Mahangu Plane deine nächste Reise gemeinsam mit Freunden und verwalte Reisedokumente. Erstelle kostenlosen Reiseblog und lade Fotos und Videos hoch. Fasse die Höhepunkte deiner Reise in einem Film zusammen. Einfachheit die besticht, absolute Privatsphäre und keine Limiten für Fotos oder Videos.

Trip Centroamérica Centroamérica 10.09.2017 - 10.10.2017   Ciudad de México - Costa Rica - Nicaragua - Panama. Pieter Vancaillie (BE) Judith Mahieu (BE)
Costa Rica Mexiko Nicaragua Panama

Centroamérica

Folgen

Ciudad de México - Costa Rica - Nicaragua - Panama.

Means of Transport
Boot Bus / Truck Zu Fuss Flugzeug
  • 09Sep 2017

    1 Ciudad de México 09.09.2017 Mexiko —

    Centro, México D.F., Mexiko

    Beschreibung

    Een reisdagboek van 1 maand in Midden-Amerika. We doorkruisten gedeeltelijk 4 landen.
    We namen 48 bussen over 3000 km. We bezochten 7 parken en bewandelden 2 meerdaagse paden.



    9/09: We landen in Mexico City en raken makkelijk door de douane. Onze zakken komen op de band. We moeten een blaadje tonen met hetzelfde nummer als op de zakken. Het is een goed systeem. We zoeken lockers en vinden er na heen-en weer wandelen. We wisselen dollars in Mexicaanse pesos. Één dollar is ongeveer 17 peso. Daarna nemen we de metro. Na twee keer overstappen komen we in het centrum. Gezellig. We wandelen een marktje in en lopen door lange straten vol kraampjes. Ze verkopen er eten, in de metro ook al. We halen gebakken bananen met twee sausjes, heerlijk! Daarna doen we een toertje, we slaan twee straten rechts in. We eten maïs met straffe kruiden en limoen, maar de tacos van een kraampje zijn nog lekkerder en de rode saus nog straffer. We komen terug bij de metro en vragen de weg aan een politieagent. La Plaza de la Constitution es todo recto. We passeren een kerk, op een pleintje ernaast staan er acrobaten. Ze babbelen teveel, we blijven niet lang. Het plein staat vol witte tenten. Het is ondertussen donker. De gebouwen er rond zijn verlicht. Ze vieren de dag van de onafhankelijkheid van 15 september die komt. We wandelen links rond een plein naar de McDo. Judith gaat naar de WC. We draaien een gezellig straatje in, Calle Regina. Het is een leuke buurt met veel bars. Het doet ons aan Madrid denken. We slaan een iets ruiger stuk in, naar de winkelstraat terug bij het plein. Daarna gaan we een tent in op het plein. Ze verkopen er allerlei eten dat we niet kennen. We proberen iets tussen vlees, deeg of patat met schilfers kaas en saus, ajuin. Mm. Wandelen rond de kerk. Judith verschiet van gillende vrouw en hond. Terug naar metro. We halen er net voor nog eten met onze laatste pesos. Ik haal twee sportdrankjes uit een hoge frigo voor een klein meneertje. Judith lacht. We hebben ons misrekend, 4 pesos te kort, maar het is Ok. Wow, dit kan niet in Europa. De metro is nog ietwat druk, sluit om middernacht. We halen onze bagage en leggen ons aan een oplaadpunt in de luchthaven.

    10/09: We rusten/slapen. Ik vind geen wifi. Rond 5:30 uur worden we langzaam wakker. We gaan naar vueltas internacionales van Interjet. We checken bagage in, geen extra kosten, oef! Daarna rusten we aan gate 20. Het is moeilijk om te rusten, ik geraak niet in slaap op die vervelende stoelen. De gate verandert naar 33. Terwijl we wachten bel ik eens naar Steef. Ze is bij mama. Het doet deugd om iedereen nog eens te zien. Oeps we zijn de laatste op het vliegtuig. We hadden mensen zien aanschuiven. Het is wel heel snel gegaan. Oef, weer veel beenruimte. We krijgen twee kleine zakjes chips en een drankje. Het eerste stuk van de vlucht slapen we. Judith heeft nog honger. We eten onze laatste koekjes.

    Kommentare

  • 10Sep 2017

    2 San José 10.09.2017 Costa Rica —

    Sabana Sur, San José, Costa Rica

    Beschreibung

    We landen in San José en zien vanuit de lucht dat de stad wat verspreid ligt in het groen. Het is bewolkt. We wisselen de helft van onze dollars. De wisselkoers is wat minder, maar Ok. We hebben Colones, de munt van Costa Rica nodig. We gaan vlot door de douane. Ze stelden maar één vraag, hoe lang blijf je? Judith antwoordt “euh, 1 maand ongeveer waarschijnlijk”. Ze lachtte ook, de foto op m’n paspoort is niet meer hoe ik eruit zie. Judith neemt de bagage van de band. We wandelen naar buiten. We worden aangeklampt door een meute taxichauffeurs. Nee, we nemen de bus. We tonen de tablet met de route naar ons hostel aan de buschauffeur. Hij is niet echt vriendelijk. Een andere passagier gelukkig wel. Hij slaat een praatje en vraagt aan de chauffeur om te laten weten wanneer we eraf moeten. Ik help de raampjes sluiten. Hij is dankbaar. We stappen af en slaan de hoek om naar rechts. We stoppen onder een afdakje, want het regent. We zitten aan een parkje, 'Parque La Sabana'. Ok we moeten gewoon langs het park blijven volgen en naar rechts. We passeren een voetbalstadion. Ik merk Bryan Ruiz op op een poster. Het hostel ligt in een doodlopende straat. Een meisje opent de deur en geeft handdoeken. Ze toont de kamer. Oef rust. Judith krijgt honger. We gaan naar de McDo op de hoek van het park. Er zijn geen winkels meer open, het is zondag. We eten lekkere patatjes. Het is hier wel niet meer zo goedkoop als in Mexico. We douchen. Dat doet enorm deugd! We zetten ons nog wat aan tafeltje, oef er is goede wifi.

    11/09: Judith maakt me wakker. We moeten stilaan opstaan of we zijn te laat voor ons ontbijt. We krijgen een bordje brood, kaas, banaan en ei. Het smaakt, maar er is niet zoveel. We wandelen naar het centrum, langs en door het park. Er speelt een fanfare uit het niks. Waarschijnlijk schoolkinderen. Muzikale opvoeding? We wandelen langs de groezelige Avenida 10 en slaan linksaf, we passeren een druk ziekenhuis. Er staat een rij ambulances op straat. We komen in voetgangersstraten. Aangenaam. In Parque Braulio Camillo staat er een grote koepel. We kronkelen door straatjes en halen mini colaatje, redelijk duur. Judith wil een kokosnoot proeven. Het smaakt naar water met een aangelengd smaakje. Er komt een bedelaar. Hij heeft een GSM, ja zeg hallo... We praten tegen mekaar in het Nederlands. Hij gaat weg. We wandelen de trappen op langs een geel gebouw. Enkele straatjes verder is er nog een parkje, Parque Central. Het standbeeld van veldslagen staat in het midden. We wandelen onder een brugje en komen bij een volgend ziekenhuis. Wat een drukte weer. We banen ons een weg terug. Zigzag passeren we o.a. een treinstation en nieuwe kraampjes. We halen stokbrood in een winkel, een zakje patatten, groenten en 2 stukken kip langs de straat en op een marktje. Terwijl Judith in de rij stond voor de kip, vraag ik aan de verkoper die vlees in stukken hakt wat een gemiddeld loon hier is, want ik ben verbaasd over de (hoge) prijzen. Hij denkt zo’n 300 dollar per maand. Unk dan kunnen ze zich echt niet veel permitteren. Halen ze dan eten rechtstreeks bij de boer? Of ergens op straat? Ik zeg dat ik ook zo iets verdien om hem niet ongemakkelijk te laten voelen. We komen via een mooi plein aan een postkantoor terug op de grote baan richting park/ hostel. Er vallen enkele spetters. Judith wast kleren. We betwijfelen of ze zullen drogen. Ik maak eten en stel paar vragen aan de receptie. Er is een gebouw van het ministerie van toerisme in San José. Misschien kunnen zij ons helpen aan een cruiseschip naar Zuid-Amerika. Er is geen malaria in Centraal-Amerika. Oef. Pillen zullen niet nodig zijn. Goed voor onze nieren. We laden foto’s op Facebook. Daarna douchen we en denken we na over de route die we willen volgen en zaken die we willen bezoeken. Misschien eens naar Irazu. We voelen ons wat verloren zonder Jimmy en met minder voorbereiding.

    12/09:We zijn iets later wakker. We krijgen hetzelfde ontbijt als gisteren maar met hesp i.p.v. kaas. Eerst douchen we, daarna wandelen we naar Instituto Costaricense de Turisme. We wandelen langs een baantje dat uitkomt op de Panamericano 1. Oeps. We passeren een winkelcentrum. Dry Clean USA heeft geen aparte droogkasten, dju. We slaan rechtsaf, naar beneden, geen voetpad, veel verkeer, baantje kronkelt weer omhoog. We komen op een druk rondpunt. Aan de overkant ligt het. We krijgen gehoor en worden in het kantoor van een vrouw gevraagd.We krijgen boekjes. Ze zal zien wat ze kan doen. Ik geef mijn e-mailadres door. Het zal waarschijnlijk niks worden. We stoppen op de terugweg aan een winkelcentrum. We halen tandpasta, shampoo en brood. We eten het brood op op een bankje, het heeft kaassmaakje. Daarna keren we terug naar ons hostel. Ik kom een beetje slecht. Judith boekt een huisje voor 2 dagen. De wifi valt plat. We gaan een gaspulletje zoeken om te koken, we steken Parque Sabana over. In het hostel hebben we een paraplu gekregen, vriendelijk. Het is regenseizoen. We steken drukke straat over, geen gas in de winkel. Onze stekker is kapot. We vinden één in winkeltje, maar die is te duur. We gaan de McDo binnen ertegenover en sturen er mails naar de parken van Chirripo en Corcovado. Deze zijn vooraf te reserveren. We nemen een refill (ook al hebben we het gevoel dat dit hier niet meer het gebruik is zoals in Noord-Amerika) en nemen mayonaise mee. We keren terug door het park en zien een mooi stuk met een vijver en houten beelden van dieren die we nog niet gezien hadden. Terug in het hostel maakt Judith eten. We zullen kledij achterlaten in de kast bovenaan. Het is te zwaar om alles mee te nemen. De gewassen kledij is zo goed als droog. We eten, maken onze zakken, douchen en gaan uiteindelijk slapen.

    13/09: We worden wakker omdat een jong Frans koppel waarmee we gisteren gebabbeld hadden, naast ons rare geluiden maakt. OMG, hebben zij geen schaamte? We maken zelf ontbijt en vertrekken zwaar bepakt langs de grapefruitboom. We wandelen een laatste keer door Parque Sabana en een via kerkhof (waar de graven betegeld zijn zoals een badkamer) naar Transportes Tracopa, een busterminal. We halen tickets naar Parque Manuel Antonio en wachten op vastgemaakte tuinstoelen.

    Kommentare

  • 13Sep 2017

    3 Manuel Antonio 13.09.2017 Costa Rica —

    Quepos, Costa Rica

    Beschreibung

    Er is airco in de bus. We rijden uit San Jose in de file. We passeren een peagepost om de 5km. Eens we uit de stad zijn, is er maar één rijstrook. Er rijden soms trucks aan 40km/u. Het landschap wordt zeer groen, dat heb ik nog nooit gezien. We steken een brug over. Aan de linkerkant van de rivier zitten grote krokodillen. Daarna komen we bij het strand Jaco Beach. Er hangen veel reclamepanelen en er staan heel wat verkoopstandjes langs de weg. De bus stopte zelf aan zo’n standje. Even pauze. We rijden voorbij Quepos, een klein, druk stadje. We kronkelen omhoog en omlaag naar Manuel Antonio. Als we uit de bus stappen naast het strand, stapt een dronkaard op ons af. We zoeken ons hotel. We vragen wat rond, maar de mensen weten White Sands, het huisje dat Judith geboekt heeft, niet liggen. Ze zoeken op Google. Het is een eindje terug. We klimmen omhoog, het zwaar met de rugzakken en de vochtigheid. Het zweet druipt van ons. We zien een aapje klauteren over een elektriceitskabel die boven de weg hangt. Uiteindelijk vinden we de oranje muur die we ook op de foto op booking zagen. Een man opent de poort. Hij wil korting geven als we annuleren bij booking. We doen dit en betalen cash. Later zullen we vernemen dat booking toch nog 15% aanrekent. Niet meer doen, dus. We nemen een douche en rusten wat. Daarna nemen we de bus naar Quepos. We nemen even een kijkje aan de dijk/ het strand. Erna gaan we om platanos (een hard soort banaan dat gebakken moet worden), stokbrood, gehakt, patatten, uien, eieren, paprika, cola en melk. We nemen een bus terug. Judith kookt. We mogen de wasmachine en de droogkast gratis gebruiken. De machines staan tegen een ander huisje onder een slecht afdakje. Ze zijn volledig verroest, maar werken nog prima! We wassen en drogen onze kledij. Ik chat met Steef. Er loopt een kakkerlak over ons bed.

