huisjes tegen rotsen. We gaan naar WC en Visitor Center. Mevrouw geeft kaart van het Marin Headlands Park naast de Golden Gate Bridge. We rijden via Coastal Trail naar Hawk Hill. Er is veel mist. Jammer! We wandelen rond in bunkers. We rijden erna iets verder naar een picnic area. We wandelen naar Point Bonita Lighthouse. Er is een poort op slot van gang onder een rots. Er klimmen twee jongens over de rots. Dat gaan we toch niet doen. We passeren aan Bird Island Overlook. Het is een witte rots vol vogelkak. We eten erna puree en stovers. Het smaakt enorm. Het klaart wat op. We stoppen aan het Visitor Center, lijkt net kerk. We vullen water bij. We wandelen langs een lagoon naar Rodeo Beach. De Pacific Ocean! Het water kletst tegen de rotsen. Er zitten wat surfers in het water. We zien dieren duiken in de lagoon. We dachten eerst dat het zeehonden zijn maar ze komen uit het water als we terug wandelen. Ze zien er kleiner uit. Het zijn otters. Ze hebben vier poten en een smalle staart. Er vliegen heel veel vogels die op pelikanen lijken. We stoppen aan de Golden Gate Overlook. We hebben veel beter zicht op San Francisco en Alcatraz Island nu het opgeklaard is. Wolkenkrabbers. Het is enorm druk op de brug als we erover rijden maar we staan nooit stil. Rechts liggen er machtige rotsen, links een megastad. 825000 inwoners. Ik rijd na de brug naar rechts, weg van het centrum. Best, het is spitsuur en filerijden. We gaan richting de zee. We slaan af naar rechts aan Judah Street. Het is een typische San Francisco straat van uit de films. Een tram, veel hoogteverschil en uitzicht op de zee. Ik weet nog altijd niet wat de verkeersregels zijn als er op de vier richtingen op een kruispunt stopborden staan. Ik wacht gewoon. Is het elk op z’n beurt en de eerste die aan de kruising komt mag eerst door!? We nemen een kijkje aan het strand. Het is veel mooier dan de Belgische kust. Het oogt niet volgebouwd. We gaan op wandel in de straten achter ons, op zoek naar wifi en WC’s. We gaan tot Sunset Boulevard en dan tot Taraval. Er zijn enkel woonhuizen. Als we terug aan de kust boulevard komen zijn er publieke WC’s. Yes. We wandelen een stuk terug om het toertje blok volledig te maken. We maken noodles klaar. Ik ga foto trekken van de zonsondergang. Er liggen stuk tapijt, deken, sokken en lege fles wodka in de duinen. We zitten even voor de auto tot het volledig donker is.

    30/08: De auto achter ons rijdt weg. Het is bewolkt en kouder. We rijden naar de WC’s aan het einde van Taraval. Erna gaan we de heuvel op naar links. We moeten veel stomme 4-way stops voorbij. Dit kan veel beter georganiseerd zijn. We rijden tot het einde van een parkje dat links van ons opduikt. Ik zet Jimmy links naast de baan. De DMV ligt iets verderop. We beginnen te wandelen richting het Financial District. We komen op de straat Market. We vinden een Starbucks met wifi. Judith verandert de foto en de prijs van Jimmy op Craigslist. In het begin van de straat zien we veel sukkelaars. Het contrast met de afgelekte gebouwen van banken is enorm. We zien het stadhuis links liggen. Er is markt op een plein ervoor. Het is niet groot. We passeren het bekende trammetje. Er staat een hele rij mensen te wachten haha. Daar doen we niet aan mee. Judith wandelt kort Forever 21 binnen. Ze vindt niks. De maten zijn groter dan in Europa. Op het einde van de straat komen we op de Ferry Building. Er zijn veel dure etenswinkeltjes. We gaan er naar WC en kijken aan de achterkant uit op de baai. De zee is mooier, minder bebouwd en industrie. We gaan via Mission Street. Er zijn iets minder wolkenkrabbers. We passeren het Yebba Arts YNBA park waar er een expositie is over Martin Luther King. We beginnen honger te krijgen maar het is allemaal enorm duur in het centrum. We passeren een busje met Peruvian Food. Het ziet er heel goed uit. Er is hoop voor de rest van de reis! We komen na een tijdje stappen op het kruispunt met Main Street. De brug met de freeway ligt boven ons. Eronder is er een skatepark aangelegd. Er zijn hier meer skaters dan bij ons. Judith vindt San Francisco vuil, een beetje Europees aanvoelen, hele lange straten. Ze stuurt berichtjes naar familie telkens we een Starbucks passeren. Er zijn er veel! Enkel Peete’s Coffee kan concurreren. Walgreens is de meest voorkomende winkelketen. Een paar straten voor we terug bij de auto zijn ruiken we heel lekker eten uit een taco zaak op de hoek. Burrito? Vlees en paprika. We hebben geen cash meer. We zullen er wel niet met visa kunnen betalen. We eten energie bars en maken pasta klaar op een bankje in het parkje naast waar Jimmy staat. Ik neem erna een kijkje in de DMV. De file is te lang om slechts een domme vraag te stellen. Ik rijd naar rechts en via enkele straten kom ik terug op Market. Ik rijd richting de zee. Ik sla verkeerd af en rijd vlak langs de zee richting het noorden. We passeren de zoo. Ik kan draaien op een parking. We rijden langs Merced Lake (niet die van Yosemite). Er ligt een ferm park ernaast. We zien mensen golfen.

    Kommentare

  • 01Sep 2017

    35 Highway 1 01.09.2017 USA —

    Avila Beach, USA

    Beschreibung

    We rijden via heuvels met kartonnen huisjes langs de Highway 1. We passeren Pacifica. We gaan door een tunnel. Er staat een oude bunker/huisje op een rots. Ik stop en neem een kijkje. Judith komt achter. We wandelen erna de Devils Slide Coastal Trail af. We zien walvissen in de verte! Ze spuiten water en er vliegen veel vogels op af. Eén komt een stukje boven en is bijna even groot als een vissersbootje. We wassen erna Jimmy's ruiten met drinkwater en zeep. De muggenspray van in Death Valley is er af! Yes. We rijden door. We stoppen aan Half Moon Bay. Er zijn veel surfers. Ik parkeer voor busje aan parallel baantje. Er brokkelt een rots af aan het strand. We stoppen aan Starbucks. Ik stuur een berichtje naar mama. Het is mama haar verjaardag en morgen vertrekken ze op reis naar Zuid Frankrijk. We stoppen aan de Burger King. Judith rijdt op een borduur. Bovendien rijdt ze achteruit wanneer er een witte jeep komt. Ze is overstuur en gaat aan de kant. Ik neem over. Ik stop aan een wandeling. Er zijn WC’s maar ze zijn op slot. Het is afgesloten wegens tekenseizoen. Ik pis achter het kotje. We draaien af richting Redondo Beach. We komen uit op een straat met villa’s en een golfterrein. Er staat hokje. Er komt een gast naar buiten. Ik doe teken ‘laat maar’ haha. Bekakt! Het voelt alsof we met de oude Honda met geplakte bumper in la Knokke rondreden. :P We passeren San Gregorio en Pomponio. Er zijn stranden waar er nog water ligt achter het strand in plassen. We stoppen aan de kant van de weg. Twee minuten later stopt er een RV voor ons. Judith moet nog naar WC maar er stopt nog een Mercedes busje vlak achter ons ook!