    14/09: Ik word wakker door het gekraai van een haan en geblaf van een hond. Ik ben wat neerslachtig, ik mis Jimmy. We douchen, Judith maakt eten. Een broodje ei, patat en platano voor vanmiddag. We maken onze zak en gaan. Zweten! We doen de 3km langs het stijgend en dalend baantje wel sneller dan gisteren, nu zonder zware zakken. Dezelfde dronkaard staat aan het strand. We slaan linksaf aan het einde van de straat, waar de bus ons gisteren afgezet heeft. Een niet opdringerige gids legt ons één en ander uit aan de ingang. We moeten een paar meter terug voor de tickets. Het gebouwtje staat naast de bank, dat geeft een veiliger gevoel. Moesten we geen perezosa (luiaard) zien, dan zal hij ons één tonen. We komen in de jungle terecht. Het geeft een speciaal gevoel. We slaan linksaf en nemen een padje naar een watervalletje. Judith merkt een aapje op in een boom en nog één en nog één. Doodskopaapjes. Ze komen tamelijk dicht. Ik merk een wandelende tak, hij vliegt op m’n short. Ow toch niet wat ik dacht haha. Judith praat met een Limburgs koppel. Ze hebben Parque Corcovado bezocht. Het was heel duur. Ze reizen ook voor lange tijd. Het lijken niet zo’n aangename mensen, ze stoefen, ze hebben altijd het beste gedaan. We blijven er niet zo lang bij. We spotten verschillende dieren, gloedrode krabben, wasberen, een groot knaagdier capibara, hertjes... We komen bij een splitsing. WC’s. We gaan links naar een uitkijkpunt. We stijgen. Twee Basken nemen een foto van ons aan Playa Puerto Escondido. We zien het strand ook van op een ander punt, iets dichter. We rusten telkens op een bankje. Het helpt niet, we blijven zweten. We passeren aan een strand, Playa Gemelas. Er zijn veel kruipende beestjes en leguanen. Op de terugweg is er een bende capucijnaapjes. Één springt tegen één van de Basken. We horen de 3e soort aap brullen in de bomen nadat we terugkomen van een ander uitkijkpunt. Ik zie eentje kort van tak verkruipen. We komen terug bij WC’s op een splitsing. De Basken staan te kijken naar een toekan met een geel-zwarte snavel. Het beestje zit op een tak hoog in een boom. Ooh! Iets verder staan er redelijk wat mensen, een luiaard zit in de boom! We staan er wat naar te kijken. Het is een soort met twee tenen, die normaal ‘s nachts leeft. Hij kruipt traag van tak naar tak, blijft even ondersteboven hangen en doet push-ups haha stoefer. We gaan een paar meter verder en komen bij een prachtig strand. Playa Manuel Antonio. We rusten even uit. Er lopen 2 soorten wasberen over het strand op zoek naar achtergelaten zakken. Ik wil zwemmen, water is goed maar hebben niet zoveel tijd meer voor het park sluit. Steken stukje door naar Playa Espadilla Sur. Mogen niet verder, ranger zegt door stormweer. Stom. We gaan de toren in. Het begint te gieten. We steken alles goed weg en gaan terug naar de ingang. We nemen de bus terug naar ons huisje. We babbelen kort met twee Amerikanen van Colorado, één met een joint in z’n bek, die in de regio raften. We douchen en eten. Er was nog wat kledij. We glibberen naar een ander huisje op gladde tegels en gaan slapen.

    15/09: We worden weer wakker door een kraaiende haan, maar blijven liggen. Ik haal gedroogde kledij en Judith maakt ontbijt. We laten de sleutel op tafel liggen, met de deur dicht, maar niet op slot. We slaan rechtsaf. Voor we aan de bushalte komen, glijdt Judith uit op een schuin stuk weg met mos. Haar been bloedt een beetje en er zit een beetje vuil in de wonde. We wassen wat af. Het is de dag van onafhankelijkheid vandaag. Er loopt een stoet door de straten van Quepos. Vooral de kinderen zijn opgedost in pakjes, ook de kinderen die komen kijken. Ze gaan traag. We staan een halfuurtje te kijken. Er passeren dansers. Een busje met kleuters die verkleed zijn, zwaaien, er zijn een aantal vlaggenzwaaiers met één dirigente, een paar met xylofoon, drummers,... Het busstation is niet bereikbaar. De bussen staan in een straat richting Dominical. Er staat vervelende taxichauffeur. Ik maak me even boos. Hij stopt met zagen. Judith gaat om koekjes. We wachten een uurtje. Ik zie een groene bus. San Isidro. Ja! Hij gaat het hoekje om. We praten er even over met een oud mevrouwtje. Ik babbel ook kort met lifters aan de overkant van de weg. Er is weinig beenruimte. Ik laat een raam open.

    Kommentare

  • 16Sep 2017

    4 Cerro Chirripo 16.09.2017 Costa Rica —

    Copey, Costa Rica

    Beschreibung

    Ik hang wat uit het raam. Groen, groen, groen. We rijden langs rijen kokosnootbomen. Het regent hard. Ik zie felrode en felgele vogels op een elektriciteitsdraad. Judith slaapt/ rust. We eten veel koekjes, tot we niet meer kunnen. We komen op een hobbelige weg naast het strand. We passeren een straat vol surfkraampjes, Dominical. De zon schijnt weer. We rijden een stukje terug en bergen in. Het landschap wordt glooiend, me like. We gaan over een pas. Iets verder zien we San Isidro liggen. Het is toch stad, geen dorp. We stappen uit. We groeten nog een Amerikaan die voor me zat, hij werkt hier al 5 jaar. Ik verstond hem niet goed door de motor van de bus. Aan de kassa van het station zegt iemand dat de bus naar San Gerardo de Rivas achter de hoek ligt. We wachten in de rij voor een winkel van het merk Jerusalem. Er speelt goede muziek, Sean Paul. Judith gaat om pepsi en stokbrood. De bus kronkelt de bergen in op een minibaantje. Hij toetert voor iedere bocht. Het regent pijpenstelen. Het is prachtig groen! We stoppen aan een voetbalpleintje en een kerkje. We wandelen naar beneden. Een man zegt dat we juist het bureau voor Cerro Chirripo gepasseerd zijn. Het is duur, heel duur! Maar we zijn hier nu. We reserveren via jonge gast z’n PC. We halen iets in een winkeltje en wandelen terug naar ons hostel. Ik had een bordje gezien, we kunnen er kamperen. De uitbater is een vriendelijke homo die veel reist. Hij geeft ons wat tips om aan goedkope vluchten te geraken. Ze hebben een afdak voor ons. Judith gebruikt wifi. Ik zet de tent.

    16/09: Het was leuk om nog eens in de tent te slapen. Het was een tijdje geleden. We eten brood en gaan met paspoorten naar een ranger om de hoek. De zon schijnt. Er komt iemand open doen. We krijgen een polsbandje en tickets, we moeten onze naam en andere gegevens in een boek noteren. Ze zijn in orde. We gaan terug naar dezelfde jongen van gisteren. De herberg is ook OK. We gaan door naar het einde van het dorpje. Judith haalt lekkere fruitsap. We kronkelen door mooi versierde tuintjes met loslopende honden. We stijgen tot aan Cloudbridge, een parkje dat een jonge gast in het hostel aangeraden had. We wachten even aan de ingang. Een mevrouwtje zegt dat de toegang gratis is. Judith tekent een register. We gaan door een tuintje en komen bij een mooie waterval. De jungle is zo dik. Overal groeit er mos, op takken, boomstronken, stenen. We klimmen en zien af en toe de heuvels in de mist tussen de bomen. Er vliegen veel vlinders en er zijn groeien verschillende soorten bloemen en fruit. We gaan een brugje over naar links, tot aan een riviertje. We zouden best onze schoenen niet nat maken. Morgen hebben we ze weer nodig. We keren terug en nemen een andere weg vanaf het brugje. We klimmen op de Sendero Quatzales. De Quatzal is een mythische mayavogel. We gaan een stukje terug, maar, het is bijna middag, en het zal regenen. We wandelen nog op een stukje weg naast een rivier. Er is een uitkijkpunt op een waterval. Het begint te regenen. Judith haalt nog eten. Ik ga al terug en zet de tent onder het afdak. We halen pannenkoeken en rijst, veel rijst! Teveel rijst... Een grote pot vol. We laten het meeste achter in de frigo. Judith maakt vrienden, we kunnen misschien blijven slapen. We maken onze zakken, douchen en gaan slapen. We mochten de tent nog op het balkon zetten. José, de vader van het gezin, helpt. De vloer is van beton, keihard.

    17/09: Ik slaap misschien een uurtje op m'n buik. Linkerarm is slap. Geen bloed meer. Ik probeer me te leggen op een bankje naast de tent. Het is te kort. We staan ietsje vroeger op dan het alarm. We leggen alles naast en onder een tafeltje en eten een paar pannenkoeken. We wandelen de straat op. Hier en daar zijn er blaffende honden. We hebben wat licht van lantaarns. Er zijn er geen meer eens we op het wandelpad naar rechts gaan. We blijven stijgen. Het is moeilijk in het donker. Het is springen over grote keien langs diepe plassen. Ik ga eerst en probeer zo goed mogelijk te schijnen voor ons beide. We zien rechts in de verte lichtjes van San Isidro. We passeren een draad. We horen een paard. Als we na 4km aan de grens van Parque Chirripo komen wordt het al licht. Ik heb last van m’n darmen. Ferm last. Ik stap door. Ik haal de 7km waar er hut is net niet. Ik moest kort stoppen aan 6km. Het pad ging teveel naar beneden. Ik ga nog eens naar WC in de hut. Judith haalt in. We eten en rusten een beetje voor we weer verder gaan. Op stukken waar het pad vertrappeld is door paarden is er een stuk naast voorzien met boomstammen. Best. Aan iedere km staat een bord. Tussen 10 en 11 komen we de jungle uit. De vegetatie is korter. Een paar jaar geleden was er hier een grote brand. Dat zien we heel duidelijk iets verder. We rusten op een bankje. Er vliegen kolibries voorbij. Ze zijn te snel om er foto's van te trekken. We zitten met lucht in onze buikjes. Telkens we een scheet laten zeggen we “ah kolibrie” haha. De laatste km tot de hut blijft duren. Ferm stijgen. Het is een lelijke hut, langgerekt. Rechts op de heuvel liggen de Crestones. Rotsen tot 60m. Het symbool van het park. We gaan de hut binnen en zetten ons op een bankje. Een mevrouw toont ons de kamer. We gaan elk een onderste van een stapelbed nemen. Het is nog vroeg. We zijn kapot. We beslissen om niet meer Cerro Ventisqueros te beklimmen maar gewoon een kijkje te nemen aan de Crestones. We moeten ferm stijgen. Het miezert een beetje. De wolken gaan af en toe weg. We komen dichter. De rotsen zijn veel majestueuzer dan van ver! Judith kan niet meer en blijft zitten. Ik volg een pad links en kom achter rotsen uit. Ik beklim ze een stuk. Ik ga niet helemaal naar boven. Te steil en regen. Het regent harder als we terug naar beneden gaan. We slapen drie uurtjes. We hebben een alarm nodig voor morgen. Ik ga er één vragen maar ze hebben er geen. Judith vraagt het nadien ook. De kok zal op onze deur kloppen. Ik was me een beetje met ijskoud water. We slapen samen in een bedje. Vier dekentjes. Lekker warm.