    31/08: Het is mistig als we wakker worden. We moeten allebei naar WC. Judith rijdt naar het volgend strand, Pescadero Beach. Vuile WC! We zijn goed verscholen in de duinen. We rijden langs Pigeon Point. Er staat een vuurtoren in de mist. We komen in Santa Cruz county. De zon komt piepen. Er zijn een paar surfers. We tanken in Santa Cruz en stoppen erna op een viewpoint. Er is niks te zien. Er staat wel een plakkaat met uitleg over de ontdekking van de baai van Monterrey door de Spanjaarden. We komen erna opnieuw in de mist. Er is veel landbouw rond het haventje van Moss Landing. We stoppen aan Lovers Point in Pacific Grove. We eten noodles en rijst. Er zitten schooiende meeuwen, eekhoorns en zeeotters. We rijden langs de kustlijn. Pebble Beach is betalend. We rijden naar Carmel-by-the-Sea. Judith rijdt door een verzorgde buitenwijk met zeer smalle straatjes. We doen geen moeite om naar de zee te gaan. We zien dat het in de mist ligt. We volgen nog heel eventjes de Highway 1 maar slaan dan af naar Carmel Valley. Er zijn jammer genoeg landverzakkingen aan Big Sun en Ragged Point. We nemen een binnenbaantje naar Carmel Valley Village. De temperatuur klimt van 15 naar 40 graden! Er zijn veel wijnproeverijen. Het baantje wordt smaller. De midden markering ontbreekt. We kronkelen door het bos en komen opnieuw in een zeer droog landschap waar de wijngaarden kilometers ver. uitstrekken. De boeren hebben hier veel meer plaats amai. We komen terug op een grotere baan vanaf Greenfield. Judith vlamt door tot Paso Robles. We stoppen enkel aan een rest area. We wassen ons haar en vullen water bij. We rijden door tot San Luis de Obispo. Het wordt drukker. We willen wifi. Judith neemt de laatste afslag van de stad. We zien een Starbucks. We gaan eerst om eten in een winkel die Food 4 Less heet. Het is een simpele winkel. De prijzen zijn ongeveer dezelfde als in de Walmart. We eten ons buikje rond achteraan de Starbucks op een bankje. We hebben geen reacties op Craigslist. Ik maak 7 nieuwe aan advertenties aan op deelgemeenten van LA en plaats nieuwe foto’s. Judith contacteert twee auto opkopers. Ik rijd in het schemerdonker naar Avilla Beach. Er is een gezellig haventje. Een kampvuur op het strand trekt volk aan. De kade staat vol RV’s, te betalen! Ik wandel met m'n voeten in het water. Ik rijd erna door het dorpje. De straten lopen fel omhoog. Er zijn enkele bars. Ik probeer straatjes. "No overnight parking". We rijden juist buiten het dorpje een steile straat op. We komen op een hobbelig stuk losse aarde. We zien rechts Avilla Beach en links Pismo Beach. Het is een leuke plaats. We zullen hier slapen.

    01/09: Wakker! Geen wolken. Zon ! Prachtig zicht. We ontbijten. Er stopt een auto zonder bumper naast ons. Hij vraagt of we geen marihuana moeten hebben. No thank you haha. We klauteren op een rots voor we doorrijden. Pismo Beach is deftig. Grover Beach iets minder. Het is er ook goedkoper om te tanken. De Highway 1 gaat hier verder van de zee terug langs landbouwgrond. Judith ziet een boer op zeer oude tractor. Er staan overal mensen gebukt in de velden. Ze plukken hier nog met de hand! We gaan door Guadalupe. Het is een armtierig dorpje. We passeren Vandenberg Air Force Base. De ingang ziet er precies uit als een pretpark. We rijden een stukje te ver richting Lampoc en komen aan Gariota Beach State Park. Het is te betalen om tot aan het strand te geraken! We rijden verder en passeren nog twee zo’n stukken. Belachelijk. Ik zeg m’n gedacht eens aan de laatste, El Capitan Beach. De persoon in het hokje reageert gelaten. Hij krijgt waarschijnlijk nog zo’n reacties. We komen aan Goleta. Er is een plakkaat: Beach Access. Hier is het wel gratis. Er zijn zelfs WC’s en een douche. Ik ga zwemmen. Het water is wat vuil. Er drijven planten en zwarte plakkende stukjes. Komen die van het boorplatform die we in de verte zien liggen? Ik blijf er niet lang in. We babbelen op een bankje in de schaduw van een palmboom en eten koekjes die smaken naar iets tussen picnics en vitabis. We wandelen een stukje naar links. Ik voel m'n schouder branden. We douchen en gaan terug naar de auto. Ik rijd door de rest van Goleta naar Santa Barbara. We parkeren Jimmy op een parking waar je twee uur mogen staan. Er is wifi aan het Visitor Center op de hoek. We hebben geen reacties gekregen op Craigslist. We panikeren een beetje. We googlen vanalles en contacteren dealers en auto opkopers. We wandelen erna aan het strand. Er is een boulevard met palmbomen. Op het strand jaag ik verschillende soorten meeuwen weg. We zien de Channel Islands, een natuurpark, liggen met boorplatformen ervoor haha. We stoppen aan het goedkoopste tankstation. Het is hopelijk de laatste keer tanken. Meneer is een mechanieker. Ik vraag hoeveel Jimmy hier waard zou zijn. Hij zegt 1500 dollar. Oef. Hopelijk lukt het ons. Ik rijd verder langs de 101. De zon gaat onder. Ik zoek naar een slaapplaats op doodlopende private roads langs de zee. We komen verder op een lang stuk vlak naast de oceaan. Er staat een eindeloze rij RV's. Ik stop tussen twee en ga vragen. Ze blijven allebei niet: "no parking 21-6 o'clock". Jaja, het kan toch niet dat iedereen nog zal weggaan? We slapen er toch. We maken nog noodles klaar.

    02/09: Ik kan niet goed slapen. De golven en de freeway maken teveel lawaai. De schermen op de voorruit die we voor het eerst gebruiken helpen er niet tegen. Ik heb wat negatieve gedachten over de USA. Ik zeg ze iets te luid. Judith wordt er wakker van. Er klopt iemand op de ruit. Een zat mens dat ons bang maakt “You will go to jail if the cops come here.” Ze vraagt een lift tot het einde van de straat. Haar vriend passeert in een auto. Ze gaat mee met hem maar komt later terug aankloppen. Ze heeft weer ruzie gemaakt. We zullen maar voeren. We zijn nu toch wakker en mogen hier niet staan. Blijkbaar moet ze veel verder, naar Fillmore. Dat stadje ligt niet op de weg. Ik ventileer negatieve ervaringen over de USA. Het mens babbelt erdoorheen en blijft herhalen dat we ons voorlicht moeten herstellen. “Cops are jerks.” Als we haar afzetten op een parking bij haar auto en werk geeft ze ons 60 dollar. Dat kunnen we niet aanvaarden maar ze blijft maar aandringen. Goed kunnen we dan eten mee kopen tijdens onze laatste week in dit gekkenland. We vertrekken en ik rijd in het donker op kronkelweggetje tot vlak voor Moorpark. We slapen er een paar uur naast een boom op een stuk naast de weg. Er staan rijen citroenbomen rond ons. Veel vliegen als we opstaan.

    Kommentare

  • 03Sep 2017

    36 Los Angeles 03.09.2017 USA —

    Los Angeles, USA

    Beschreibung

    We rijden door langs de Santa Monica hills naar Malibu. Het is er iets properder maar het stelt echt niet zoveel voor. Om toegang te krijgen tot een bar op het strand, Paradise Cove, moeten we 35 dollar parking betalen. Yeah right! We zetten Jimmy iets verder. We wandelen langs het strand. Ik wil eens zwemmen maar de stroming is ferm, te krachtige golven. Ik durf uiteindelijk toch. Het is een ferme inspanning om er terug uit te geraken. We kuisen het zand af aan de kofferbak. Ik rijd een stuk verder naar Bluffs Park. Het is verzorgd. Judith kan eindelijk naar een WC. We rijden langs de kust. Het is overal minimum 20 dollar om te parkeren. Zot! Het wordt ferm drukker. Er rijden fietsen tussen het verkeer, gevaarlijk. We slaan af aan Santa Monica Pier. Ik vraag aan een kotje dat dienst doet als Visitor Center of er ook ergens een plaats is om te parkeren zonder te betalen. "Nope!" is het antwoord. We laten snel een foto nemen en gaan weer door. Het ziet er ferm lelijk uit. Precies de pier van Blankenberge². We rijden langs Venice Beach. We stoppen in een straat waar er een plakkaat staat “No parking 7:30 – 9:30 am”. Er staan nog auto's. We nemen een kijkje links en rechts aan het strand. We vinden aan beide kanten douches. We gaan terug om kleren en shampoo en gaan naar links. Het is een lang strand met palmbomen en een fietspad erachter. Hier en daar zijn er volleybalnetten. Als we terug bij de auto komen hangt er een parkeerboete aan de ruitenwisser. 93 dollar. Yeah right! Judith vraagt aan mensen in een tuintje. Ze leggen uit dat je niet mag staan aan een rode stoeprand. Het is redelijk afgebladerd en dat wisten we ook niet. Het is geel in Europa. Ach ja dat is een boete die nooit betaald zal worden of heel misschien door het Arctic Hostel in Anchorage haha. We rijden via de Marina del Rey en een omweg op de Manchester Avenue waar we kort stoppen aan een Starbucks voor wifi. Er leeft een koppel in armoede aan de zijkant van het gebouw. Ze maken ruzie om eten op een versleten matras. We rijden verder langs de LAX luchthaven tot Torrance. We stoppen aan de Walmart. Dat is lang geleden. Er is geen versafdeling en we zien security rijden, niet leuk! Ik update Cargurus en Cars.com en antwoord op mails. We eten colesla. We dachten dat er patatten zouden inzitten maar is deze keer niet zo. Scherpe smaak. We eten erna veel ijs. Het is duidelijk een achterbuurt. Er lopen allerlei soorten volk! We voelen ons nooit echt onveilig. Ik check mails. Niks! Zenuwachtig. We proberen te slapen.