    18/09: De kok klopt. Muchas gracias! We blijven een tijdje liggen. Het is koud als we ons klaarmaken. We eten de laatste pannenkoeken met suiker uit een pot op tafel. We gaan opnieuw het donker in. Ik hou een waterfles vast. Judith gaat eerst met het draailampje. We lopen verkeerd op een smaller pad naar links. Shit. We vinden het juiste pad nog terug. Judith volgt. We komen aan Valle de los Conejos. Het wordt licht. Naar links. Stijgen naar een pas. We denken dat berg rechts ligt maar eens we over de pas komen zien we de Cerro Chirripo, het hoogste punt van Costa Rica, voor ons liggen. Het is een mooie puntige top. Links van ons ligt Lago San Juan. Het plakkaat op onze deur is er een afbeelding van. We komen redelijk snel op de top na een beetje klauteren. Er is een vlag, een bord en een register. We zien Valle de las Morenas. Een vogeltje komt schooien bij Judith wanneer ze wat eet. We genieten van het uitzicht. We gaan terug nadat we een paar foto’s genomen hebben. We zijn terug in de herberg rond 9 uur. We maken zakken en eten nog wat rijst. Tabasco was niet zo’n goed idee, crackers wel. Een restje rijst smijten we weg. We zeggen Adios tegen mevrouw en beginnen aan de afdaling. We komen weer veel gele vogeltjes tegen. We zien een wit, gestreept beest rechts voor ons in de begroeiing. We denken een paard, hadden er gisteren ook gezien die zakken naar beneden droegen. We komen om de hoek maar zien niks. Wat hebben we dan gezien? Een luipaard? Judith wordt moe. Ze valt een paar keer, gelukkig zonder erg. We zompen door en naast de modder. We stoppen aan de eerste herberg en eten brood. We zien het veld waar we in het donker naast geklommen hebben. Er zit effectief een paard en een paar koeien. De zon piept. We komen terug in San Gerardo. Niemand op straat. Het is echt een leuk, rustig dorp. We hadden het park voor ons alleen. Judith gaat opnieuw om fruitsap en chips. We zetten ons even. Het winkeltje heeft veel klanten. Het gras op het voetbalveld wordt afgedaan met een gewone grasmachine. Eens terug aan het hostel haal ik piketten uit de grond. Ik vind één niet terug. Carlos, een andere homo uitbater, die familie is van het gezin die we leerden kennen, is een beetje zat. Hij neemt ons mee naar een bar een paar meter verder. Hij trakteert ons op vier biertjes Imperial. Een Costa Ricaans merk. Hij houdt van Rave muziek en vertelt veel over z’n moeder. We moeten dansen, zingen en vertellen waarom we mekaar graag zien. Er komen jongens binnen. Ze kennen Carlos. Dit is een homobar!? We gaan terug naar het hostel. Ik babbel tegen een Engelsman die de top morgen zal beklimmen. Carlos verdwijnt. We mogen in een kamer slapen voor dezelfde prijs als de tent. Vriendelijk! We wassen ons wat en gaan 'slapen'.

    19/09: Er klopt iemand op onze deur kloppen. We blijven liggen. Even later horen we opnieuw geklop. Ik sta traag op. Te traag. Er is niemand aan de deur. We maken ons klaar. Een gast die José vervangt komt terug van het lopen. Hij opent de keuken en maakt koffie. We wassen nog snel ons haar. De bus is er! We zetten ons naast vooral vrouwen en kinderen. We zien meer dan toen we omlaag kwamen paar dagen geleden. De zon schijnt. De bus stopt in San Isidro aan een ander station. We wandelen een paar blokken door een parkje en langs een kerk. We vinden een bus naar San José in een garageplaats. We wachten een uurtje. Het zijn goede zetels. Ik zit niet aan een raam. Ik maak me een beetje druk. Twee gasten achter ons vragen of we willen wisselen. Ik ga erop in en ontdek snel waarom. Er zitten kinderen achter die massage geven door de zetels haha. Open raam. We stijgen enorm tot de Paso de la Muerte. We komen in de wolken. Judith voelt zich niet zo goed. We wisselen van plaats. De frisse lucht helpt. Cola na een stop helpt nog meer. We hobbelen al kronkelend naar beneden. Het regent een beetje. We komen terug in de drukte van de hoofdstad. We wandelen een lange straat af. We passeren een plein en een straat die we herkennen. We moeten naar de Avenida 13. We vragen de weg aan een buschauffeur, een meisje en een politieagent. We komen bij de Gran Terminal del Caribe.

    Kommentare

  • 20Sep 2017

    5 Guapiles 20.09.2017 Costa Rica —

    Guapiles, Costa Rica

    Beschreibung

    Het is een groene dubbeldekker. We zetten ons vooraan boven, goed zicht. We rijden uit het centrum. We stijgen opnieuw de bergen in van het Cordillero Central. Plots is er file. Er ligt een vrachtwagen in de berm na een botsing. Er staat een truck in panne. Verder staat er een auto in panne. Dan staat er nog een truck in panne. Er zijn geen pechstroken. Alles blijft op het éne rijvak staan en veroorzaakt meer file. We doen er meer dan 2 uur over om 60km ver te geraken. In het station vindt Judith een mevrouwtje die belt naar José en Elbia. Een kwartiertje later staat José aan de ingang naast taxi’s met een pick-up truck. We rijden een paar kilometer tot aan hun huis. Het huis heeft een hoge inkom, 10 meter tot aan het plafond in de living. Alba verzamelt klokken. We gaan eten in het huis ernaast van de oma. Sopa de verdura y carne. We krijgen ook rijst met chili, yucca en limoensap voor onze neus. Lekker! We babbelen. Elbia legt een deken en kussens op de grond. Ik speel schaak met het neefje. Een slimme jongen maar ik win toch. We horen veel lawaai van dieren 's nachts. Er valt een kever met een grote neus op het laken. Het is precies een vogel als hij vliegt. Alle insecten komen binnen via een opening tussen het dak en de muur.

    20/09: José, Elbia en het neefje vertrekken vroeg naar werk en school. Judith belt naar het thuisfront. We gaan douchen. Het is een modern en raar systeem met drie knoppen. We krijgen het water warm. We gaan ontbijten naar oma. Ze blijft maar babbelen. We verstaan niet veel. Ze praat te snel. We krijgen kaas, bonen en rijst, vlees, eieren en fruitsap. We gaan erna terug in het huis. Judith zoekt een vlucht van Panama naar Colombia. De website doet raar. Het lukt niet. We gaan terug naar oma om haar gezelschap te houden. We krijgen opnieuw een bord vol over de middag. Enorm warm. Zweten. We zitten even op schommelstoelen achter het huis dicht bij de rivier. We verkennen erna Guapiles met Melissa. Ze toont ons een parkje, de kerk, het voetbalstadion, de winkelstraat en een kermis/ veemarkt. We eten op de terugweg Caldoza, chips met smaakjes en een sausje. We rusten opnieuw wat bij de oma als we terug zijn. Elbia komt thuis. Ze vertelt over Indigenas, inheemse volkeren. Ze vindt dat ze moeten opgevoed worden. We gaan opnieuw eten. Mm. Oma Nena meende het dus als ze zei dat ‘k te mager ben en dat ze me moet vetmesten. We babbelen nog wat. Douchen. José gaat om een zakje Mamones, soort lychee die we al veel gezien hebben. Judith krijgt een USB adapter van Elbia. Ongelooflijk wat een gastvrijheid!

    21/09: We staan mee op rond 5 uur. We ruimen dekens op. Oma Nena brengt sandwichen en fruitsapjes. José voert Ian, het neefje naar de schoolbus. Hij is stipt op tijd. Hij dropt ons erna aan de bus.

    Kommentare

  • 22Sep 2017

    6 Tortuguero 22.09.2017 Costa Rica —

    Costa Rica

    Beschreibung

    We gaan naar Cariari. We moeten daar twee uur wachten op de volgende bus naar Pavona. Judith gaat om een zak eten. De prijzen in Parque Tortuguero zullen waarschijnlijk hoger zijn. De bus rijdt langs bananenplantages. Veel trossen zijn ingepakt in blauwe zakken. Er begint een kerel in een wit hemd te preken over Jezus en God. We wiebelen over een gravelweg. Na een tijd hebben we het gevoel dat de bus uit mekaar zal schudden. Plots spreekt een dikke mevrouw die voor ons zit ons aan. Ze vraagt naar Judith. Hoe kent ze onze naam? Ze zegt dat het een service is dat inbegrepen is in onze overnachting. Ze zal helpen een bootje te onderhandelen. We zijn op onze hoede. Eens we toekomen in Pavona gaan we mee naar haar kantoortje. Ze probeert ons reserveringen voor gidsen aan te smeren.. Dit zal niet lukken duh. De bootsman vraagt 6 dollar. Ok, we geven gelijkaardig bedrag in Colones. Het is een bootje met een afdak en twee rijen stoeltjes. Er komt één aan. Het Vlaams koppel van in Manuel Antonio stapt af. Ze hebben weer de beste gids gehad, de beste rondleiding, man toch. Omdat ze babbelen stappen we als laatste op. Er is maar één plaats meer. Ik krijg een plank die ze tussenin leggen en een reddingsvest om op te zitten. We zien vogels langs de kant en kleintjes vlak over het water scheuren. Gele vlinders vliegen mee met de boot. Felgroene leguanen zitten in de zon. Het is redelijk droog. Er drijven flesjes die vastgemaakt zijn om te vermijden. Ze duiden stukken aan waar de rivier zeer laag staat. We komen uit de smalle vaargeul in het bredere Canal de Tortuguero. De boot stopt. De bootsman wisselt van propeller aan de kant. We gaan een pak sneller. De motor valt plots stil. Probleem? De bootsman lost het op in twee minuten. We varen aan. Er staat één te wachten met plakkaat “Judith”. Het is weer van een boekingsbureau maar ze brengen ons tenminste naar Casa Natural, het appartementje dat Judith geboekt had. De dochter van de eigenares werkt aan de overkant in een bar. We rusten paar minuten en gaan naar het strand. De Caraïbische zee. In de verre verte ligt thuis! We wandelen naar rechts. Er wijst één van twee lesbische meisjes naar me. Ze hebben een klein, pas ontpopt schildpadje gespot! Hij snelt zich een weg naar de zee. We beschermen hem van de rondcirkelende vogels. Hij valt van een stukje verhoogd zand en een golf kletst tegen hem in. We zien hem nog kort. Hij zwemt een paar meter in zee en weg is hij. Dit maakt onze dag! We wandelen verder tot aan een karkas van een grote schildpad. Luguber. We gaan tot nest 54. De nummers van de nesten staan aangeduid in witte verf op de stammen van palmbomen. We slaan een wegje naast het plakkaat van het Nationaal Park in. Een smal, felgroen slangetje glibbert voor m’n voeten. Er komt een gids. We zijn net op tijd weg. We mogen normaal enkel op dat stuk strand als we toegang zouden betaald hebben. We wandelen door de pueblo. Het is niet meer dan een straat van één kilometer. Een schooltje, een mini kerkje, een winkeltje. De straat eindigt aan de ingang van het park. We gaan terug naar onze kamer. We eten een zak rare cornflakes en pasta met straffe saus. Er kruipen gekko’s in de keuken op een snijplank. We vallen vroeg in slaap.