    03/09: Ik kom twee keer wakker door de warmte en muggen. Niet te doen! We zetten ons aan de zijkant op bankjes. Walmart is gesloten. Een heel team ruimt de parking op. Judith vindt het precies een festival haha. We rijden een straat verder maar overal zijn er de bekende plakkaten “no parking”. We zetten ons op de parking van de Starbucks, op een plaats waar er voordien volgepropte oude RV stond. Hoe is die weggeraakt? We zien geen plakkaten. Ik word nog één keer wakker omdat er een Chevrolet sportbak toertjes rond ons reed. Als we wakker zijn rijden we weg. Ik volg de 101 en 405 naar het noorden. We rijden langs de wolkenkrabbers van Downtown. We rijden af aan Hollywood. Het verkeer viel mee op deze zondagmorgen. We parkeren in Hobard Boulevard, een straat met villa's en palmbomen. Judith vraagt aan twee voorbijgangers of we er mogen staan. Ja hoor. We wandelen naar Griffith Park. We rusten op stenen aan een parking en eten mariakoekjes. We klimmen erna verder naar het Observatory. Er zijn WC's en waterkraantjes. Binnen is er welgekomen airco. Er staan plakkaten met uitleg over astronomie. We blijven even. Achter het gebouw is er een balkon met mooi zicht op de gigantische stad. 10 miljoen inwoners. Het Hollywood sign is er ook zichtbaar. We wandelen naar Mount Hollywood via Dantes View. We passeren gelukkig een waterkraantje onderweg. In de verte zien we bosbranden. We hadden al een helikopter zien overvliegen. We blijven niet lang op de top. Het is veel te warm! We nemen een kortere route naar beneden. Het is zeer steil, gaan traag. We wandelen terug naar de auto en eten conserven op het gras ernaast. We wandelen erna naar de Walk of Fame, Hollywood Boulevard. Als we nog maar pas aan de sterren zijn haalt er een weirdo ons in onder een stelling en begint raar te doen. Hij beweegt z'n mond zonder dat er lawaai uitkomt. Hij kan er niet tegen dat we een andere taal spreken. Hij zegt: “Can you make something happen for me?” Ik bied water aan. Dat had ik beter niet gedaan. Het is een vieze kerel. We gaan er niet meer van drinken. We herkennen niet veel namen van de sterren. Als we er herkennen, liggen er meestal een paar samen. We krijgen chocolade in de Disneywinkel. Judith gaat in het terugkeren nog eens binnen en krijgt nog een latje haha. Er staat een lange rij aan Madame Toussaut. De straat doet enorm denken aan The Strip in Las Vegas. Er worden veel kaartjes uitgedeeld, dan vooral van bus tours om huizen van beroemde mensen te gaan spotten. We wandelen het hele eind terug. Het is een slordige, vuile straat. We rijden in Griffith Park en ik was me aan een WC. We rijden via de 101, de 107, de 5 en de 118 naar de Walmart van Porter Ranch. We gaan er om pizza. We kunnen hier waarschijnlijk niet slapen ook al is het een groen bolletje op de Walmart lijst. We zien security rondrijden. Ik had de sleutel laten liggen op een bankje. Er zit een gast naast. Hij lacht eens. We vragen of we zijn Amerikaans telefoonnummer voor Craigslist kunnen gebruiken. Hij toont ons een App die random Amerikaanse nummers creëert. Dit zou de oplossing kunnen zijn. Hij vraagt of we hem naar de trein kunnen brengen. Hij heeft water gekocht om te verkopen. Het is een dakloze. Er is politie aan het station. We blijven er niet. Ik zie op de terugweg een park, Mason Park. De meneer die we gevoerd hadden had erover verteld. Mason was een cult-massa moordenaar. We wandelen een ommetoer naar Starbucks voor wifi. Het lukt niet met een fake Amerikaans nummer. Craigslist wil geen bericht sturen ernaar. Dju! We gaan terug naar de auto. Judith gaat naar de WC in een winkel. Ik vind er in het park. We wassen zweet van ons aan een kraantje. Hopelijk hebben we morgen wat meeval.

    04/09: Het is een beetje bewolkt en afgekoeld. We rijden op de parking aan de toiletten. We wassen de auto. Ik ga over de vuilste plekken en het dak. Judith komt achter en werkt het perfect af. Ze heeft veel meer geduld. Jimmy blinkt. Ik haal de matras en alle spullen eruit. Ik smijt de topper in de vuilbak. Die heeft toch wat vuiligheid tegengehouden. Ik kuis de binnenkant af. Judith krijgt de kruimels er zelfs uit met enkel een natte doek, geen stofzuiger nodig. Fantastisch. Ik klop de matjes uit en vul water bij. We steken alle spullen er terug in. Teamwork. Jimmy straalt. We rijden naar de Walmart. We eten donuts op een bankje aan de ingang. Ik spreek enkele mensen aan. Eerst een onvriendelijke die ijs zit te schrokken. Dan een oude dame uit Oeganda. Ze is zeer vriendelijk maar heeft geen telefoon. Tenslotte een oudere mevrouw die op een taxi zit te wachten. Ze bleef maar babbelen, Ze is een Trump aanhanger. Ze vertelt dat we Jezus moeten accepteren in ons hart of dat we naar de hel zullen gaan... Judith ging haar horloge zoeken in het WC die ze kwijt was. Niet gevonden. Ze laat koffie achter. Judith spreekt een meisje aan die werkt in de Walmart. Olga, ze is oorspronkelijk van Belarus. Ze helpt ons met haar GSM. Yes! We kunnen Craigslist updaten. We rijden naar de Burger King. Ik speel spelletjes om credits te krijgen zodat we kunnen bellen naar onze oma's morgen. Ik vind “Wanted” lijst op Craigslist. Yes, we kunnen mensen contacteren die op zoek zijn naar een auto in de regio. We werken goed samen. Judith haar kladblok op de tablet is handig! Ik bel, sms en mail naar mensen. We drinken veel en eten twee hamburgers. Plots contacteert Olga Judith op Instagram. Ze wil komen kijken naar de auto met haar stiefpa. Het is een vriendelijke Iraniër. Hij doet een toertje rond de blok. Hij is bezorgd over het lampje “Service Engine Soon”. Ik toon het bericht van Guido waarin staat dat het enkel van de computer komt. Hij toont zijn auto, een Isuzu. Hij is er zeer trots op. Judith babbelt ondertussen met Olga. We rijden erna terug naar Mason Park. Ik vraag aan 5 gasten of ik mag mee voetballen. Het is Ok. Er zijn er een paar van Mexico. Ze spreken Spaans en Engels. Ik smijt hier en daar een paar Spaanse woorden tussen. We stoppen als het donker wordt. Ik heb me geamuseerd! Judith heeft ondertussen gegeten en gebeld met haar mama. Er kwam een gast vragen of ze brood moest hebben. Hij sloot het gesprek af met “Jezus loves you.” Judith antwoordde “Thank you.” haha. Ik eet mac & cheese. We wassen ons aan een kraantje. Ik voel me op het gemak om te slapen op het plein dat genoemd is naar de moordenaar.