    22/09: We zijn vroeg wakker. Ontbijt zijn cornflakes op bed. We steken alles wat we nodig hebben in de ocean bag en gaan naar de ingang van het park. We gaan terug naar de dorpsstraat op zoek naar een kajak. Het is redelijk duur. We kunnen niet afdingen als we teruggaan. Het is de beste manier om het park te zien. Het meeste ligt aan het water en sommige stromen mogen er geen gemotoriseerde boten in. We zijn hier nu. We geven toe. We nemen eens elk één kajak apart. Een kleurrijke vogel komt op m’n arm zitten als we registreren. We peddelen naar links en komen in het vaarwater van het park. We varen rechts langs de rand van een eilandje. Het is snikheet. We komen een grote leguaan tegen rechts in de struiken. We gaan erna naar links. Er zijn drie vaarwegen. De onderste is toegankelijk voor iedereen. De bovenste twee enkel voor kajaks. We willen ze allemaal zien. De onderste eerst. Die is smal. Slechts 10 meter tussen beide oevers. We hebben zo goed als altijd schaduw. Voor we er ingaan zien we links apen in de bomen. Ze zijn moeilijk te filmen. Ze zitten hoog blaadjes te knabbelen tussen de takken. We passeren een motorbootje in tegengestelde richting. De gids vraagt of we bier hebben in de koelbox haha. We zien hier en daar een reptiel wegspurten op het water. Er scheren vogels vlak over de kanaaltjes. Ze trekken beetje op ijsvogels. Er vliegen veel vlinders in allerlei kleuren. De bijzonderste is een grote die bovenaan blauw en onderaan zwart is. We gaan niet al te ver in deze geul. We zien allerlei vogels, een soort aalscholvers, rode vogeltjes met gele bek die eigenaardig vliegen, een kraanvogel. We moeten door wat planten om in bovenste vaargeulen te geraken. Er zit een schildpad te zonnen naast een tak die op het water uitkomt. We kunnen er heel dicht naast varen. Hij blijft zitten. Varen en filmen is niet gemakkelijk. Deze middelste geul is smaller en minder begroeid. We zitten meer in de zon. Op een gegeven moment kunnen we niet verder. Het is te begroeid. We zouden vast komen te zitten. We gaan terug. We vinden de derde geul. We hadden hem eerst niet gezien. We moeten onder en naast takken. Er ligt een stam te dobberen. We geraken er net over, spurtje ervoor en boenk erover. Verder loopt het dood in takken. Terug. We komen uiteindelijk terug op de Rio Tortuguero. Het laatste stuk is tegen wind. Het is ferm peddelen. We geven de kajak terug. We kunnen water bijvullen. We wandelen terug langs het pad. Een grote spin in z'n web groet ons. Moeilijk te fotograferen! We horen en zien een zwarte aapsoort. Ik ga iets dichter, weg van het pad. Hij kijkt me aan, maakt rare geluidjes en begint te pissen. Zijn territorium! We gaan verder. Judith spot een andere aapsoort met een oranje vacht. We klimmen hoger in de bomen. We horen papegaaien overvliegen. Ze zijn te herkennen aan hun staart. We komen aan een strand waar we gisteren waren. We gaan terug. Het park is echt niet groot op het land. We zien een knaagdier dat we in Manuel Antonio ook gezien hadden, een capibara. We bedenken ons. We gaan langs het pad achter het strand, de Sendero Jaguar. We denken niet dat we er één zullen tegenkomen. We gaan over naar het strand. Het is misschien overdreven maar we zullen proberen naar de monding van Rio Tortuguero te wandelen. We passeren opnieuw het dorp links. We gaan tot de Laguna Lodge. Er staan veel mensen op het strand. Schildpadjes! We zien de laatste drie van het nest in de zee verdwijnen. Het is een kleinere soort dan gisteren. Hun huid was iets donkerder grijs. Het wordt al schemerdonker. We wandelen terug. Het is pikkedonker als we van het strand richting de lichtjes van de straat wandelen. We draaien aan het schooltje. We zijn blootvoets. Het eerste wat we doen als we aan het appartementje komen is een douche nemen. Judith gaat om groenten voor bij de rijst. Er klopt iemand. Judith gaat betalen voor de kamer. We krijgen wifi. Ik ruim wat op. Judith boekt een vlucht van Panama naar Bogota op 10 oktober.

    23/09: We eten de rest cornflakes met melk. Ik ga een kijkje nemen aan de boten. Er vertrekt één om 8:30 uur. Ik lig wat op bed terwijl Judith haar zak maakt. We laten de sleutel op de deur. In het straatje staat dezelfde bootsman als in het doorgaan op ons te wachten. Ok waarom ook niet. We zitten vooraan alleen in z’n boot. Hij vertrekt ook om 8:30 uur. Het wordt een privérit. Hij haalt één persoon links aan oever op. Hij zet zich achter ons. We gaan veel sneller dan in het doorgaan. De boot ligt veel hoger in het water. De bootsman krijgt telefoon. Hij zou terug moeten naar Tortuguero om andere mensen op te halen maar hij vaart gelukkig door. Als we aankomen zegt hij dat we nog niet betaald hebben. Judith toont de tickets die hij ons gegeven had. Slecht geprobeerd! Hij wou z’n verlies een beetje aan ons doorrekenen. We wachten een halfuurtje op een bus in Pavona. Ik kijk kort naar Real – Valencia. De buschauffeur vertrekt niet. Hij wacht op een boot. Het is een jonge gast met een pet met felle kleuren. Uiteindelijk is er één persoon die meekomt met bus uit de boot haha. Daarvoor hebben we meer dan een uur gewacht! We schudden weer op de bus. Vlotte verbinding van Cariari naar Guapiles. Judith gaat er om eten. We hebben rugzakken op onze schoot en sukkelden wat in slaap. Op de volgende bus naar Puerto Viejo de Sarapiqui is er nog minder plaats. We staan aan de achteruitgang tot de chauffeur ergens zegt dat dit niet mag. We staan in de gang tot een mevrouw met haar kind voor ons uitstapt. Vlotte verbinding van Puerto Viejo naar Muelle de San Carlos. Het regent. Het landschap is groener. Het is snel donker.

    Kommentare

  • 24Sep 2017

    7 Arenal 24.09.2017 Costa Rica —

    La Fortuna, Costa Rica

    Beschreibung

    Het is een comfortabele bus. We zien rechts in de verte Arenal liggen. De meneer links van ons wijst trots naar de Dos Pinos fabriek en het voetbalstadion. We nemen nog een bus naar La Fortuna. We zitten links achteraan. We komen in het stadje rond 20 uur. Judith gaat naar de winkel. Ondertussen komt een meneer naar me toe. Hij zegt dat we kunnen kamperen 200 meter verder bij Cabinas Jerry. We passeren een gebouw waar een religieuze ceremonie bezig is. Het lijkt op een duiveluitdrijving. Ik wil filmen maar durf niet. Jerry zit voetbal te kijken. Hij is niet echt behulpzaam. We zetten de tent en douchen in een ander gebouw. We storen hem nog eens om toegang te krijgen tot de keuken en de wifi. We eten en kruipen in de tent. Welverdiende rust na een boot en vijf bussen vandaag.

    24/09: We zijn vroeg wakker. Het is vuil rond de tent. Er ligt stinkend afval. Esther belt ons. Vulkaan Arenal is zichtbaar vanaf de tuin. We ruimen alles op en betalen. Judith bakt brood in het vuil keukentje. We gaan naar de bus. We worden aangesproken door een meneer die op een ander park werkt. We kiezen toch voor het officieel park. Het is 2 km vanaf waar de bus ons achterlaat. We steken duimen omhoog. De eerste auto stopt meteen. Het is een Israëlisch koppel dat een jaar in Panama werkt. Ze rijden met een luxueuze huurauto. We worden afgezet aan de ingang van het Parque Arenal. We mogen onze zakken laten staan in het kotje van de ranger. We gaan drie padjes af. Één met hoog rietgras en dichte jungle. Één waar we uitkomen op lavastenen met zicht op Arenal die half in de mist ligt. En de laatste langs een boom met een speciale stam onderaan. Een Ceiba. We denken dat hij breder is dan een Sequoia. We wandelen erna naar het meer. Duim omhoog en meteen weer raak. We gaan echter de verkeerde kant op! Oeps! Best dat 'k het snel doorhad. Ze brengen ons het stukje terug. Duim omhoog en kort erna weer raak. Het is een auto met een laag chassis. Een gezin van drie. De weg is in slechte staat. Ik hoor stenen tegen de onderkant ketsen en botsen. We komen aan een modern gebouw. Erachter ligt een wandelpad met uitzichtpunten tot aan het meer. Er zijn zeer propere WC’s. We komen op het einde van het pad. Prachtig zicht! Wat een plaats. We blijven er een tijd. Judith babbelt met een mevrouw van een gezin. Ze zegt dat Costa Rica goed voor z’n natuur zorgt. Dit vindt de overheid en de bevolking een prioriteit. Het land heeft als enigste in de wereld geen leger. Op de terugweg kruipen we op de uitkijktoren waar we onder gegaan waren. We zien een wasbeer aan de andere toiletten. We wandelen 2 km naar het vorig stuk van het park. Enkel een kleine Jeep met honden stopt om ons mee te nemen. Het is Ok. We zien het einde van de straat al. Ik verfris me en vul water bij. We babbelen kort met de ranger die onze zakken bijhield en gaan door. Nu stoppen er geen auto’s. Pas als we bijna terug zijn aan de splitsing stopt een auto met twee vrouwen van Lausanne. Ze zetten ons af aan een kruispunt. Meteen duim en tjakaa. Een jong koppel van San Diego stopt. Ze hebben juist een gezin vluchtelingen gevoerd. Ze hebben niks beters te doen zeggen ze. Ze voeren ons helemaal naar het centraal park van La Fortuna. Al een eind voorbij hun hotel. Wat een vriendelijkheid weeral. We hebben meteen een bus naar Moelle San Carlos. We sukkelen wat in slaap. We staan in de terminal in de rij maar dat is niet nodig. De bus naar Los Chiles is opnieuw aan de chauffeur te betalen. Ik vind nog een WC achter de hoek. We rijden de stad uit. Mooi zicht op een groen, glooiend landschap. We komen in de mist. Het wordt snel donker. In Los Chiles zijn er 3 à 4 die ons bang maken door hysterisch op de bus te kloppen. "Parada final! Parada final!" We praten er niet mee en gaan rustig een winkeltje aan de overkant van de straat binnen om onze laatste Colones te besteden. Het wordt uitgebaat door een Chinees gezin. Ze spreken geen Spaans. We gaan mee met één in een klein autootje. We betalen veel voor een krothotel. Een vuil kamertje zonder raam, koude vieze douche en een WC. Geen wifi. We wandelen rond het pleintje. Een kermis. Er is niets om bang voor te zijn. We douchen. Ik leg tent nog open in het kamertje om te drogen.

    25/09: We blijven even liggen. We eten koekjes. We gaan terug naar de bushalte. Het is al warm. We moeten een uurtje wachten op een bus naar de grens.

    Fotos & Videos

    Kommentare

  • 26Sep 2017

    8 Juigalpa 26.09.2017 Nicaragua —

    Juigalpa, Nicaragua

    Beschreibung

    We moeten uitstappen. We vullen blaadje in en staan in een rij. Als het aan ons is zegt de douanier dat we taksen moeten betalen. Allez dat is ook de eerste keer. We gaan naar het loket en staan terug in de rij. Judith gaat al. Ik help een boer z’n formulier invullen. Hij kan niet lezen en schrijven. Het is Ok nu. We krijgen een stempel. Ik vul water. Het was om te stikken. Het dak zijn golfplaten. We wandelen naar een houten hokje. Er zit een flik van Nicaragua. In het douanegebouw vernemen we dat we nog taksen moeten betalen. Er is welgekomen airco. Ze zijn strikt en stellen veel vragen aan Judith. We moeten een adres hebben waar we zullen verblijven. Ze halen een kaartje aan een hok die toerisme stimuleert. Het is Ok. We hebben veel papiertjes bij. We passeren nog een flik en kunnen een busje in dat ons naar het eerste stadje brengt, San Carlos. Een gast in het busje wil ons een SIM kaart en water verkopen. Een goeie commerçant. We worden tegengehouden door militairen. Ze halen een paar mensen uit het busje om te controleren. De huisjes langs de weg zijn krotjes. Kinderen zijn in schooluniform. Blauw en wit, zoals de vlag. De weg is slecht. San Carlos is een chaos. We stoppen aan een marktje. We wandelen in een straatje. Het vlees hangt op straat. We gaan een eetplaats binnen waar we kunnen zitten. We eten goed: kip, rijst, bonen en pasta met kaas. Twee liter cola. Rafael vertelt wat over z’n land. Het is groter dan Costa Rica. Telt 6 miljoen inwoners. Het is een dictatuur. Er zijn geen vrije verkiezingen. Wel lekker eten. We gaan terug naar de bushalte. Het stadje voor Managua heet Juigalpa. Er komen drie gasten op ons af. Ze duwen ons achteraan op een trapje in een kleurrijke oude Amerikaanse bus. Ze trekken de zakken van onze rug. Haha wat is dat hier. Een meneer wil geld wisselen. Onze Dollars voor Cordoba. We zijn nog niet goed mee. We zeggen dat het niet klopt. Hij neemt en geeft terug en gaat boos weg. Onze fout. Het klopte wel. De bus stopt hier en daar. Jonge gasten klauteren op en af om bagage op het dak te leggen. Zware zakken, grote tonnen. Ze leggen er een zeil over als het begint te regenen. Dezelfde gast staat cake met kaas en ananas te verkopen. Ze gaan als een trein, meteen alles verkocht. De chauffeur legt plaatselijke schlagers op. Het staat tamelijk luid. Andere jonge gast die ticketjes verkoopt zingt mee. Hij wisselt ook Cordoba voor ons. Ze nemen kort een pauze om te eten. BBQ in een krot. Ik pis ernaast in een houten hok. Het landschap is uitgestrekter en minder bergachtig dan in Costa Rica. We kunnen verder kijken. Er zijn minder inwoners per km². Minder huizen. We wandelen door Juigalpa. We vinden na een paar keer vragen een geschikte kamer. Douchen. Wifi. We wandelen nog eens door de hoofdstraat. Het is al donker. We eten hamburger, hotdog en frietjes in restaurantje in een zijstraat. We gaan terug naar de kamer. Ik update map en stuur foto's door. Het is al laat.