    05/09: We wandelen naar de WC. Judith vergat dat haar GSM in haar zak zit van de pull die ze vasthoudt. Hij kletst op de stoep. Het scherm is kapot. De touch is onbruikbaar. We komen gek!!! We gaan naar de Walmart. Er zijn wat problemen maar het lukt om TextMeUp op de tablet te krijgen en we hebben de credits nog oef! Judith gaat om brood, worstjes en yoghurt. We bellen eens naar onze oma's. Het doet deugd. We gaan naar een elektronica winkel. Ze doen geen herstellingen. We moeten naar Northridge Mall. Ze hebben er niks op voorraad voor Sony. Ze delen beneden free food samples uit! We gaan terug en stoppen in de McDo. Er zijn geen laders of wifi. Er zijn is wel wifi buiten aan de Walmart voor hun carts. De tablet laadt traag op. We werken minder snel dan gisteren. Het vlot niet. Mensen aanspreken is ook moeilijk. Veel ouderen komen op het bankje naast ons zitten. We spreken Spaans tegen een meneer en een mevrouw van El Salvador. We eten pizza en ijsjes. We worden wanhopig. Ik pas de prijs aan naar 1250 dollar. We krijgen niks concreet. Judith spreekt nog meisje aan als het donker wordt. Ze is geïnteresseerd. Ze zal haar pa vragen om geld en ook haar vrienden op de hoogte stellen. We rijden naar Mason Park. We wandelen naar de McDo. Judith vult haar bekertje nog twee keer, de sugar addict. Er is een printerwinkeltje ernaast.

    06/09: We gaan naar het printerwinkeltje om 8 uur. Het zou moeten open zijn, maar er is niemand. Ik ga het kantoor ernaast binnen. Ik kan de documenten voor de vlucht, de auto en het hostel afdrukken. Vriendelijke meneer. We gaan terug naar de Walmart. Een student die geïnteresseerd is kan pas 's avonds komen. We spreken wanhopig mensen aan. Er is nog een jonge gast die een auto probeert te verkopen. Het Walmart personeel is zeer vriendelijk. Melvin, Bryana, Paul allemaal zeer enthousiaste, zwarte mensen die ofwel Jimmy zelf willen kopen of vragen aan vrienden. Maar er komt niks concreets van. Een meneer zegt ga naar Shermanway, een straat waar auto's staan die privaat te koop zijn. We zien niet echt iets. We gaan naar een dealer op de hoek. Hij wil maar 300 dollar geven of zelf niet. We gaan naar de straat en noteren alle nummers die op de papiertjes op de auto's liggen. Er kunnen mechaniekers tussen zitten die misschien willen kopen. Olga, het meisje die ons geholpen heeft met Craigslist stuurt een bericht. BBQ? We zeggen Ok. We rijden nog naar Mason Park. Ik spreek er mensen aan. Één marginale familie is geïnteresseerd. De zoon doet een toertje rond het park met Jimmy. Hij belt naar z'n ma. Hij heeft misschien geld. Ik verfris me een beetje en we gaan naar Lassen Street. Er is een poort. Iemand komt naar buiten, gaan binnen. We zoeken huis 154. We vinden het niet. Nummering is onlogisch. Mensen zijn onvriendelijk als we vragen waar het is. Uiteindelijk wandelen we er per ongeluk langs. Olga en vader Tourani staan op de veranda. We geven een fles wijn. Ze zijn dankbaar. Sepehr, de vriend van Olga, komt buiten. Het is een klein ventje. De familie is van Iran. We eten kip en rijst. We mogen Jimmy op de oprit zetten. We slapen daar.