    26/09: Judith is al een tijdje wakker. Ik geraak moeilijk wakker. Ze forceert me een beetje. Douchen. Zak op onze rug en weg zijn we. We gaan naar de supermarkt. Maxi Pali. Is onderdeel van de Walmart keten. Het is te zien aan de plastieken zakjes. Er is geen geld in de automaat. We eten zo goed als alles op aan de bushalte. Brood met kaas en suiker, yoghurt, fruitsap, worstjes. We wachten lang. Zeker een uur. Er komt geen bus. Aan de overkant werken er op sletsen in de bouw. Als we ongeduldig worden zijn er mensen naast ons die zeggen dat er veel bussen een straat verder achter de markt vertrekken. We gaan naar daar. We hebben meteen één. We stonden dus op de verkeerde plaats. Het is een Europese bus. De zakken zitten in een zijkant. Weer een propper. Een oud mevrouwtje geraakt er bijna niet op. Er bengelen nog drie gasten aan het trapje achteraan als de bus al rijdt haha! We passeren armtierige krotjes. Waste wordt er met de hand gedaan, opgehangen boven de varkens. Veel mensen te paard. Mannen hangen in hangmatjes voor hun krotje. Niks te doen. Ik zit veel met m’n hoofd buiten maar moet opletten, voor me smijten andere busreizigers vuilnis en resten van eten door het raam. Het ligt vol langs de kant van de weg! Geen opvoeding... Schoolkinderen nemen gratis de bus. Er zitten twee jongetjes te vechten achter me. Ik draai me. “Puede dejarlo, gracias.” Ze zeggen niks meer en ik voel niks meer in m’n rug. Braaf.

    Kommentare

  • 27Sep 2017

    9 Managua 27.09.2017 Nicaragua —

    Barrio Pablo Ubeda, Managua, Nicaragua

    Beschreibung

    Het groene landschap verandert als we de stad binnenkomen. Spijtig. Managua lijkt één zootje ongeregelde chaos. Vuile krothuisjes langs de kant van de weg. We passeren Aeropuerto Sandino. Het lijkt zeer klein. Het busstation is een aanslag op de zintuigen. Ik vraag aan een jonge gast of hij kan tonen op een map op de tablet waar we zijn. Hij kan het niet vinden. Er is wifi in een park. We vinden het park maar een meneer zegt dat de wifi momenteel defect is. Ok. We wandelen. Judith haalt geld af aan de Maxi Pali. Vriendelijke security. We willen bus nemen maar ze stoppen niet. Het is niet zoals op het platteland, daar stoppen ze overal waar er mensen langs de kant teken doen. Taxi’s daarentegen stoppen constant of tuuten of flashen met hun lichten. Nee! Een mevrouw legt uit. Neem de 120. Judith krijgt 10’tjes in wisselgeld. Wat een drukte. We worden platgedrukt. Mevrouw vraagt waar we naartoe moeten. De bus rijdt niet meteen juist. We stappen over op de 102. Het is met een kaartje. Een rijke mevrouw in jaguarpakje betaalt met haar kaartje voor ons. Naast haar staat een clochard. Hij wil m’n schoenen kuisen met een stuk van z’n mouw. Niet doen man. Wat een contrast! Een jonge gast zegt waar we moeten uitstappen voor Barrio Bolonia. GPS op tablet werkt. Yes, we zitten juist. Het is maar 5 minuten wandelen. Gevonden. Een mevrouw doet open aan Homestay Bolonia. Ze toont een kamer. Koffie, water, babbelen wat. Ze heeft 6 kinderen. Ze is beduidend trots op haar land en dictator. Ze toont waar we morgen kunnen gaan. Ik denk in kamer dat we oplader kwijt zijn. Vermoeid. Ik rust wat nadat ‘k het teruggevonden heb. Judith steekt waste in en gaat naar een winkeltje. Ik kan niet slapen. Ik kijk op de camera. Het is al 19 uur. Mevrouw vindt het raar dat Judith nog niet terug is. We gaan op zoek met haar auto. Ik vraag aan security van de supermarkt. Niemand gezien. Op de hoek van de straat, ook niet! Ik roep Judith haar naam. Ze staat voor de deur als we terug zijn. Godverdomme! Ze was verkeerd gelopen. We waren blijkbaar allebei helemaal in paniek. Een ambassadeur had haar geholpen de weg terug te vinden. We bekomen terwijl we de waste ophangen en eten maken. Een Toña biertje. Judith uploadt foto’s op Facebook.

    27/09: Ik voel me slecht als ik rechtsta. Diarree! Ik voel me ziek en leg me terug op bed. Ik probeer daar wat te eten. Judith haalt pilletjes voor me. Ik blijf liggen tot 9 uur. We waggelen straat op met een grote fles. Langs het Plaza de España rondpunt gaan we naar links. We zien links van ons Laguna de Tiscopa liggen. Precies de Sint-Pieters plas. De schaduw van het Sandino standbeeld zichtbaar boven het meer. We gaan langs militairen. Ik vraag aan één waar rotonde Hugo Chavez is. We komen erbij. Het is een plakkaat, geen standbeeld. Moh. We steken een rondpunt over om foto te trekken. We gaan erna straat af naar Lago Xolotlan. We passeren het Palacio Nacional en een oude kathedraal die gestut moet worden. Ernaast op het plein staat Casa del Pueble, de ambtswoning van dictator president Daniel Ortega, een grote vlag van het land en een tuin met gedenktekens voor de sandinisten. We komen aan de Malecon. Er staan veel gekleurde boomplakkaten. Er staat een groot standbeeld van paus Johannes Paulus II op het einde van een parking aan de overkant. Er wandelen weer politie en militairen. Waarom? Er is hier niemand! Er ligt veel vuilnis langs het meer. We gaan links langs een museum van dezelfde paus. We komen bij Puerto Salvador Allende, een oud president van Chili. We moeten een kleinigheid betalen om de zone binnen te mogen. Er zijn verzorgde wandelpaadjes, gekleurde bankjes, terrasjes. Dit is aangelegd voor de rijken of de toeristen. Het is niet de echte stad, die hebben we gisteren gezien vanop de bus. Ik blijf liggen onder een stro hutje. Kapot. M'n maag en darmen trekken samen. Slap. We gaan terug via de achterkant van de kathedraal. We kijken in het Velasquez park even naar een partij Futsal. Die in rode t-shirts zijn beter. We stijgen langs een straat. Ik vraag aan een militair waar de Mirador de Tiscopa ligt. Hij wijst richting een restaurant aan andere kant van het meertje. We krijgen onderweg in airco Dollar Shop. Gaan mall in. Moeten terug langs militairen omhoog. Toegang. Komen er! Sandino z’n standbeeld. Is er niet verzorgd. Hebben mooi uitzicht op de stad en Lago Xolotlan. We gaan in een oud paleis dat op instorten staat. Er is een tentoonstelling over Sandino. Het meisje aan de ingang geeft wat uitleg en vertelt waar we de bus kunnen nemen naar Leon. We gaan terug naar het rondpunt Plaza de España. McDonalds. We bekomen even. Ik kijk Champions League. PSG heeft ingekocht en maakt Bayern af. We gaan in een winkel op zoek naar een SD kaart. We nemen geen beslissing. We gaan rap weg naar het huisje en dan toch terug naar de winkel. We hangen de waste op, douchen, maken eten en zetten foto’s over. Ik voel me niet echt beter.

    28/09: We zijn wakker om 6 uur. We worden gevoerd naar het busstation door mevrouw van het hostel. Ze zet eerst haar dochter af aan school. We nemen een klein busje naar Leon. We wachten om te vertrekken tot het vol zit. Airco. We zien Lago Xolotlan en Managua kleiner worden. Van deze kant gezien is het een groene stad.

    Kommentare

  • 29Sep 2017

    10 Volcan Telica 29.09.2017 Nicaragua —

    Nicaragua

    Beschreibung

    We komen na 2 uur in Leon. Smalle straatjes. We komen aan een druk busstation. We kruipen opnieuw in een mooi versierde Amerikaanse bus. Ik leg de zakken op het dak. Ik krijg het benauwd. Er is te weinig zuurstof. Ik hou m'n hoofd buiten tot de bus vertrekt. Ze droppen ons in San Jacinto. Het is een klein dorp. We vinden een supermarktje en een plaats waar we kledij kunnen achterlaten op een bed. We vertrekken. We passeren al meteen kookpotjes en gassen. We gaan door akkers, langs een boerenpad. We komen veel boeren te paard en kar tegen. Sommige helpen ons. Er staan gele pijlen. We lopen twee keer verkeerd. We moeten naar het westen. We gaan een heuvel over. We kunnen beide kanten van het land zien. We komen in de jungle. Het miezert als we gids en Zwitser tegenkomen die al op terugweg zijn. We stijgen. Het begint te stortgieten! We zetten de tent op de grond naast bomen. We smijten de zakken erin. Fout! Het is nat… We wachten in een vuil modderboeltje tot de regen mindert. We ruimen op en gaan verder. Het pad is in een riviertje veranderd. We zijn kletsnat. Ik doe m'n hemd af. We verliezen Judith haar pet. Het is een ferme uitdaging. We hebben het nog nooit zo verneukt. We hadden de tent niet mogen opzetten. Het is bijna donker. We passeren een deftig open strohuis, tenten, hangmatten. Gefinancierd door Europese Unie staat er op een plakkaat. Judith vraagt aan een boertje of we er mogen blijven. Nee, is betalend. D’oh. We volgen een pad verder maar het klopt niet. We dalen. We kruisen een brommer. Jonge gast zegt dat we terug moeten. We vertrouwen het eerste pad niet, is te smal. Ik vloek. Volcan de mierda! Tweede pad loopt dood tegen een stekkerdraad. Ik vind dan een pad ernaast. Dit is het! Er staat een koe in de weg die opzij gaat. We stijgen tot op een heuvel. We zien licht links beneden. Er roept iemand naar ons. We gaan verder tot de rand van Volcan Telica. Wow! Lava!! En geen klein beetje. Precies Lord of the Rings. De gast die zat te roepen naar ons komt af. Hij gaat terug en komt opnieuw met z’n vriendin mee. Hun tent stond op plaats waar nu een meertje is die ontstaan is door de stortvloed. We babbelen. Het is een Oostenrijks koppel. Ze komen van Zuid-Amerika. Ze vertellen dat de overgang van Colombia naar Ecuador niet gevaarlijk is. Dat is een opluchting. De krater ploft af en toe. Machtig. Als we te koud krijgen gaan we terug. We vinden een grasplaats langs het pad. We zetten de tent en vallen in slaap.

    29/09: We worden wakker door stemmen. Best. De zon komt juist op. Ik ren de heuvel op. Judith blijft liggen. Prachtig uitzicht. We gaan erna samen naar krater. Overal gassen. Sulfur pakt op de adem. De Oostenrijkers zijn er al. We nemen foto’s en blijven een tijdje. We gaan erna terug en kuisen de tent af. Er staan veel bubbels op Judith haar benen. We eten het laatste brood voor we dalen. Het pad is dat niet. We zijn verbaasd over wat we weer in het donker gedaan hebben. We kruisen veel dieren: paarden, koeien, veel verschillende soorten vlinders en twee honden die ons volgen. Het duurt even voor we bij de velden zijn. Het boerenpad duurt ook een tijd. Als we terug in San Jacinto zijn begint het te stortregenen. We zitten juist onze zakken te maken binnen. Oef! Judith haalt ijsjes. We wachten op de bus. Er rijdt één voorbij die vol zit. We nemen de volgende. Muziek staat keihard. Op TV tonen ze muziekclipjes uit jaren 80. We kopen artisanale chips en maïskoeken. Mm. We stappen opnieuw af aan het druk busstation. Het Oostenrijks koppel zat vooraan in de bus. Ze stappen ook uit. We spreken hen aan en delen een taxi. Hun hostel, Poca à Poca heeft enkel een privékamer. Het is sjiek en duur. We wandelen richting de kathedraal. Enkel de voorkant is vernieuwd. Gezellig pleintje. We vinden een hostel in een straat links, Hostal Centro. De douche is een buis vlak naast de WC. Simpel maar er stroomt water. We wandelen in de buurt van kathedraal. Veel smalle straatjes. Links naast de façade is er niets. We gaan terug naar het centraal plein. Er is een feest aan de gang. Veel volk. Lawaai. Stierenkostuums. We gaan winkel binnen op de hoek. We vinden niks. Te klein. We wandelen de andere kant op langs kraampjes. We komen terug aan de Iglesia de la Merced en het hostel. Judith gaat naar WC. Ik blijf op een bankje in een tegenoverliggend parkje zitten. We gaan erna naar een comidor in een straat met kraampje. De prijs is te hoog, klopt niet maar hebben goed gegeten. Ik vraag in een straat aan een meneer die in het deurgat staat van een kapperssalon hoeveel het is om haar te laten knippen. Zo leggen ze me er niet op. Een jonge gast scheert wat haar van m’n kop. Het is proper en snel gedaan. Judith voegt hem toe op Facebook haha. We komen erna bij een kerk met een mooie gele façade, Iglesia de la Recoleccion. We gaan erna naar een grotere winkel. We droppen alles in de frigo in het hostel en gaan op een bankje zitten op het centraal plein. Gezellige sfeer. Stortregen. We schuilen in de kathedraal. Er is juist een mis aan de gang. Mensen houden hier hun handen omhoog i.p.v. ze te kruisen tijdens het gebed. We krijgen een foldertje van een meisje dat verkleed is in een engeltje. We kopen een maïskolf aan een kraampje op de hoek naast de kathedraal en praten wat met verkopers. Nicaragua is blijkbaar het tweede armste land in Centraal Amerika na Haïti. Één van de verkopers wil in Amerika gaan werken. Het is al donker. We rusten in de kamer.

    30/09: We zijn vroeg wakker door ontploffingen van bommetjes in de straat. Ze blijven aanhouden. Doet de politie hier niks? Ik ga dan maar douchen in de WC. Judith maakt ontbijt terwijl ik zakken klaarmaak. Een andere gast geeft de sleutel van de frigo aan ons. Die was op slot. We kunnen nu aan de sapjes en de hesp. We nemen nog een drankje. We zien rechts in de straat een kerk die we gisteren niet gezien hebben. We komen aan een drukke markt. We vinden opnieuw klein collectivo busje. Het is sneller vol dan de vorige keer. We slapen wat. Het busje stopt opnieuw op dezelfde plaats in Managua. We kunnen op een nieuwe collectivo stappen die meteen vertrekt.

    Kommentare

  • 30Sep 2017

    11 Granada 30.09.2017 Nicaragua —

    Granada, Nicaragua

    Beschreibung

    Een meneer naast Judith zegt ons waar we eruit moeten om Volcan Masaya te zien. Een pick-up brengt ons naar een museum. We kijken een halfuurtje rond. Het steekt nog goed in mekaar. Er zijn maquettes van de vulkaanketen. We worden erna naar de San Fernando krater gebracht. Het gat is dieper dan Volcan Telica. We zien lava en het is overdag nu. Nice. We mogen wel nergens rondwandelen en krijgen amper 5 minuten. Dit is te kort! Het is een mindere ervaring dan Telica. We zijn al terug uit het park om 10 uur. We nemen een grote bus die ons afzet in Granada. We wandelen drie blokken en zien een blauwe witte kerk. Mooi afgewerkt. We denken dat dit de kathedraal en het centrum is. Het is toch niet zo zegt een meneer. Het centrum is nog vier blokken de andere kant uit. We passeren nog een kerk en mooi plein voor we aan Parque Central en de kathedraal komen. We halen de tablet uit. Het hostel is twee straten verder. We worden zeer goed ontvangen in El Arco de Noe. We krijgen een betere kamer, drinkbaar water en later een gratis gidsbeurt. Een douche en we verkennen de stad verder. We krijgen een mapje. Eerst naar kiosk El Gordito op de hoek van het park. We proeven een typisch gerechtje dat yucca bevat. We wandelen erna Calle Calzada af. Dit is een zeer toeristische boulevard. Terrasjes, winkeltjes, bomen. We gaan tot Lago de Nicaragua. Er komt één vragen of we geen toer willen doen naar eilandjes. Hoeft niet. We zullen nog zien. We wandelen een kort stukje aan de dijk. Ik ga er kort met m'n voeten in het water. Het is redelijk warm. We moeten terug. Judith moet naar de WC. Er is een baseballpartij bezig onderweg. We zetten ons even in het hostel. De eigenaar komt vragen of we de gidsbeurt nu al willen. Hij vraagt het ook aan andere mensen. Het duurt even. We gaan in z’n auto de buurt rond. Hij vertelt over het ontstaan van Nicaragua en Granada, de Italiaanse invloeden in de stad, over het kortstondige zelfverklaarde presidentschap van William Walker, de eilandjes die ontstaan zijn door de ontploffing van Volcan Mombacho en de plannen om kanalen aan te leggen aan beide kanten van het meer om te concurreren met het Panama kanaal. Het pleintje waar we voorbij wandelden als we toekwamen in Granada was blijkbaar de oudste plaats van de stad. Er zijn ruïnes die er al waren voor de kolonisatie. Het is zeer leerrijk, geeft ons een beter inzicht. We wandelen erna naar de Iglesia de Merced. Dju de uitkijktoren is gesloten. We gaan naar de Pali om pasta en terug langs een stinkend marktje. We babbelen wat met het Zwitsers koppel uit Lausanne. Ze zaten ook in de auto tijdens de rondleiding. Ze reizen ook al meer dan 8 maanden. Het is de tweede keer dat ze zo’n reis ondernemen. We eten en wandelen samen naar Parque Central. Frans is moeilijk na al dat Spaans. We rusten in de sofa van de kamer voor we ons in bed leggen en slapen.

    01/10: Vroeg wakker om foto’s over te zetten. We zijn een paar filmpjes kwijt van de laatste dagen. Dju toch. We horen weer knallen op straat. Broodje, ei en rijst als ontbijt. We praten nog tegen Carlos, de eigenaar van Arca de Noe. Hij vroeg of we nog een nacht willen blijven. Judith had bruutweg gezegd dat we al iets anders gereserveerd hebben. Ik zei dat we een goede recensie op Facebook zullen schrijven. Het was dik in orde. We hebben gewoon geen tijd. We gaan naar de kerktoren. Hij is nog niet open. De garçon van het café aan overkant zegt dat hij open gaat rond 10 uur. We nemen tijd om zakken te maken en te douchen. We gaan erna gepakt terug naar de toren. De poort is nog steeds dicht maar het slot hangt er los aan. Ik foefel het open en we gaan naar boven. De stad en de eilandjes zijn goed zichtbaar naast de grote klokken. Volcan Mombacho ligt in de wolken. Als we terug naar beneden gaan sluit er één de poort alweer. We hebben geluk gehad. We passeren de Pali en gaan om koekjes. Stortregen. We banen ons een weg door een druk marktje tot bij bussen. We schuilen in een Amerikaanse schoolbus die naar Rivas zal gaan. We proeven tortilla met kaas en ajuin. Er praat een jonge gast tegen ons. Hij zegt dat er geen bussen zijn op zondag. We nemen een veel te dure taxi en voor ons rijdt er natuurlijk een bus…

    Kommentare

  • 02Oct 2017

    12 Isla Ometepe 02.10.2017 Nicaragua —

    Moyogalpa, Nicaragua

    Beschreibung

    We halen net de ferry naar Isla Ometepe. Ik moet even ventileren. Ik praat tegen één op de boot, een Aziaat, die ook een taxi genomen had. “Welcome Gringo” is z’n antwoord haha. Als we van de ferry stappen reageer ik fel tegen de wachtende taxichauffeurs op de kade. No! Ze verschieten haha. Dat deed deugd. Ik heb even geen vertrouwen meer in mensen. We halen eten en vinden het huisje dat we gereserveerd hadden. La Casa de Doña Jacque. Ik douch me. Judith maakt eten klaar. Een koppel uit Gent komt in de keuken. Ze reizen ook voor een jaar. Ze komen van Patagonië. We delen ervaringen. Ze zijn bestolen in Cariari. Een zak met dure camera en GoPro zijn onopgemerkt van tussen hun benen gegrist op de bus. Om slecht van te komen. Als het donker is gaan we naar optredens kijken op een grasplein in Moyogalpa. Ze zijn georganiseerd door de dictator/ populistische president Ortega. We horen veel folklore muziek. Er is een leuke sfeer.

    02/10: Judith maakt ontbijt. Ik ga naar twee huisjes naast ons. Ze hebben een brommer te huur. We gaan ontbijten en gaan terug. Luis is z’n naam. We maken een contract en geven waarborg. Het ziet er simpel uit om te rijden. Ik probeer eens op straat. Het draaien is moeilijker dan gedacht. Ik rijd de berm in haha. Het is Ok, gewoon traag rijden. Judith haalt onze rijbewijzen. Ze probeert ook eens. We vertrekken. Ik zit achterop. Het doet raar, onveilig gevoel, geen controle. We passeren de start van de wandeling naar Volcan Concepcion juist voorbij het dorpje met dezelfde naam. We rijden tot het eind van verharde wegen. Judith probeert op de zand-gravelwegen. Het lukt. Gewoon de grote stenen ontwijken is de opdracht. We gaan wel een pak trager. We komen op een kruispunt. Links en rechts zijn er slechte banen. Hmm. We vragen de weg aan een motorrijder die passeert. We moeten terug. Het was naar rechts naar Altagracia. Ik neem over. Het wegje blijft even erg. We passeren koeien, paarden, varkens, kippen, honden. Niks wijkt uit. Judith haalt cola in een winkeltje. We denken dat we in het dorpje kom. Onderweg lag de top van Concepcion even niet in de wolken. We draaien rechts langs een kerkhof. De graven zijn hier kleurrijker dan in Costa Rica. Een meneer zegt dat dit effectief Altagracia is. We komen snel bij een splitsing. Ik ga links naar beneden. Verder gaat de weg opnieuw naar boven. We zien Volcan Maderas en het kleinere schiereilandje liggen. We passeren Santo Domingo. Toeristisch, vlak aan het meer. We denken constant dat het de zee is. We stoppen eens aan het meer. Ik zweet. Het water is warm. Ik ga er eens in. Niet te lang. Kleren weer aan en verder. We rijden tot aan Balgües. Judith rijdt nog een stukje verder maar de weg werd te erg. We gaan terug. Een gids trekt een foto van ons. Het regent veel als we aan Santa Cruz komen. We schuilen er in een lege kerk. Ik rijd een padje in naar een oude aanlegplaats. Er staat nog één boot. Een jonge visser trekt een foto van ons. Ik rijd het bos in tot aan een privéstrand. We gaan er niet in. We passeren een landingsbaan voor we terug in Moyogalpa zijn. We halen wat om te knabbelen in Pali: worstjes en chips. We zetten ons op een bankje in het park. Een hond komt schooien. Hij krijgt een stukje worst. Het is nog veel te vroeg om te stoppen. We rijden terug en stoppen aan Mirador Jesus Maria. We wandelen tot het uiterste puntje. Zand zompt in m'n schoenen. We rijden tot bijna Santa Cruz maar zien dat er nog maar één streepje in de tank zit. We kunnen de zuidkant van het klein schiereilandje niet meer verkennen. Het is ook een slecht pad normaal maar toch, we wilden het eens proberen. We rijden terug en stoppen nog kort aan Santo Domingo voor een paar foto’s langs het water. Ik rijd Charco Verde nog in. We wandelen nog eens tot aan het water. We stoppen aan de Pali en halen vleesgehakt. We zijn 6 jaar samen vandaag. Het mag eens haha! Ik rijd nog tot aan het begin van Concepcion pad. Het zal waarschijnlijk lang duren om er naartoe te wandelen morgen. Als ik stop bij het huisje krijgen we de brommer niet meer aan. Gas is op. Ik wandel naar Luis en rijd met hem mee naar tankstation. Hij vult een fles. Het is wat wiebelen met de brommer. Hij start na paar keer proberen. Ik rijd alleen terug en tank vol. Hij had waarborg al terug gegeven, kon zo betalen. Judith maakt eten klaar. Keel doet pijn. Dafalgan en slapen. We worden wakker in de nacht door de wekker. Ik voel me te ziek om al te vertrekken. We horen het gieten en blijven liggen.