    07/09: We komen maar één keer wakker van een mug. We douchen ons samen. We krijgen een enorm uitgebreid ontbijt. De oudste zoon is terug van zijn nachtdienst in de Walmart. Hij zet vanalles op de tafel en schenkt zelf in. We voelen ons ongemakkelijk. Ze tonen Teheran. We gaan met Sepehr naar een mechanieker die ze kennen. Hij biedt maar 400 dollar. Slik! Een andere mechanieker wil Jimmy zelf niet overnemen. We verlagen de prijs naar 800 dollar op Craiglist. Ze helpen extra blaadjes afdrukken en kleven ze op Jimmy. We parkeren hem op de straat. We krijgen opnieuw lekker eten. We gaan samen met Sepehr om Belgisch, Chinees en Russisch bier. Ze drinken en roken veel. We gaan bowlen. Ik speel goed, veel strikes in de eerste ronde. Sepehr gooit raar en ook één keer te vroeg voor Judith. Ze gooit erna voor hem. Het was leuk. Ze willen voor alles betalen. We rijden langs Topango Canyon naar de oceaan. We krijgen prachtig zicht op de verlichte vallei van Los Angeles. Ze stoppen aan een Japans restaurant Yoshinawa. We zijn verwend geweest vandaag. Niet normaal!

    08/09: We slapen aan één stuk door op de grond in hun kamer. Er is hoop via App. Er is iemand geïnteresseerd. Ze komt met een taxi. Ze klinkt enorm nerveus. Het is een negerin. Ze is redelijk grof. Ze heeft geld bij. Ze wil het wel niet geven om te tellen nadat ik rond de blok rijd om te tonen dat de auto perfect werkt. Ze wil er zelf mee rijden maar heeft geen rijbewijs bij. We laten haar toch rijden. Sepehr gaat mee. Hij kent de weg. Hij gaat met haar naar de 7 Eleven waar hij een maat heeft. Ze stoppen alle briefjes door een apparaat die test of ze vals zijn. Ze zijn Ok. Z'n maat had zelf even z'n werk stilgelegd. Een klant moest even wachten met tanken haha. We zitten op de stoep. Ik maak de bill of sale op. Het geeft vertrouwen. Ze kalmeert. Ze probeert nog bij Judith om de prijs te laten zakken naar 700 dollar maar het pakt niet, bij mij ook niet. Het is echt een onvriendelijk mens. Ze is niet eens gelukkig met haar koopje. Ze krijgt er zelf de matras bij... Ze roept nog “hey where are the keys?” Ze zaten nog in Jimmy. Ze rijdt de hoek om naar rechts. We zullen Jimmy missen! Snif! We tellen het geld nog eens. Het klopt. We maken onze zakken. We mogen erna de auto gebruiken van de vader, de Isuzu, om naar DMV te gaan. Ongelooflijk! We staan in de rij buiten. DMV Alaska is niet gelinkt aan de lower 48. We moeten een mail sturen naar hen. De rij was grappig georganiseerd. De security wees waar de mensen moesten staan. Op een dag vind je de job van je leven. We gaan erna naar banken. We kunnen nergens geld op onze Europese rekening zetten. Western Union vraagt teveel en het meisje aan kassa wist niet goed hoe het werkte. Ze was enorm nerveus. We halen Proseco. We praten wat met vader Tourani. Hij oogt een wijze man. We eten, spelen kaart en gaan 's avonds met een vriendin van hen naar The Ocean, een bar. Buikdansers en waterpijp. Geen sfeer. We rijden erna terug. We babbelen wat met de moeder. De wekker staat.

    09/09: De moeder steekt het licht aan. Ouch! Ze maakt ontbijt en voert ons. Sepehr en Olga slapen door. We nemen kort afscheid. De moeder voert ons naar de bus. Die stopt aan Terminal 3. We moeten bijbetalen voor bagage omdat we ze niet vooraf ingecheckt hebben. Godver! Dom! De security is grondig. Het gaat traag. We wachten aan gate 141. We hebben veel beenruimte op het vliegtuig van Interjet. Het zit maar halfvol. We slapen. We krijgen koekjes en drinken. We vullen een douaneblad in. We berekenen hoeveel we uitgegeven hebben in Noord-Amerika. Ik schrik even, had eten en benzine dubbel geteld. Het is Ok. Hopelijk heeft Jimmy nog een lang en gelukkig leven! We zullen je missen betrouwbare vriend! Bedankt om ons zo ver te brengen!

    Kommentare