    03/10: Judith maakt ontbijt. We maken ons klaar erna. We wandelen naar links. Er passeert een bus. We kunnen mee tot Concepcion. We worden aangesproken als we een hokje passeren. We kunnen niet klimmen zonder gids. Lap. Er staat een jonge gast. Hij is gids. We kunnen mee met hem en drie meisjes. Ze stappen goed door. Eerste 45 minuten zijn vals plat. We passeren boeren die aan het ploegen zijn met koeien. Erachter loopt één te zaaien. Tijd heeft hier stil gestaan. We komen verder vijf vlinders tegen van een soort die we dood in San José op straat hadden gezien. We stijgen langs trappen en passeren howler monkeys en capucijnaapjes. Er is een andere gids die uitleg geeft in vloeiend Engels. Hij legt uit dat er twee bullsharks in het meer zitten, vroeger veel meer maar Japanners hebben er op gejaagd. Hij vertelt dat bomen hun giftige stoffen vermeerderen als apen teveel blaadjes eten. Zo moeten de apen veel afstand afleggen om te kunnen blijven knabbelen. Een Duits meisje uit onze groep wil deze gids horen en is ontevreden dat onze gids geen Engels kan. Franklin heet hij. We praten met hem. Hij is nog maar 17 jaar. Hij gidst al sinds z’n 14e. Hij gaat als een speer naar boven. Hij zegt dat we de wolken voor moeten zijn als we iets willen zien. We vertalen de paar zaken die hij zegt naar het Engels. We komen aan een mirador als we boven de boomgrens komen. Rusten. Het wordt pittiger erna. Veel los lavagesteente. We klimmen snel. Franklin zijn zak valt en stopt met rollen 20 meter lager. Hij toont ons fumarolen. De plaats is warm aan de grond. We steken vlak voor de krater nog drie mensen voorbij met een gids die Franklin z’n vriendin afgepakt heeft. We zijn de eerste vandaag. Vuistje! We kunnen de krater nog mooi zien. We mogen niet te lang blijven. Er komen grote wespen op de sulfur af. Ze worden er agressiever door. Het dalen is een pak lastiger. Het begint te miezeren nog voor de mirador. We lopen achteraan. Ze wachten op ons. Ik doe de KW aan, voor m’n keel. We wandelen ook achteraan in de jungle. De zon komt terug piepen. We zien de capucijnaapjes zonnen op de takken. We dalen achter een Ierse. Ze reist ook voor een jaar. Ze is al door Afrika gegaan met een truck en Nepal/India. Judith valt met haar rug op een steen vlak voor het plat wordt. Ouch. Het is gelukkig een platte steen. We wachten aan de bushalte. Ik babbel wat met Franklin. Ik stel voor om te liften. Hacer Raid! Er stopt camionette die achteraan gevuld is met bananen. Haha, we kunnen mee. We zeggen gedag en springen eruit aan de Pali. We gaan om water. Het regent als we terug wandelen naar het hostel. Douche. Soep. Pasta. Victoria biertje en Dafalgan. Judith ligt naar Ellen Degeneres te kijken.

    04/10: We worden wakker gemaakt om 5 uur i.p.v. 6 uur. De tablet staat een uur voor. Judith warmt de rest van de tortilla. We eten het op met de hesp. We maken zakken. We nemen een douche en gaan. Het is 5:45 uur. We wandelen goed door en halen de ferry van 6 uur. Er rijdt een camion op. We gaan naar het bovendek. De ferry vertrekt meteen. We krijgen zwemvesten. We rusten tegen mekaar tijdens het uurtje dat de boot overvaart. We zien de bus staan naar Rivas als we aanmeren. We stappen te laat af omdat camions eerst moeten wegrijden. We zijn kort tegen taxichauffeurs. Er zegt één dat we uur zullen moeten wachten op een bus. Yeah right. We zitten misschien 10 minuten op een bankje als de volgende bus stopt.

    Kommentare

  • 05Oct 2017

    13 San Juan del Sur 05.10.2017 Nicaragua —

    San Juan del Sur, Nicaragua

    Beschreibung

    Aan de markt in Rivas vinden we een bus naar San Juan del Sur. We moeten apart betalen voor de zakken. Dat is ook de eerste keer. Een Spanjaard die ook op de bus zit heeft het ook zitten. Als we afgezet worden gaan we naar een parkje voor een kerk. Wifi. Sunset Guest House, hostel dat Judith gereserveerd had ligt twee straten verder. We droppen de zakken in het armtierig kamertje en gaan naar Mirador de Cristo de Misericordia. We gaan rechts op het strand. Veel bootjes. We doen onze schoenen uit en steken een riviertje over. Terug de straat op. Links, rechts en stijgen! Ferm! Vlak voor het standbeeld moeten we betalen. Er is een WC. We schuilen onder een klein afdakje onder het standbeeld. Een Spaans koppel neemt een foto van ons. We blijven er even. Er staat uitleg over andere Christusbeelden over de wereld in de ruimte eronder. We dalen. Het regent een beetje. Het is vloed als we terug aan het strand komen. Water stroomt in rivier. Ik geraak over maar vergeten dat er geld in m'n linker zak zat. Het is te diep voor Judith. Ze neemt een veerbootje. Geld en kaarten drogen. We gaan naar de Pali die buiten het centrum ligt. We eten sandwichen met kaas en bananen. Oef! We rusten in het hostel. Het regent enorm. Als het even stopt gaan we links op zoek naar het fort van William Walker. Het duurt tijdje voor we casino’tje en wegje erna naar links vinden. We passeren vuile kroten met varkens en afval. Stijgen. Flipflops aan gedaan. Ik wou schoenen niet meer vuil maken. Het is moeilijk, glij weg. We komen na een eind aan een vuurtoren. We hadden mooi uitzicht op de kustlijn. Judith klimt een padje op. Ze verkent links, ik rechts. Het loopt dood. Er is teveel groen. We vinden nog een weggetje naar links maar dat draait via landbouwgrond terug naar het origineel pad. Mensen die hout aan het kappen zijn zeggen dat we juist zaten op het padje. Het fort is volledig overgroeit met planten. Het regent als we terug dalen. We schuilen. Voetbal van hoog niveau op het strand. Douche. Pasta maken en babbelen met Spanjaard die ook op de bus zat. Hij is van Toledo. Hij heeft een ander kamertje gekregen. Hij heeft gewisseld omdat het in het vorige binnen regende.

    05/10: De wekker gaat vroeg. Het giet water! Elektriciteit werkt niet. Draailampje komt weer van pas. Het heeft binnen geregend in onze kamer. Judith haar slaapzak is nat. We gaan naar buiten. De straten staan blank! Sommige zijn ferme rivieren geworden. We gaan naar het einde van de straat rechts. Kletsnatte schoenen. Het is meerdere decimeters diep en we zien geen voetpaden. Judith denkt dat er één rechts is. Ik stap eropaf. Plons naar beneden. Het is een open riool/kanaaltje! Als ik terug op de straat ben haal ik meteen de kodak boven. Die zat nog in m’n zak in een plastiek zakje. Shit! Judith steekt hem in de ocean bag. Bushokje is volledig onder gelopen. Er zit een dakloze op het bankje. We gaan de hoek om. Op weg naar de Pali is er een hokje. Bus komt na een paar minuten. Judith test de kodak. Hij werkt nog oef!! Het zakje had het goed beschermd. We eten brood met worstjes. Bus moet opletten. Er liggen omgevallen bomen op de weg. We stappen uit aan La Virgen. We wachten er onder een hokje. Er staat één z’n schoenen uit te wringen. Ik doe hem na. Op de bus naar Peñas Blancas, de grens, zit er één die zogezegd voor de douane werkt. Hij toont badge. We krijgen formulier om in te vullen. We stappen af en wisselen Cordoba in Colones. We zien geen winkeltje dus Ok. Gast van op de bus wil papiertje zien die we kregen toen we Nicaragua binnen kwamen. Zeg nee, hier niet, zullen kletsnat worden. We wandelen naar het douanegebouw. Hij volgt niet. Lap. Fraudeur. We zijn weeral belogen. Hij kon waarschijnlijk iets verdienen aan dat papiertje. We tonen de paspoorten. Douanier zegt “Costa Rica heeft grenzen gesloten, code rood.” Fuck! We wachten in de ruimte ernaast. Ik zit me op te jagen. Het duurt uren. Storm Nate heeft lelijk huisgehouden. Er zijn tientallen doden, overstromingen, grondverzakkingen, gesloten wegen, gesloopte huizen… Het zal niet meer lukken om Volcan Baru, het hoogste punt van Panama, te beklimmen. Ik ga naar de grens. Migratie van Costa Rica zou document kunnen opmaken voor verzekering maar ik mag niet door zonder stempel.. We denken eraan om te vliegen vanaf Managua want normaal zal de grens 48u gesloten blijven. Het is echter veel te duur! We wachten en drogen. Judith krijgt pan dulce van een mevrouw uit El Salvador. Ze praat ook met een mevrouw uit Honduras. Ik geef haar de kaart van Costa Rica. Er roept een douanier dat we doorkunnen. Ow opruimen. We moeten in dollars betalen en ze hebben geen wisselgeld. Wat een corruptie weer. Vaarwel Nicaragua!

    Kommentare

  • 07Oct 2017

    14 Huracán Nate 07.10.2017 Costa Rica —

    Sixaola, Costa Rica

    Beschreibung

    Opnieuw geen enkel probleem bij de douane van Costa Rica. We zien geen bussen. We delen een auto met Mexicaans koppel, Alejandra en Daniel. De chauffeur rijdt langs werkers die bomen ruimen en elektriciteitskabels stutten. We worden afgezet aan het busstation van Liberia. Twee mensen zeggen ons dat er geen bussen zijn naar San José. We nemen meteen bus naar Puntarenas. We zien net als in Nicaragua vanmorgen velden die blank staan, rivieren die buiten hun oevers treden, huizen die ondergelopen zijn. Het wordt donker. Bus doet er uur langer over door de file. Als we uitstappen onderhandelen we met de buschauffeur in het hotel. We gaan eens goed eten in een fastfood kiprestaurant. Voor onze bestelling klaar is ga ik nog op zoek naar goedkoper hotelletje maar de buurt wordt echt te vuil. Open riolen, louche types, plakkaat van hostel dat wijst naar een smal vuil steegje.. Laat maar. Vier stukken i.p.v. acht maar ze zijn lekker en buik is gevuld. Op TV zien we wat een catastrofe de orkaan aangericht heeft. We geven de rest Fanta aan een meneer die kwam babbelen en eten zocht in de vuilbak. Hij ruimt plateau’s op. We gaan naar kamertje. Het trekt weer op niet veel. Koude douche, iets laten weten aan familie en slapen.

    06/10: De kamer stinkt. Ik heb last van m'n darmen. We gaan snel door naar het busstation. Er zijn geen bussen… Ik zoek een winkeltje in de buurt maar vind er geen. De wifi in de terminal werkt niet. Ik ga terug naar het hostel, mag daar wifi nog gebruiken. Judith komt afgelopen. Er is een bus! We haasten ons terug. Het is een dubbeldekker. Judith heeft plaats boven. Ik mag naast de chauffeur zitten. Ik trek foto van Puerto Caldera. Hij belt veel. We stoppen aan fruitkraampjes en een winkeltje. We halen brood. We komen in een file terecht. We staan stil. Het duurt maar. We gaan er eens uit. Ik wil in de greppel pissen maar een trucker is er z’n handen in aan het wassen. Ik wil dat water niet besmetten. Ik mag naast z’n truck pissen, achter z’n voorste banden, is de gewoonte zegt hij haha. We vinden een eindje verder een vuile WC voor Judith. Ik hou de deur tegen. Er zijn nog mensen die uitstappen. Er is een route naar San José maar via kronkelweggetjes die de bus niet mag nemen. De chauffeur mag niet van z’n chef. We leren een Franse kennen van Bordeaux, Mellie, en Amerikaanse homo van New York, Adam. We vertrekken samen te voet langs de file. Twee km verder komen we in het dorp Orotina. Een ouder koppel probeert een busje te regelen. Het lukt niet. Ik ga op de hoek van de straat staan. Duim omhoog. Het wordt door veel omstaanders weggelachen. Het geeft niet. Ik volhard. We moeten op tijd in Panama geraken. Rond 17:30 uur stopt er een busje. Het begint al donker te worden. Ik vraag aan de chauffeur ‘Quiere gagnar dinero?’ Ik heb z’n aandacht. Hij stopt aan de kant van de weg en belt naar z’n chef. Er komen twee collega's met busjes. Iedereen die de bus verlaten heeft kan mee. Chauffeurs rijden via Puriscal en Ciudad Colon. Kleine kronkelwegjes door de bergen. We wisselen voor San José van busje. Het andere gaat naar het centrum. Onze naar de luchthaven. We nemen er afscheid van Adam. Hij gaat naar het centrum. Er zijn geen loketten meer open in de inkomsthall. We leggen ons samen met de Franse, Mellie in een minder verlichte zijgang boven dicht bij de WC’s. Wat een dag!

    07/10: Ik ben eerst wakker. Een veiligheidsagent zegt dat het nog maar 23:30 uur is. Ik lig nog een uur te piekeren of we het wel zullen halen vooraleer weer in slaap te vallen. Judith wordt op tijd wakker. Ze maakt me wakker. Ik maak me snel klaar en ga naar de infodienst. Air Panama is nog niet open. De maatschappij Wingo heeft geen vlucht meer. Avianca vraagt 300 dollar per persoon. Uh nee. Ze tonen een Excel met alle gesloten routes doorgegeven door de overheid. Het zijn er veel. We zullen het er toch op wagen. Ik spoed me naar een bus. Ik ben net op tijd. Ik praat met chauffeur. Het is 800m wandelen naar station Caribeños. Ik vraag het paar keer als we wandelen. We herkennen het. We zijn er al geweest als we naar Guapiles gingen. Ik ren het laatste stuk. We halen de bus van 7 uur. We eten een broodje en empañadas als ontbijt. Chauffeur verzekert me dat wegen open zijn naar de oostkust van het land. Hij rijdt goed door. We zijn sneller in Guapiles dan de vorige keer. We halen een zak bananen. Het is nog een stuk naar Limon. Er zijn veel containeropslagplaatsen als we de stad binnenrijden. We nemen kort afscheid van Mellie als we uitstappen. We volgen twee mensen waar ik tegen sprak. Ik had één horen babbelen. We moeten naar hetzelfde busstation. We kunnen niet met dollars betalen. Ik heb te weinig Colones en betalen met kredietkaart mag ook niet. Judith let op de zakken. Ik ren naar de Pali. Een clochard spreekt me aan, negeren. Security zegt dat er geen automaat is. Wel aan de andere winkel. Ik ren terug. Er staat een mevrouw voor me. Het werkt niet voor haar. Voor mij gelukkig wel. We zijn mee. Het is precies een bus van De Lijn. We rijden langs de Caraïbische Zee. Mooi strand, palmbomen, verlaten. We rijden langs dorpjes. We zien bergen in de achtergrond. Het is warm, heel warm. Zweet enorm. Huisjes aan de grens zijn in rood, wit en blauw. De kleuren van de vlag. Ik zet me even als de bus stopt. Het is om te stikken. Judith gaat laatste Colones uitgeven aan chips en pepsi in winkeltje. We wandelen naar migratiedienst. Er spreekt ons alweer iemand aan. Er is airco in het gebouwtje. Mevrouw douanier zegt dat we taksen moeten betalen. Ik laat me even gaan. Ik ga mee met een gast. Ik wissel geld in winkeltje waar Judith chips gehaald had. Chinees, geen Spaans weer, zoals in Los Chiles. Ze zitten overal aan de grens. Ik betaal in een ander hokje. Judith heeft uitgelegd aan mevrouw douanier dat er corruptie was aan de grenzen van Nicaragua. Ze was blijkbaar overstuur door m’n reactie. Ik bied m’n excuses aan. We wandelen over een brugje. Rechts ligt een oude brug. De migratie van Panama ligt links. Meneer is zeer direct. Foto en vingerafdrukken. Het doet aan de USA denken. Een jonge gast wil ons in een taxi duwen. Nee we zullen wachten op een bus. Hij vraagt tip. Lap. Zomaar babbelen gaat hier dus niet. Man toch, ik vraag toch ook geen geld aan al de toeristen in Brugge die de weg vragen? De bus heeft airco. Er speelt een slechte film. We komen in Changuinola. Onverzorgd, grote winkels, voelt ook een beetje zoals de USA. Geen wifi. We willen geen rechtstreekse bus naar Panama City. ’s Nachts kan je het land niet zien. We nemen een bus naar David door Chiriqui. We kronkelen door de bergen. We zien links Bocas del Toro eilanden liggen. Mooi. Het is opnieuw een zeer groen land, uitgestrekt ook. Vier miljoen inwoners waarvan er vele op het platteland in paalhuizen wonen. Ik steek m'n hoofd buiten het raam tot de zon onder gaat. We komen aan in David. We moeten ons haasten. We vergeten waterfles die we al gebruikten vanaf Anchorage. Nooo! Chauffeur zegt dat het een gevaarlijke buurt is. Andere mensen bevestigen dit. We moeten taxi nemen naar de luchthaven. Ons plan was om er weer te slapen maar het is maar een klein luchthaventje precies. Er komt security piepen. Er is niemand anders. Hij legt uit dat de luchthaven sluit ’s nachts. We kunnen er niet blijven. Z’n chef zegt dat we misschien bij de brandweer ernaast terecht kunnen. Twee gasten halen ons in met hun fiets. Ik babbel, één ervan helpt. Hij praat met chef van de brandweer. Deze is kort. Hij laat honden blaffen en toont plaats waar we tent kunnen plaatsen naast baseballveld. We moeten morgen vroeg weg. Ze hebben training. Ik zet tent en was me aan kraantje naast hok waar Judith zeer dikke kakkerlak gespot heeft. Vandaag zijn we ferm vooruit geraakt. We moeten het zeker halen.

    08/10: We zijn wakker door de wekker. We ruimen alles op. We wandelen de lange straat af. Er rijden meer taxi’s dan gewone auto’s. Liften is niet mogelijk. We komen in het centrum. David is een vuil stadje. De zogezegde gevaarlijke buurt is een straat lang… Het was wederom overdreven Het duurt 5 minuten per persoon en gaat plots pak sneller. We moeten pas op de bus betalen. Airco staat hard. Ik vraag of ‘k nog een trui mag nemen, nee, Ok.. Mensen zijn zeer kort en kijken boos als je iets vraagt. Sommige vrouwen hebben typische jurken aan. Er komt iemand bandjes uitdelen op de bus. Het zal wel weer betalend zijn. Uitleg en ja hoor. Landschap is glooiend en groen. Weg is in perfecte staat. Veel voetgangersbrugjes over de snelweg. De meneer links van ons zit te rochelen. Normaal hier? We dommelen wat in slaap. Er klopt iemand op m’n schouder. Drie flikken, twee in training, op de bus. Ik geef ticketjes want had eerst niet door dat het politie was. Ze moeten paspoort hebben. Is Ok. We zijn beetje moe en kregelig door vermoeidheid. We stoppen aan een wegrestaurant. We halen empañadas en een bord rijst. We hebben nog een sausje bij ons voor er op hehe. We zien op 150 km van Panama City de Stille Oceaan eens piepen. Er liggen twee grote appartementsgebouwen aan de kust.

    Kommentare

  • 09Oct 2018

    15 Ciudad de Panamá 09.10.2018 Panama —

    Panama City, Panama

    Beschreibung

    We steken het uiterste van het Panamakanaal over via een brug. Er vaart juist een Chinees containerschip. Ik wil stoppen om een kijkje te kijken. Aargh stomme busreizen, ben het beu. Ik wil weer controle. Ook bij het binnenrijden van de busterminal hebben we slechts een glimp op de stad. Even stil tegen mekaar bij het uitstappen. Neem zakken. Moet nummertjes op kaartje tonen. Allemaal Amerikaanse eetketens, precies een mall. Er is wifi. We zoeken en vinden op welke luchthaven we moeten zijn. Tocumen. We nemen metrobus nadat we in winkel om koekjes gaan. Het is eigenlijk een gewone bus. We zien de stad nu goed. Het is een kakafonie van sloppenwijken, lelijke appartementen en afgelekte wolkenkrabbers. We rijden langs de zee als het donker wordt. Het is nog ver naar de luchthaven. Airco staat er keihard. We zetten ons. Ik lees wat op wikipedia over het kanaal. We gaan erna kipstukjes met paar frieten eten. We vergeten de Ocean Bag. Hij ligt er nog. Judith moffelt mariakoekjes naar binnen. We leggen ons achter de hoek naast een muurtje.

    09/10: Grond was keihard. Judith voelt zich alsof ze is uitgeweest als ze opstaat. We beslissen om niks te bezoeken vandaag. We zijn te moe en hebben centrum en kanaal gisteren vanuit de bus gezien. Er is niks van Panama City op google dat ons echt boeit. We verzamelen onze spullen en gaan terug om de hoek zitten. We eten crackers. Ik ga op sletsen naar buiten. Het is snikheet. Ik had beter een petje en zonnecrème aangedaan. We wandelen naar links waar de bus ons afgezet had. Ik passeer het stroompje Rio Tocumen waar de luchthaven waarschijnlijk naar genoemd is. Ik ga eerste straat rechts en schuil onder bomen. Ik passeer een miniwinkeltje. Het ziet er onverzorgd uit. 'k ga door een parkje en kom in halfverzorgde buurt. Ik zie bord “Rey” in de verte. Het is de supermarkt die we opgezocht hadden. Ik sla straatjes in maar ze lopen één voor één dood. Ik ga naar links en probeer op de grote baan te geraken. Ik passeer links een kruidenier. Het is weer een Chinees. Ik neem m’n tijd om prijzen te vergelijken en betaal met kleingeld. Het klopte perfect. Ik neem paar foto’s op terugweg. Airco van luchthaven is zeer welkom. Het is precies alsof ik in een frigo kruip. Judith zit nog naast de zakken. We hebben geen wifi meer, zucht! We berekenen uitgaven voor Midden-Amerika en vervelen ons. Ik begin zakken uit te pluizen. Weg natte kledij. Judith gaat naar buiten maar komt terug. Ze vindt het raar. Er staat politie. We zoeken samen een beter plaatsje. Links zijn ze nieuwe terminal aan het bouwen. We hangen kledij over een reling. Er komt één met veiligheidshelm nee schudden met z’n vingertje. We ruimen rustig op en gaan naar de rechterkant naar beneden. We vinden plaats naast bomen en afdalend rijvak. We eten brood met bonen. Begint het toch wel te regenen zeker. Rap opruimen en weer naar binnen. Ik leg me tegen een muur en val bijna in slaap. Er lopen twee jongetjes met vlaggetjes van Panama spelletjes te spelen. “Aqui fuego” alsof de vloer in de fik staat. Ze springen, vallen en huppelen als gekken in het rond. Hun verbeelding is fantastisch! Terwijl ik rust gaat Judith twee keer naar de balie van Avianca. Ze regelt dat onze bagage ingecheckt is zonder kosten en de boarding pass afgedrukt is. Water is bijgevuld. Judith doet moeilijk over het eten dat ik meeheb. Ze mist thuis een beetje. We zijn allebei enorm moe. We zetten ons weer boven naast de stoelen. Brood, tonijn en maïs. We proberen te slapen. Het lukt uiteindelijk. De politie maakt ons voor de tweede keer wakker in twee dagen.. “Pasaporte”. Mensen doen ook maar hun job maar toch.. Miljer. Nu ik toch wakker ben, gebruik ik wifi om map te updaten.

    10/10: We worden een paar keer wakker. We eten fruity cornflakes en maken zakken. We gaan in de rij, staan wachten. We moeten naar het rotmens dat haar job echt niet graag doet. Judith had haar gisteren ook al gesproken. Ze zegt dat we bewijs nodig hebben dat we Colombia zullen verlaten. Fuck! Judith gaat met tablet naar infostand boven. Ze probeert busticket te krijgen. Ik praat met het kutwijf. Ze wijkt voor geen meter. Ze verdwijnt en komt terug. Boete van 1000 dollar en 5000 dollar voor Avianca die wij ook zouden moeten betalen. We kunnen een vlucht boeken van 500 Dollar. No way... Ik vraag aan mensen of ik hun GSM mag gebruiken want geraken niet op wifi. Ik geraak op website van bussen die Judith al gevonden had op GSM van vriendelijke meneer. Meneer van Avianca die Judith gisteren geholpen had komt op Judith af. “Donde estan las moletas?” Oef! Hij helpt ons en geeft het kreng onder haar voeten. Hij zegt dat we gewoon iets kunnen boeken in de luchthaven van Bogota als douane daar moeilijk doet. We bedanken hem, de meneer waarvan ik GSM mocht gebruiken en de mensen van de infostand. We komen opgelucht aan de gate. De vlucht heeft 2 uur vertraging. Whatever. We eten chips op meteen wanneer we opstijgen. Ze komen langs met broodje, chips en drankje. Yay. We vliegen over een eilandengroep. De vlucht duurt maar 1 uur en 10 minuten.

    Kommentare